Lost Boys raken wilde haren kwijt

Lost Boys is sinds gisteren een nieuwe partner rijker met het Zweedse Framfab

Het internetbedrijf heeft nu grote, serieuze klanten die een solide internetbedrijf eisen

De cactus blijft het symbool van de Lost Boys in Nederland, maar wordt niet het logo van het nieuwe bedrijf. Foto Bram Budel Feedback alley in het kantoor van Lost Boys. Op de scheidingswand hangt recent werk van het bureau medewerkers kunnen commentaar geven op het gepresenteerde werk. De cactus is het logo van het bedrijf. FOTO: BRAM BUDEL Budel, Bram

Lost Boys is weer een beetje minder het wilde internetbedrijf geworden, waardoor het in de jaren negentig in Amsterdam zo befaamd was. Gisteren stemden de aandeelhouders in met de fusie met het kleinere, Zweedse bedrijf Framfab.

Volgens operationeel directeur Theo Cordesius wordt de samenvoeging van Framfab en LB Icon, het bedrijf waar Lost Boys sinds 2001 deel van uitmaakt, marktleider in Europa als het gaat om webmarketing. Het nieuwe bedrijf, waarvan de naam pas later bekend gemaakt zal worden, wil een serieuze Pan-Europese speler op de markt voor internetmarketing en -advies worden.

Dat klinkt grijs. Maar dat past wel weer bij de flats, bedrijfspanden en bouwmarkten in de omgeving van het kantoorgebouw waar Lost Boys zich een aantal jaren geleden heeft gevestigd. Wie bij Diemen op dat al even grauwe kantoor afloopt, bekruipt het gevoel dat het bedrijf de hipheid waar het beroemd om was definitief moet hebben verloren.

Maar bij binnenkomst verandert dat. In de kantine op de begane grond staan oranje en felgroene stoelen en banken. De potjes pindakaas en pakken Venz-hagelslag op elke tafel lijken een statement: hier heerst nog steeds de speelsheid uit de gloriedagen van de dotcomtijd. Achter de kantine staat een houten bar waar elke vrijdag wordt geborreld.

In de lift naar boven vertelt Cordesius dat de verhuizing van de Herengracht naar deze buitenwijk langs de A10 was ingegeven door ruimtegebrek en kostenbesparing. Maar de inrichting van het pand moest wel recht doen aan de creatieve sfeer die het bedrijf koestert. De jonge werknemers achter bureaus met beeldschermen en cactussen erop – de plant is sinds de oprichting het Lost Boys-logo – ontspannen zich tussen het werk door achter de computerspelmachine of de tafelvoetbaltafel. Op de bovenverdieping klinkt luide muziek.

Dat LB Icon de laatste jaren laveert tussen pragmatisme en creativiteit is niet alleen te zien aan het bedrijfspand, maar ook aan de twee mannen die namens het bedrijf het woord doen. Oprichter en ‘actief commissaris’ Michiel Mol is jong en praat enthousiast over de snelle veranderingen in de internetwereld.

Cordesius is ouder. Als het gaat over de creatieve werknemers van Lost Boys, zegt hij ‘zij’ in plaats van ‘wij’. Over het werken met luide muziek: „Dat hebben ze nodig, zo doen zij dat.” En: „Dit bedrijf heeft nu een goede combinatie van ondernemende, creatieve mensen en van saaie mensen die op een efficiënte operatie en de cijfertjes letten”.

Het letten op de cijfertjes heeft er voor gezorgd dat LB Icon zich de laatste paar jaar gestaag heeft ontwikkeld tot een gezond, winstgevend bedrijf. Dertien jaar geleden begon Lost Boys met het maken van spelletjes op de reeds vergeten cd-i. Het bedrijf groeide daarna onstuimig, werd icoon van de Nederlandse internet-scene, maar leed aan een gebrek aan structuur en professionaliteit.

De kentering kwam na het barsten van de internetzeepbel in 2001. Puinruimers Cordesius en de Amerikaanse topman Robert Pickering maakten hun opwachting en saneerden het bedrijf. Voor sommige oud-werknemers raakte de lol er vanaf toen resultaten opeens belangrijker werden en het bedrijf uitbreidde met minder creatieve, ondersteunde krachten. Zij vertrokken.

Lost Boys nam het Zweedse Icon Medialab over. Daardoor ontstond het huidige LB Icon dat inmiddels een omzet heeft van een kleine 100 miljoen euro, 800 werknemers in 7 landen en klanten als Unilever, KLM en Volkswagen. Dergelijke opdrachtgevers die internationaal actief zijn, werken liever met één bureau in al die landen dan met verschillende. Vandaar nu weer de schaalvergroting door met Framfab te fuseren. Klanten als de KLM halen miljoenen euro’s aan omzet binnen via hun website en willen een groot en solide bedrijf dat die site beheert. Mol: „Door onze internationale aanwezigheid en beursnotering weten klanten dat we er over zes maanden nog zijn. De tijd dat we concurreerden met een jongen op een zolderkamer, is echt voorbij.”

LB Icon zelf is selectiever geworden in het kiezen van opdrachtgevers. Het bedrijf wil alleen nog langdurige relaties met grote klanten, waarbij de website onderdeel is van een marketingplan voor de lange termijn. LB Icon heeft vergeleken met een paar jaar geleden minder klanten, maar wel meer omzet.

Het werken voor grote opdrachtgevers heeft als voordeel dat het nieuwe werknemers aantrekt. De prijzen die het bedrijf bijvoorbeeld won voor de ontwikkeling van de Chatman van het mobiele telefoonmerk Hi, werden gebruiks in de eigen wervingscampagnes. In de hoogtijdagen van de internethype was het trekken van talentvol personeel Lost Boys’ grootste zorg. Maar de tijden van schaarste op de arbeidsmarkt zijn voorbij.

Het fusiebedrijf streeft naar een autonome omzetgroei van zo’n 10 procent per jaar en wil daarnaast overnames doen. Bijvoorbeeld van technologiebedrijven met een specialisme dat het bedrijf zelf nog niet in huis heeft, zoals streaming video (filmpjes via internet). Of in landen waar het bedrijf ook na de fusie nog niet zit, zoals Frankrijk. En, vertelt Cordesius, soms zijn er opdrachtgevers die vragen of LB Icon mee gaat als ze zelf naar een bepaalde regio willen, zoals Dubai of Abu Dhabi. Abu Dhabi? „Ja, de reis- toerisme- en transportsectoren zijn erg in die regio geïnteresseerd. En dat zijn ook de bedrijven die zaken doen via internet.”

Het nieuwe bedrijf wil ook nieuwe, grote klanten aantrekken. Mol heeft een verlanglijstje. „Richard Branson, met zijn Virginmerk, dat zou fantastisch zijn. En verder alle grote, vernieuwende consumentenmerken. Coca-Cola, Disney.” Voor Cordesius maakt het minder uit: „Alle klanten zijn mij even lief.”

    • Elske Schouten