Pinverbod soepeler voor Hofstadleden

De financiële sancties tegen enkele leden van de Hofstadgroep worden gedeeltelijk opgeheven. De ontheffingen zijn door minister Zalm (Financiën, VVD) na overleg met zijn collega Bot (Buitenlandse Zaken, CDA) verleend op humanitaire gronden.

Dit hebben beide ministeries vanochtend bevestigd. Sinds begin april mogen leden van de Hofstadgroep geen bankzaken doen, zoals een rekening openen. Ook mogen ze zich niet laten verzekeren.

Volgens een woordvoerder van Financiën gelden de maatregelen nog steeds, „maar in beperkte mate”. De ontheffingen zijn verleend aan sommige leden van de Hofstadgroep die hun straf al hebben uitgezeten. Niet alle verzoeken om ontheffing zijn gehonoreerd. Volgens de woordvoerder is gekeken naar de persoonlijke omstandigheden. „Mensen moeten in hun basisvoorziening kunnen voorzien.” Ze moeten bijvoorbeeld eten kunnen kopen. „Als je samenwoont met iemand die wel geld heeft en bankzaken kan verrichten, dan gelden de humanitaire gronden niet.”

Minister Zalm zal volgende week de Tweede Kamer inlichten. Tot dan wil het ministerie geen details geven. Negen leden van de Hofstadgroep werden in maart tot gevangenisstraffen tussen één en vijftien jaar veroordeeld wegens deelname aan een criminele organisatie met terroristisch oogmerk. Vier leden, onder wie Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh, zitten nu nog vast.

De sanctie van de ministers was gebaseerd op een resolutie van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties van september 2001. De advocaten van de leden van de Hofstadgroep beraden zich op juridische stappen tegen de sanctie.