Bert Bakkers heldendaad

Foto Cor Salverius HOORZITTING AFGHANISTAN Vandaag vond in de Thorbeckezaal van de Tweede Kamer een openbare hoorzitting plaats van de vaste commissies voor Buitenlandse Zaken en Defensie over de Nederlandse militaire bijdrage aan ISAF in Zuid-Afghanistan. D66 Kamerlid Bert Bakker was een van de deelnemers
Foto Cor Salverius HOORZITTING AFGHANISTAN Vandaag vond in de Thorbeckezaal van de Tweede Kamer een openbare hoorzitting plaats van de vaste commissies voor Buitenlandse Zaken en Defensie over de Nederlandse militaire bijdrage aan ISAF in Zuid-Afghanistan. D66 Kamerlid Bert Bakker was een van de deelnemers Dijkstra bv

Op 1 januari van dit jaar redde Kamerlid Bert Bakker (D66) een kind. Jennifer (9) zat toen – bleek later – al een week op een slaapkamer in het huis van haar ouders, bij wie ze van de rechter niet meer mocht wonen.

Jennifer zou alleen op Eerste en Tweede Kerstdag bij haar ouders zijn. De dag erna zou ze met de bus aankomen in Terneuzen. Daar wonen haar pleegouders Leona en Mauric Perotti. Maar Jennifer kwam niet. Haar pleegouders belden een medewerker van Bureau Jeugdzorg en die belde de politie. Een paar weken eerder, zegt Leona Perotti, had de vader van Jennifer gezegd: „Als wij haar niet mogen hebben, mag niemand haar hebben.”

De politie vroeg Leona en Mauric Perotti om een foto van Jennifer. Maar er kwam geen nieuws over het meisje en op zaterdag 31 december bedachten andere pleegouders, die Leona en Mauric Perotti kenden van een Yahoo-groep, dat ze e-mails moesten sturen naar Kamerleden. Dat deden ze de volgende ochtend – het onderwerp was: ‘meisje in gevaar’. De mail, van zo’n veertig pleegouders uit de internetgroep, werd verstuurd naar 51 leden van de Kamer. „Trekt u aan de bel alstublieft. Als dit kind nog te redden is.”

Bert Bakker was in de nacht van oud en nieuw om twee uur gaan slapen. Om tien uur was hij wakker. Hij las zijn e-mails, zoals elke ochtend. Hij dacht niet meteen dat er echt een kind in gevaar was, maar door de enorme hoeveelheid e-mails begon hij te twijfelen. En hij had die dag verder niks bijzonders te doen.

Hij belde staatssecretaris Clémence Ross (Volksgezondheid, CDA). Die zat, zegt Bakker, bij de buren een borrel te drinken op het nieuwe jaar. Ross belde de gedeputeerde in Zeeland die verantwoordelijk was voor de jeugdzorg, George van Heukelom van de SGP. Bakker denkt dat Van Heukelom in de kerk zat en toch zijn telefoon beantwoordde. In elk geval was het bijzonder, vindt Bakker, dat Van Heukelom op zondagochtend zijn telefoon aan had staan.

Die middag werden de pleegouders van Jennifer gebeld door een medewerker van jeugdzorg. De politie had opnieuw een foto nodig van het meisje. Om acht uur ’s avonds was Jennifer weer thuis. De politie had haar weggehaald bij haar biologische ouders. „Bert Bakker is onze held”, zegt Leona Perotti. In een e-mail op zondag 1 januari (om 22.19 uur, onderwerp: ‘Enorm bedankt’) schreven ze aan Bakker: „Jennifer hebben we in de armen mogen sluiten.” En: „Wij wensen u een goed een wijs 2006 toe en hopen dat D66 bij de gemeenteraadsverkiezingen in maart veel stemmen krijgt.”

Bert Bakker vindt niet dat hij een heldendaad heeft verricht. Het was toeval, zegt hij, dat hij die dag tijd had, dat Clémence Ross niet met wintersport was en dat de SGP-gedeputeerde bereikbaar was. Hij zegt ook dat hij dagelijks, of in elk geval wekelijks, e-mails krijgt met ‘noodkreten’. Bakker weet, zegt hij, hoe slecht Bureau Jeugdzorg vaak functioneert – uit eigen ervaring, zijn oudste dochter had jarenlang van die instantie hulp nodig. Dat maakte hem gevoelig voor de e-mails. Maar hij weet ook dat het niet zijn taak is om een oplossing te bedenken voor alle zielige gevallen waarover hij hoort. „Daar zijn Kamerleden niet voor.”

Leona en Mauric Perotti stemden bij de gemeenteraadsverkiezingen allebei op D66. Leona had dat vaker gedaan. Mauric niet, zegt Leona Perotti. „Hij deed het uit dankbaarheid.”

Dit is het derde deel van een serie.