Geloof en democratie verbonden, yeah right

De ratio biedt steeds minder perspectief, schrijft minister Donner.

Ja ja. Democratie en vrijheid danken wij aan de Verlichting, niet aan de Tien Geboden.

In NRC Handelsblad van 12 juli 2006 las ik „de licht ingekorte rede die Minister Donner van Justitie onlangs heeft uitgesproken bij het in ontvangst nemen van het boek Zonder geloof geen democratie”. Dat laatste trof mij meteen al als vreemd. De democratie heeft zich bij ons kunnen vestigen niet dankzij, maar ondanks het geloof, dat bij iedere gelegenheid geprobeerd heeft de invoering van de democratie tegen te houden. Dat is de historische toedracht, waar een boek ondanks die titel niets aan kan veranderen. De titel is zo’n paralogisme dat populair is in de moderne theologie: keer alles om, noem zwart wat wit is, zeg met een stalen gezicht dat de leugen de waarheid is.

De strekking van minister Donners tekst is al even wonderlijk. Het is een eenmansgevecht tegen de rede; Donner stelt de ratio gelijk aan „der Geist der stets verneint” en hij noemt het iets dat „waarden en waarheid falsifieert”. Een worsteling ook met de taal, met „het moderne denken, gericht op individualisme, autonomie en rationalisme”, dat „steeds minder perspectief biedt”.

Bij het lezen van dit machteloze geploeter bekroop me zoals wel vaker de lust om het allemaal nog eens op een rijtje te zetten: de waarden waar onze samenleving op berust – vrijheid en democratie en rechten van de mens – vind je niet in de Tien Geboden. Onze normen en waarden danken wij aan de Verlichting. Gelijke rechten voor vrouwen, het afschaffen van de slavernij, van de doodstraf – daarover staat niets in de bijbel, niet in het Oude en ook niet in het Nieuwe Testament, zomin als over de ontoelaatbaarheid van rassendiscriminatie.

Geen religie die God ooit dankt voor nieuwe medische inzichten, doorbraken die de mensen bij duizenden het leven hebben gered; het is waar dat dit dan meteen de vraag oproept waarom God dat niet veel eerder heeft gedaan, een netelige vraag voor wie gelooft dat God de bron is van alle moraal.

De regel: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet als basis van de moraal, dat is niet een beginsel ontleend aan de religie maar aan de rede, de evolutie en het gezond verstand. Ik zeg niet dat denkbeelden uit de religie geen rol hebben gespeeld in de Verlichting, maar al de genoemde normen en waarden zijn stuk voor stuk actief door de godsdienst bestreden, verdacht gemaakt, immoreel genoemd, uit het onderwijs geweerd, van de kansel veroordeeld.

Daar zijn onbeperkt voorbeelden van te geven, waaronder ongelofelijke zoals het pleidooi van Paus Leo XII „die den geneesheren te Rome op hun verlangen, dat de inenting bij de wet mocht worden ingevoerd, geantwoord heeft dat men in dezen boozen tijd, nu zo weinig menschen in den Hemel kwamen, de kinderen het sterven niet beletten mocht.”

De ratio, dat wil zeggen de Verlichting, die in 200 jaar het leven van miljoenen mensen onvergelijkelijk veel meer heeft verbeterd dan het Godsgeloof in 2.000, wordt door de gelovigen systematisch belasterd, zoals hier ook weer door Donner („de ratio, die waarden en waarheid falsifieert”). Het is een onderdeel van de fantastische, krankzinnige, schaamteloze brutaliteit van de gelovigen om zichzelf voor te stellen als gewetensvolle dragers van de moraal, terwijl de bewijzen van het omgekeerde om ons heen voor het oprapen liggen. Gelovigen zijn op ieder moment bereid te liegen, te bedriegen en te moorden, namelijk wanneer God het vraagt, zoals Abraham bereid was zijn eigen kind te doden op Gods verzoek. Een voorbeeld dat in Nederland misschien wat beter wordt begrepen is hoe de Nederlandse wetgeving inzake euthanasie en abortus het Vaticaan er geregeld toe beweegt de meest fantastische leugens over Nederland de wereld in te sturen. In Nederland, schrijft van tijd tot tijd een kardinaal in de Osservatore Romano, in Nederland zijn de nazi’s aan de macht. Ouden van dagen in Nederland smeken om gespaard te worden en zijn hun leven niet zeker.

Zo is er zoveel, de pretentie dat het geloof in tegenstelling tot het atheïsme beschermt tegen ‘de eenzaamheid bij het graf’. Ik zwijg maar van het geknoei der gelovigen om te verhinderen dat de evolutietheorie wordt onderwezen. Het geloof maakt de mensen leugenachtig en onbetrouwbaar. De kop boven Donners betoog luidde: „Religie is nooit uit politiek weggeweest”. Nee, dat kun je wel zeggen.

Rudy Kousbroek is atheïst. Kreeg in 1975 de P.C.-Hooftprijs voor zijn essays.