Westerse beschaving op cruciale tweesprong

Het Westen moet zijn vertrouwen in de eigen kracht herwinnen. Anders dreigt onze beschaving ten onder te gaan, waarschuwen Richard Koch en Chris Smith .

In 1900 waren de meeste westerlingen vol vertrouwen, optimisme en trots over hun beschaving. Sindsdien heeft het Westen op economisch, natuurwetenschappelijk, militair, politiek en maatschappelijk gebied reusachtige vooruitgang geboekt. Maar dat vertrouwen is verdwenen.

Wij geloven niet meer in de denkbeelden die vroegere generaties ertoe aanzetten de wereld te verbeteren. Zes begrippen vooral hebben het Westen van eeuw tot eeuw steeds succesvoller, machtiger en aantrekkelijker gemaakt: het christendom, het optimisme, de natuurwetenschap, de economische groei, het individualisme en het liberalisme. Is de uiterste houdbaarheidsdatum van dat gedachtegoed verstreken?

Christendom

De westerse seculiere waarden – vooral de goden van het consumentisme – hebben de christelijke waarden overtroefd. Twijfel grijpt om zich heen, en de christenen zijn diep verdeeld. Maar misschien hoeven wij ons toch geen zorgen te maken. Het christendom heeft het Westen ingrijpend veranderd. Het was de eerste geïndividualiseerde, daadkrachtige zelfhulpbeweging. Gewone mensen werden aangespoord om hun leven in het reine te brengen en kregen daarbij hulp van God. Iedereen had een ‘ziel’; de waardigheid en de verantwoordelijkheid van de individuele mens werden er sterk door vermeerderd.

Tegenwoordig geloven velen van ons niet meer in de ziel of in Christus. Maar in de boodschap van het christendom geloven wij allen tot op zekere hoogte nog wel. Wij geloven dat wij een zelf hebben, zoals wij ook armen en benen hebben. Nu de idee van de ziel veilig is omgevormd in de idee van het zelf, heeft het christendom het Westen blijvend veranderd. De moderne zelfhulpbeweging is de beste illustratie van de meest essentiële christelijke vernieuwing: persoonlijke verantwoordelijkheid. De crisis van het christendom is geen gevaar voor het Westen. De aanvallen op de andere vijf begrippen zijn dat wél.

Optimisme

De betekenis van het optimisme als drijfveer achter succes – van individuen, van hele beschavingen – is bijna volkomen over het hoofd gezien. Het optimisme stamt af van drie Griekse en christelijke ‘mythes’: de mythe van de autonomie, de mythe van de vooruitgang en de mythe van de goedheid van de mens. Uiteindelijk is de schepping goed, net als de mens – Gods schepping.

Wij geloven niet meer dat de mens goed is. Na 1760 hebben slechte helden – egoïstische, amorele of immorele mensen – hun intrede gedaan in onze verhalen. De afgelopen eeuw heeft het sombere beeld van de aard van de mens bevestigd, met de ideeën van Freud, met Stalin, Hitler, Mao, twee wereldoorlogen, met gruwelijke, afgrijselijke samenlevingen. Een verzwakt mensbeeld heeft die verschrikkingen in de hand gewerkt.

Maar het optimisme en het pessimisme zijn fictie, geen feiten. Alleen als wij het geloof in de goedheid van de mens hervinden, kunnen wij weer verder bouwen aan een betere wereld.

Natuurwetenschap

De natuurwetenschap is bij uitstek westers. Ze is voortgekomen uit het geloof in een volmaakte, rationele Schepper, en in ons vermogen om het volmaakte universum dat God geschapen heeft, te doorgronden. Sinds 1900 hebben wij ons vertrouwen in de natuurwetenschappen verloren. Bijgeloof en hocus-pocus alom. De wetenschap lijkt bizar te zijn geworden. Ze voert ons een verbijsterend, ondoorgrondelijk universum voor ogen, dat wordt beheerst door mysteries, onzekerheid en blind toeval. Ook hebben de natuurwetenschappen hun kwalijke zijde laten zien: monsterachtige wapens, een vergiftigde planeet.

