‘Sicilianen houden niet van moraalridders’

De regionale verkiezingen in Sicilië zijn niet uitgelopen in een revolutie tegen de maffia. Meer dan de helft van de Sicilianen koos de omstreden Totò Cuffaro opnieuw tot hun president.

Bas Mesters

Een zuinig applausje weerklinkt als antimaffiakandidaat Rita Borsellino haar hoofdkantoor midden in een volkswijk van Palermo binnenkomt. Omringd door camera’s erkent ze haar verlies. „Ja, het is niet helemaal goed gegaan. We moeten analyseren en begrijpen waar het aan heeft ontbroken. Maar laten we niet vergeten dat ook mijn tegenstander Cuffaro veel minder stemmen heeft gekregen dan de vorige keer.”

De zus van de veertien jaar geleden door de maffia vermoorde rechter Paolo Borsellino reageert geprikkeld op de constatering dat nu alles hetzelfde zal blijven in Sicilië. „Niets zal meer hetzelfde zijn in Sicilië! Het gaat om een culturele revolutie en die heeft haar tijd nodig.” Maar tijdens deze verkiezingen hebben volgens haar macht en geld nog het verschil uitgemaakt.

Haar rivaal Totò Cuffaro heeft haar dan al bedankt voor de „correcte wijze” waarop Borsellino campagne heeft gevoerd. „Hij heeft gelijk”, reageert ze ironisch. „Misschien had ik mijn stem meer moeten verheffen, maar dat is niet mijn stijl.” Ze doelt op haar strategie om Cuffaro niet hard aan te vallen op zijn vermeende maffiarelaties, maar hem vooral met inhoudelijke alternatieven te bestrijden.

Sinds ze zich zeven maanden geleden namens centrum-links kandidaat stelde, heeft ze 41 procent van de Sicilianen achter zich gekregen. Morgen, zegt ze, gaat ze vanuit de oppositie door met „haar missie van bewustmaking”.

Onder het raam waar ze de pers te woord staat, op de markt Il Capo, wordt duidelijk dat de ‘culturele revolutie’ van Borsellino nog lang niet is voltooid. In deze volkswijk, de natuurlijke basis voor linkse partijen, blijkt desgevraagd niemand op haar te hebben gestemd.

Vincenzo (35) is werkloos, maar verdient drie dagen per week dertig euro zwart als loopjongen. Hij heeft pikzwarte handen en hangt tegen een hek. „Ik heb op Cuffaro gestemd in de hoop dat hij iets goed doet in Sicilië. Ik hoop dat alle werklozen een baan krijgen.”

Straathonden doen zich tegoed aan het marktafval. Vervallen barokpanden hangen tegen de piekfijn gerestaureerde kerk aan. Rosalia, die haar achternaam niet wil zeggen, zit achter een kraam met tientallen flessen schoonmaakmiddelen. Ze wacht op klanten: „Cuffaro is onze president van Sicilië en ik hoop dat hij zich nog veel meer gaat inzetten voor Sicilië dan hij tot nu toe heeft gedaan.”

Ronkende brommers en motoren passeren in dit voetgangersstraatje. Piero, die producten komt afleveren, bagatelliseert de vermeende maffiarelaties van Cuffaro ook al. „Ik heb het niet gehoord”, zegt hij eerst. En dan: „Als ik zou weten dat het waar is, dan zou ik niet op hem hebben gestemd. Maar aangezien ik weet dat het niet waar is, heb ik wel op hem gestemd.”

Borsellino, geconfronteerd met deze meningen, zegt dat „Sicilianen zich graag aan de kant van de winnaar scharen”. Deze mensen hopen werk te krijgen in ruil voor een stem op Cuffaro. Volgens centrum-links werkt de maffia de ontwikkeling van Sicilië tegen, zodat de mensen afhankelijk en controleerbaar blijven. „Vrije verkiezingen zijn hier nog een toekomstdroom”, zegt ook maffiaonderzoeker Dino Paternostro.

Onderweg naar het hoofdkantoor van overwinnaar Cuffaro blijkt dat ook de taxichauffeur op hem heeft gestemd: „Cuffaro’s vermeende relaties met de maffia? Dat zijn zijn zaken.”

Voor het campagnekantoor aan de Via della Libertà, de Weg van de Vrijheid, loopt het verkeer vast. Cuffaro heeft een zeer intense relatie met het volk, zo blijkt. Hij is goedlachs, wat dikkig en heeft charisma.

„Sicilianen houden van een sterke, charismatische man en niet van de elitaire, radicale chic van centrum-links”, zegt plaatselijk televisiejournalist Dario Miceli. „Het volk houdt niet van mensen die je moreel de maat willen nemen, voordat ze met je in gesprek gaan.” In een situatie waar iedereen moet improviseren om te overleven, heeft men liever van doen met politici die zelf ook wat flexibeler zijn.

Als Cuffaro zijn overwinning heeft geclaimd en een typisch Palermitaans broodje met milt heeft verorberd, verklaart hij zelf waarom hij heeft gewonnen, en hoe zelfs het proces vanwege zijn vermeende maffiarelaties hem niet kon stoppen. „Ach, dat was vooral iets dat naar voren is gebracht door de massamedia die allemaal tegen mij zijn. De Sicilianen zijn wijs genoeg om dat te doorzien. Ik ben blij dat ze me opnieuw hun vertrouwen hebben gegeven.”

Meer wil hij er niet over zeggen. „Vandaag praten we over politiek, niet over mijn rechtszaak. Dat is iets voor mijn advocaten en we zien wel hoe dat afloopt in de rechtszaal. Voor de rest lijkt het me duidelijk dat deze rechtszaak de Sicilianen werkelijk nauwelijks interesseert.”