Meer Bugaboos graag!

De Bugaboo is ook ooit begonnen als een simpele vinding van Max Barenbrug.

Uitvinders moeten leren dat een mooie vinding niet direct een commercieel succes is.

Wim Stenfert Kroese, uitvinder van de Energykeeper. Foto Walter Herfst 'n Spaarstekker? Mooi hoor! Maar waarvoor? Loopbaan: pagina 23 Rotterdam april 2006 Wim Stenfert Kroese, uitvinder van de Energykeeper. Foto: Walter Herfst Herfst, Walter

Marktonderzoek? Als uitvinder? Het past misschien niet in het romantische beeld. Maar dat zo’n onderzoek onmisbare informatie kan opleveren, ervoeren uitvinders Wim Stenfert Kroese en Max Hilhorst. Zij ontwierpen de Spaarstekker, een apparaat dat ervoor zorgt dat er geen elektriciteit ‘weglekt’ wanneer apparatuur uit staat maar wel is aangesloten op het elektriciteitsnet.

Twintig consumenten kregen bij het eerste marktonderzoek een apparaat om te testen. „Hieruit bleek dat veel mensen niet snapten waarvoor de stekker diende”, zegt Stenfert Kroese. „Een vrouw kwam zelfs terug met een gesmolten spaarstekker. Ze had de stekker gebruikt tussen haar strijkbout en het stopcontact, met het idee zo stroom te kunnen besparen. Dat kon het prototype niet aan.”

De uitvinders gingen terug naar de tekentafel en ontwierpen een gespecialiseerde spaarstekker, de EnergyKeeper voor computerapparatuur, die ook als bliksembeveiliger dient en apparatuur beschermt tegen hoge spanning op het net. De eerste duizend worden momenteel in China geproduceerd, eind juli komt het apparaat in Nederland op de markt.

Door duidelijk te maken dat het alleen voor pc’s geschikt is, verwacht Stenfert Kroese dat consumenten zich niet zullen vergissen. „Als iemand er dan toch zijn stofzuiger op aansluit, is dat zijn eigen schuld.”

Marktonderzoek hoort bij de goede voorbereiding die een uitvinding uiteindelijk succesvol kan maken. Net als octrooionderzoek, technisch onderzoek en een ondernemingsplan. Maar dat is niet voor iedereen gemakkelijk. „Uitvinders zijn creatieve, vaak licht chaotische mensen”, zegt directeur Wouter Pijzel van de Nederlandse Orde van Uitvinders (Novu). „Ze zijn doorgaans niet zo communicatief en vaak niet erg commercieel ingesteld.”

Dat is lastig, vooral wanneer je een prachtige vinding hebt gedaan maar niet weet hoe je die ook succesvol op de markt kunt krijgen. De Novu begeleidt Nederlandse uitvinders in het proces om van een idee een uitvinding te maken waaraan ze kunnen verdienen. En met succes. Verschillende Novu-leden hebben inmiddels hun vindingen weten te slijten. De bekendste daarvan is Max Barenbrug, de man achter de immens populaire kinderwagen Bugaboo. Maar van alle ideeën die de Novu voorbij ziet komen, wordt slechts tien tot twintig procent een echte vinding.

De eerste fase is cruciaal, zegt Pijzel. „Een idee dat in je hoofd zit is nog geen vinding, daarvoor moet eerst voldaan worden aan een aantal voorwaarden.” Octrooionderzoek is er één van. Een lastige klus, vooral als je niet weet waar en hoe te zoeken. Jojan van Zandwijk van Octrooicentrum Nederland zit twee dagen in de week bij de Novu om uitvinders te laten zien hoe ze zelf op zoek kunnen naar octrooi-informatie. „Een octrooi aanvragen is erg duur, al snel enkele duizenden euro’s”, zegt ze. „Als na je aanvraag blijkt dat je vinding al bestaat, ben je dat geld kwijt.”

Blijkt het idee origineel, dan moet gekeken worden of het ook werkt. Daarom volgt er een technisch onderzoek, vaak in de vorm van een prototype. Dat hoeft niet mooi te zijn of veel geld te kosten, als het technisch maar klopt. Een marktonderzoek en ondernemingsplan zijn de volgende stappen. „Daar hikken veel uitvinders echt tegenaan, terwijl het eigenlijk niet zo veel voorstelt”, zegt Pijzel. Een ondernemingsplan is nodig om investeerders of een marktpartij te interesseren. Banken zullen niet snel geneigd zijn om geld te pompen in innovatieve bedrijven. „Maar er zijn genoeg informal investors die het leuk vinden om risicovol te beleggen en die wat omhanden willen hebben.”

    • Karin Quint