Gelukkig is Ollanta Humala ‘nieuw’

Na Venezuela en Bolivia is nu ook Peru in de ban van een links-nationalistische en populistische kandidaat. Humalistas hebben genoeg van de armoede, zo blijkt uit een rondgang.

Een indiaanse vrouw in de Peruaanse stad Ayacucho zit onder een verkiezingsposter van Ollanta Humala. De links-nationalistische presidentskandidaat geniet grote populariteit op de arme hoogvlakte van Peru. Zijn tegenstander Alan García is vooral populair in de hoofdstad Lima. Aankomende zondag zijn verkiezingen in het Zuid-Amerikaanse land. (Foto AP) An indigenous woman sits under posters of presidential candidate Ollanta Humala in Ayacucho, some 200 miles south east of Lima, Monday, April 10, 2006. With 71 percent of ballots counted from Sunday's first round presidential election, Humala, a nationalist retired army officer, was the winner among the mostly Quechua-speaking inhabitants in the country's Andean region. (AP Photo/Karel Navarro) Associated Press

TARAPOTO, 31 MEI. - Sappig groen oogt het in de streek rondom Tarapoto. Op de goeddeels kaalgekapte heuvels grazen koeien. Een man daalt met zijn ezel beladen met sprokkelhout af tussen de palmbomen. Beneden bukken mensen op de rijstvelden.

Toch verhult het vredig ogende Peruaanse plattelandsdecor een conflictueuze werkelijkheid. „We staan hier aan de rand van een burgeroorlog”, zegt Israel Gálvez onomwonden. De secretaris van de partij van de Peruaanse presidentskandidaat Ollanta Humala in de provincie San Martín schetst in het bondskantoor een grimmig scenario.

Neem nou die rijstteelt. De belangrijkste landbouwactiviteit in de regio. „Onze boeren krijgen 14 dollar voor een zak van vijftig kilo. De productiekosten zijn zestien dollar. Er wordt hier na harde arbeid verlies gemaakt. En wat doet onze heersende corrupte klasse? Die willen een vrijhandelsakkoord met de VS zodat de gesubsidieerde Amerikaanse boeren hun rijst voor 8 dollar per zak hier kunnen dumpen. Dat is onacceptabel.”

De 43-jarige voormalige legerkolonel Ollanta Humala strijdt zondag tegen de voormalige president Alan García om het presidentschap van het 28 miljoen inwoners tellende Peru. Vooral dankzij steun in de dichtbevolkte hoofdstad Lima maakt volgens de peilingen García de meeste kansen. Maar buiten de steden geniet Humala de voorkeur. Hij profileert zich in navolging van regionale linkse nationalistische populisten als Hugo Chávez in Venezuela en buurman Evo Morales in Bolivia succesvol als spreekbuis van de verpauperden.

De kampen van García en Humala staan in Peru steeds heetgebakerder tegenover elkaar. Het begon met uitschelden, het gooien van eieren, tomaten en stenen. Maar afgelopen donderdag tijdens een manifestatie in Cuzco schoten aanhangers op elkaar. García voert campagne met een wond op zijn rechterwang, vrucht van een bekogeling. De kiescommissie heeft gisteren dringend opgeroepen de kalmte te bewaren. Peru dreigt in tweeën te scheuren.

Uit een rondgang langs de supporters van Ollanta – de Humalistas – blijkt dat de messen worden geslepen. „Als Ollanta niet wint, moeten we nog vijf jaar in totale misère leven en dat kan niet. Dan gaan we de straat op om verandering af te dwingen. Anders blijven we slaven van de Apra (partij van García, red.)”, zegt de gepensioneerde lerares Carmela Vera Valdez in Chachapoyas, een mooie statige stad op de hoogvlakte van de provincie Amazonas.

„De oude politici hebben ons voortdurend bedonderd. Daarom zullen we nu voluit strijden om eindelijk af te rekenen met de armoede”, zegt Sonia Villegas die een boekenwinkeltje heeft in Chachapoyas. Ze organiseerde het afgelopen weekeinde een bingo om geld op te halen voor de Ollanta campagne.

Israel, Carmela en Sonia wisten tot enkele maanden geleden niet eens van het bestaan van Ollanta Humala. Maar op de golf van de linkse omwenteling die in Latijns Amerika gaande is, wist Humala met zijn betoog tegen de VS en vóór het harder aanpakken van buitenlandse bedrijven en de blanke rijke bovenlaag in zijn land in recordtempo politiek te scoren. In elk boerendorp hangen nu de posters waarop Ollanta samen met zijn echtgenote de Peruanen „een toekomst voor iedereen” belooft.

Het is vooral de chronische armoede die de Peruanen doet kiezen voor de kandidaat die zich tegen het in zijn ogen totaal corrupte establishment keert. Sonia Villegas opent iedere morgen om acht uur de winkel die ze samen met haar man exploiteert. Als ze om negen uur ’s avonds de deur sluit, heeft ze doorgaans voor 5 dollar verkocht aan kookboeken en religieuze literatuur. „Maar de kosten voor de huur van dit pand zijn drie dollar per dag. En de verkoop is de laatste tijd nog dalende ook”, zegt Sonia met een snotneus van 14 maanden op schoot. Ze heeft nog twee oudere kinderen.

Carmela Vera Valdez krijgt een pensioen van bijna 300 dollar per maand. Van dat geld moet ze zorgen voor haar 90-jarige moeder en haar drie volwassen, inwonende kinderen. Haar dochter van 23 heeft bovendien net een kind. „Ze werd zwanger van een hoge ambtenaar die nu niets meer van haar wil weten. Zo gaat dat hier. We leven in een onrechtvaardige wereld.”

Maar gelukkig is Ollanta nieuw. Ollanta gaat het allemaal anders doen. En Ollanta maakt Peru van vreemde smetten vrij, zo hoor je steeds. Partijbons Israel Gálvez heeft het bijvoorbeeld allerminst begrepen op Chili. De nationalisten zijn het nog steeds niet vergeten dat de zuiderbuur in de 19de eeuw Peruaans grondgebied buit maakte. „Chili is bezig om ons te doden. Niet met kogels maar door hier alles op te kopen. Ollanta gaat aan die invasie een einde maken.”

En vaak zijn de plattelanders in Peru pragmatisch nuchter. „Uiteindelijk zijn allebei de presidentskandidaten waardeloos”, vertelt koffieteler Andrés Burgos in Jepelacio. Zo is het altijd in Peru. Maar toch zal hij stemmen op Ollanta. „Die man houdt van normen en waarden en zal ons beschermen.”

Burgos maakt deel uit van de burgerwacht in Jepelacio. De boeren bewaren zelf de orde in hun gebied. Vooral nu, in de tijd van de oogst, beroven onverlaten de koffietelers die net geld hebben gebeurd. „Alan heeft gezegd dat we geen wacht kunnen lopen. We zouden het recht niet in eigen hand mogen nemen. Maar wij willen gewoon in een fatsoenlijk land leven”, zegt Burgos. Alle koffieboeren stemmen zondag op Ollanta, verzekert hij.

Twee van hen bemannen deze namiddag een slagboom op de toegangsweg naar Jepelacio. Op het wachthuisje staat de lijfspreuk geschilderd. „Gerechtigheid voor de armen.”

    • Marcel Haenen