‘Onze Hollandse superheld heeft kaashoofd’

Bij de Stripdagen is er een hoofdrol voor het stripcollectief Lamelos. Handelsmerk zijn melige superhelden zoals Augurkman en Pinautomaatman.

Scène uit de strip ‘Kaasheld en Poephoofd’ van Lamelos

Op het laatste moment brengt de uitgever van stripcollectief Lamelos een paar dozen met hun nieuwste boek Kaasheld en Poephoofd langs, dat later op de avond zal worden gepresenteerd. Tekenaar Jeroen Funke – gestoken in een tennisoutfit – stort zich op de dozen. Met een grote grijns houdt hij twee ruggen van hun eerste en tweede boek naast elkaar en wijst hij op gele en groene blokjes: „Ze zijn precies op de goede hoogte!” Dan gaan Jeroen Funke, Sam Peeters, Boris Peeters en Aleks Deurloo verder met het beprijzen van de schilderijen, zeefdrukken, beschilderde schoenen en andere objecten die worden geëxposeerd, voor de gasten over een half uur zullen binnendruppelen.

De strips die het viermanschap na de studie aan de kunstacademie van Kampen maakte, waren vooral bruisend en experimenteel. Nadat Lamelos werd opgepikt door een uitgever en de leden ook individueel aan de slag gingen als grafisch vormgevers en illustratoren, sluiten idee en uitwerking meer op elkaar aan. Lamelos’ uitgangspunt in het maken van strips, schilderijen en absurdistische optredens zoals poppenkastshows, is dat ze er zelf vrolijk van worden. „De vormgeving is meestal absurd en de kleuren zijn altijd fel. We moeten het zelf leuk vinden.”

Het collectief is hecht te noemen, want ze houden het al bijna tien jaar vol. Tijdens het gesprek maken de leden elkaars zinnen af of spreken ze elkaar juist weer tegen. De klassieke samenwerkingsvorm in de strip is die van scenarist en tekenaar. De een schrijft, de ander werkt het uit. Hoe maken zij met zijn vieren tegelijk een strip? Vooral nu zij alle vier verspreid door het hele land wonen.

„We komen regelmatig samen en vergaderen dan urenlang tot we steeds enthousiaster worden. Dan verdelen we wie wat gaat tekenen. Je kunt één voor één een plaatje tekenen, of dat de één de achtergrond maakt, de ander de personages. Soms berust de vorm op toeval. Als iemand eerder naar huis moet, dan moet hij het later maar inkleuren.”

Een van de grootste inspiratiebronnen is het VPRO-jeugdprogramma Rembo en Rembo. „Het zou geweldig zijn als over een tijdje mensen naar ons kijken, zoals wij terugkijken naar Rembo en Rembo. Er is nooit iets grappigers geweest dan dat. De naam Lamelos hebben we ook uit een aflevering van Rembo en Rembo. Een man staat in the middle of nowhere een hek vast te houden en roept steeds ‘lamelos’!”

De tekenaars laten zich vaak inspireren door werk van anderen en maken graag pastiches. Zoals in hun hun nieuwste boek, waarin ze onder andere een fraaie, maar deprimerende Chris Ware-strip bedachten en een strip maakten die sprekend op de Beatles-film Yellow Submarine lijkt. Vaste waarden in al hun strips zijn melige superhelden zoals Augurkman, Pinautomaatman en natuurlijk hun belangrijkste: Kaasheld en Poephoofd. Kaasheld heeft een groot, geel vierkant hoofd met gaten en figureert in vreemde situaties, samen met zijn side-kick Kaasplankje. „Superhelden kent iedereen. Die kunnen van alles en zijn nergens aan gebonden. Kaasheld is ontstaan bij de oprichting van het Politiek Incorrect Magazine, ‘PIM’. Wij bedachten de meest Hollandse superheld ooit met een hoofd van kaas en een Nederlands vlaggetje erop. Van daaruit ontstonden al die andere superhelden.”

Het gaat goed met Lamelos, want behalve hun nieuwe boek en expositie in Lambiek, spelen ze dit weekeinde een grote rol tijdens de Stripdagen Haarlem. Ze ontwierpen de huisstijl voor de Stripdagen te ontwerpen, maakten het affiche en de programmering voor de traditionele feestavond en krijgen een grote tentoonstelling. „Wat nog het mooiste is: we krijgen ons eigen Lamelosbier!”

Lamelos: Kaasheld en Poephoofd. Silvester, 48 blz, € 7,50. Expositie Lamelos in de olie. Stripantiquariaat Lambiek, Kerkstraat 132 Amsterdam. www.lamelos.nl

    • Gerard Zeegers