Toch is de natuurwetenschap in wezen nog altijd goedaardig en rationeel. Hoe bizar de microwereld ook is, wetenschappelijke onderzoekers gaan nog altijd wetenschappelijk te werk, op basis van rede en onderzoek. Het is allemaal moeilijker te doorgronden, maar logica en onderzoek zijn nog altijd het ‘Sesam open u!’. Wij kunnen ons vertrouwen in de rede en de natuurwetenschap niet opgeven. De beste vormen van beschaving zijn er volkomen op aangewezen.

Groei.

De verbijsterende economische opmars van het Westen in de afgelopen duizend jaar, en speciaal in de afgelopen tweehonderd jaar, heeft de mensheid tot een ecologisch succes gemaakt, en het Westen tot overheerser. Ongekende overwinningen zijn behaald op honger en ziekte. Maar als de niet-westerse landen uiteindelijk het westerse consumptieniveau zouden bereiken, zou de schade aan het milieu twaalfmaal zo groot worden. Dat kan de planeet niet aan. Gelukkig is er een nieuwe factor in opkomst: de ‘gepersonaliseerde economie’, die draait op verbeelding en intellect, niet op kapitaal en hiërarchie. Groei kan tegenwoordig steeds meer ‘gewichtloos’ zijn – wij verbruiken meer software en diensten dan stukken metaal. De afgelopen eeuw is de Amerikaanse economie vertwintigvoudigd, maar het gewicht van de productie is ruwweg hetzelfde gebleven. Om een ecologische zelfmoord af te wenden is een groei nodig die veel minder eindige grondstoffen verbruikt.

Individualisme

Dit is altijd het opvallendste kenmerk van het Westen geweest. Nu maken velen in het Westen zich zorgen over het individualisme. In onze sterk atomistische samenleving kun je je gemakkelijk een mislukkeling voelen. Alle beschavingen hebben selfmade mensen gekend; die van ons is de eerste die ertoe heeft geleid dat miljoenen zichzelf juist gesloopt hebben. Maar zelfzuchtig individualisme is een recente ketterij, een contradictie. In het verleden placht het individualisme te leiden tot een hoger peil van persoonlijk gedrag, met gemeenschapsvorming, met leiderschap. Dat eisen wij nu niet meer. Als wij van onze leiders, onze rolmodellen en onszelf geen werkelijk verantwoordelijk individualisme eisen, valt onze beschaving uiteen.

Liberalisme

Het grootste gevaar voor het Westen wordt gevormd door de aftakeling van het liberalisme, en door de ‘liberale imperialisten’ en neoconservatieven die in Amerika zoveel te vertellen hebben.

Ook door de ‘ultraliberalen’, de relativisten volgens wie er niets bijzonders is aan de westerse liberale samenleving, die de persoonlijke verantwoordelijkheid ontkennen en de ‘slachtoffermentaliteit’ in de hand werken. De grootste bedreiging voor het liberalisme is dat maar weinigen er nog vurig in geloven. De successen hebben zijn aantrekkingskracht ondermijnd.

De westerse beschaving staat op een tweesprong. De ene weg voert naar cynisme, agressie, onverschilligheid, neoconservatisme en ultraliberalisme. De andere leidt naar herstel van wilskracht, van vertrouwen in onszelf en onze cultuur, naar eenheid binnen en tussen Amerika en Europa, naar een samenleving van individuen die worden bijeengehouden door zelfverheffing, streven, optimisme, redelijkheid, mededogen, gelijkheid en een gedeelde identiteit. De keuze van de weg zal bepalen of onze beschaving ten onder gaat of dat zij haar bestemming bereikt.

Richard Koch en Chris Smith zijn respectievelijk publicist en voormalig Britse minister van Cultuur. Ze schreven samen ‘Suicide of the West’.

    • Chris Smith
    • Richard Koch