Moordende mariniers

Bij een aanslag in Irak in 2005 kwamen 24 burgers om.

Zij waren wellicht slachtoffer van de wraak van Amerikaanse mariniers.

Videobeelden die zijn geschoten in het lijkenhuis van Haditha. In november werden daar de lijken verzameld van Irakezen die waarschijnlijk slachtoffer zijn geworden van Amerikaans legergeweld. Foto’s Reuters An image taken from file footage shot on November 19, 2005 shows a body being carried from a morgue after an incident in Haditha, about 140 miles (220 km) northwest of Baghdad. U.S. Marines could face criminal charges, possibly including murder, for their involvement in the deaths of up to two dozen Iraqi civilians in Haditha last November, a defense officials said on May 26, 2006. The investigation involves a November 19, 2005 incident in Haditha, about 140 miles (220 km) northwest of Baghdad. REUTERS/Reuters TV/Files Reuters

Congresleden en hoofdredactionele commentaren durven de vergelijking al te trekken. ‘Haditha’ zal op den duur net zo’n negatieve connotatie krijgen als ‘Abu Ghraib’ (Irak, 2004) of ‘My Lai’ (Vietnam, 1968). Binnenkort zullen mensen bij Haditha denken aan de Iraakse stad waar Amerikaanse mariniers op 19 november 2005 een moordcampagne uitvoerden tegen 24 onschuldige burgers. Het Pentagon doet twee onderzoeken naar de zaak. Een naar „mogelijk wangedrag door Amerikaanse mariniers”. Het andere naar de vraag wie het schandaal probeerde te verhullen.

Een reeks onthullingen in de Amerikaanse pers maakt echter steeds beter duidelijk wat er destijds in Haditha is gebeurd. Uit een artikel, eind maart, in het Amerikaanse tijdschrift Time en reconstructies in The Washington Post, LA Times en The New York Times blijkt dat mariniers waarschijnlijk door het lint gingen nadat ze bij een bomaanslag op hun konvooi een 20-jarige collega verloren.

De bomexplosie langs de kant van de weg deed die novemberochtend ook de familie Waleed abrupt ontwaken. Zoals vaker gebeurde, was vlakbij hun huis in Haditha weer een bom ontploft. Direct na de klap hoorde Eman Waleed (9) schoten, vertelt het meisje in Time. Even later kwamen Amerikaanse mariniers het huis binnen „schreeuwend in het Engels”. Ze gingen de kamer van haar vader binnen. Er klonken weer schoten. Eman zag haar opa neergeschoten worden. „Eerst in de borst, daarna in het hoofd.” Ook Emans vader, moeder, oma, broer en twee tantes stierven die avond door Amerikaans geweervuur.

De Waleeds waren niet de enige slachtoffers. Direct na de aanslag hadden de mariniers al alle vijf inzittenden van een naderende taxi doodgeschoten. En later vielen ze nog drie woonhuizen binnen om ten minste tien bewoners in ‘koelen bloede’ dood te schieten. Time kwam op de hoogte van de wraakcampagne dankzij videomateriaal van een Iraakse student journalistiek. Die filmde de dag na de aanval de huiskamers waar het bloed nog aan de muur zat.

De onthullingen in de pers staan in schril contrast met de officiële lezing die het korps mariniers aanvankelijk uitgaf: „Een Amerikaanse marinier en vijftien burgers zijn gisteren gedood door de ontploffing van een bom langs de kant van de weg in Haditha. Meteen na de bomexplosie vielen schutters het konvooi aan met kleine wapens. Iraakse militairen en mariniers beantwoordden dit vuur, daarbij werden acht rebellen gedood en raakte een andere gewond.”

Geconfronteerd met de beelden stelde de recherchedienst van het korps mariniers in eerste instantie dat de schuld voor de burgerdoden duidelijk bij de opstandelingen lag. Die zouden zich verschanst hebben tussen de woonhuizen, daarmee de burgers in het kruisvuur plaatsend.

Op de film van de student zijn aan de buitenkant van de woningen echter geen kogelgaten te zien. Dit zou er op duiden dat er na de aanslag op het konvooi helemaal geen schotenwisseling met rebellen plaatsvond.

Ook de ooggetuigenverslagen van de nabestaanden ondersteunen dit. En gisteren publiceerde The LA Times een interview met een 21-jarige marinier die deel uitmaakte van de compagnie. Hij maakte deel uit van de missie die de lijken uit de huizen moest halen. In zijn nachtmerries, zo vertelde de getraumatiseerde jongen, ziet hij een kinderhoofdje met kogelgaten aan zich voorbijtrekken.

Het Congreslid John Murtha vestigde de laatste weken aandacht op de zaak. Bij herhaling stelde hij dat de mariniers „in koelen bloede onschuldige burgers” vermoordden. Murtha is tegenstander van de oorlog in Irak, maar geniet als ex-marinier respect in militaire kringen – en is doorgaans goed geïnformeerd. Voorzitter van de verenigde chefs van staven Peter Pace stond maandag, op de militaire herdenkingsdag Memorial Day, onder zware druk om te reageren. Hij zei slechts dat de onderzoeksresultaten nog ‘weken’ op zich laten wachten.

Videomateriaal op www.pbs.org/newshour