Zwaargewichten geveld

Nederlandse judoboegbeelden kampen met blessures in Finland.

Mark Huizinga en Dennis van der Geest willen nog niet denken aan afscheid.

De Russin Moskalyuk, in het blauw, drukt de Française Lebrun tegen de mat in de finale tot 78 kilo. Foto AP Nederlandse zwaargewichten geveld op EK Sport: pagina 13 Vera Moskalyuk of Russia, in blue at top, puts presure on Celine Lebrun of France during their -78kg series finals at the European Judo championships in Tampere, Finland, on Sunday May 28, 2006. Moskalyuk won the match after overtime. (AP Photo / Marja Airio, LEHTIKUVA) *** FINLAND OUT - NO THIRD PARTY SALES *** Associated Press

Als de ‘zachte weg’ betitelden de Japanse grondleggers judo, ontstaan uit jiujitsu. Maar voor menig topjudoka is de blessuregevoelige sport een lijdensweg. De routiniers Mark Huizinga (32) en Dennis van der Geest (30), twee boegbeelden van het Nederlandse judo, kunnen erover meepraten. Hoewel hun lichamen in hun carrière relatief ongeschonden bleven en beiden, mede daardoor, willen doorgaan tot en met de Spelen van Peking 2008.

Na de klap waarmee Huizinga tijdens de halve finale van de Europese kampioenschappen op de mat belandde, was het even doodstil in de ijshockeyhal in het Finse Tampere. Na een fenomenale worp van de Russische krachtpatser Ivan Pershin kwam Huizinga vol op zijn rechterknie terecht. Hopend op een een finaleplaats judode hij de partij nog wel uit. Tevergeefs, waarna hij zich afmeldde voor de strijd om het brons in de klasse tot 90 kilo en na tien EK-medailles op rij buiten de prijzen viel.

Huizinga wilde niet het risico lopen dat de – waarschijnlijk – ingescheurde binnenband helemaal zou afscheuren. „Als het om een olympische finale ging, zou ik zeggen: ‘Inpakken die handel en we zien wel waar het eindigt’. Maar brons op een EK is het risico niet waard’’, zei de viervoudig Europees kampioen zaterdag na zijn uitschakeling.

Een dag later bekeek Huizinga, met ingezwachtelde knie, vanaf de tribune de verrichtingen van zijn landgenoten. Onder wie zwaargewicht Van der Geest (+100kg), die nu ruim een jaar met een slepende liesblessure kampt en wiens deelname aan het toernooi al een klein wonder was. „Ten opzichte van jiujitsu is judo een zachte weg’’, glimlachte Huizinga. „Maar af en toe is het afzien. De revalidatieperiodes zijn nooit leuk.’’

Wat dat betreft was 2003 een moeilijk jaar. Huizinga brak zijn linkerwijsvinger die daarna ontstoken raakte en die hij niet meer kan buigen. Na de EK scheurde hij tijdens de training de binnenband van zijn linkerknie. Verder heeft Huizinga, en met hem vele judoka’s, een niet zo fraai ‘bloemkooloor’. Andere blessures tijdens zijn imposante loopbaan? „Een gescheurde kruisband in mijn linkerknie en wat kleine dingen, zoals een gebroken teen of een duim uit de kom.’’

Van der Geest heeft, uitgezonderd zijn chronische liesblessure, wat meer geluk gehad. „Ik bijna geen blessures gehad en ben altijd redelijk heel gebleven. Ja, ik heb nog mooie oren omdat ik meer op afstand judo’’, vertelde hij gisteren na zijn voortijdige uitschakeling. De tweevoudig Europees kampioen en regerend wereldkampioen (open klasse) somde wat ‘kleine dingetjes’ op zoals kneuzingen, een gebroken teen en een vinger uit de kom.

Verder nog iets? „Oh ja, ik heb mijn enkel een keer stukgetrapt tegen een Hongaar. Er was een botje gebroken. En ik liep een keer een tijdje met een band nadat ik een zware gozer met mijn nek had opgevangen.” Dat Van der Geest de ongemakken lachend relativeert, tekent zijn bereidheid om tot het uiterste te gaan voor zijn sport. Ondanks een voorbereiding die bestond uit kracht- en conditietraining – maar zonder judotraining om zijn lies te sparen – stapte hij gisteren de mat op. „Om weer eens lekker een potje te knokken.’’

Het getuigde van moed, gelet op zijn vaak kolossale opponenten zoals de Poolse reus Janus Wojnarowicz, van wie Van der Geest in zijn tweede partij verloor. „Natuurlijk was ik bang dat mijn liesblessure erger zou worden. Maar ik heb wel vaker gekke dingen gedaan’’, wees Van der Geest op de vorige EK. Ook toen was hij al geblesseerd aan zijn lies en had hij weinig judoritme, maar pakte hij wel brons. „Ik miste vandaag de scherpte en de power om zulke zware gasten als die Pool te gooien.’’

Daarmee bleef Van der Geest net als Huizinga van een medaille verstoken. En zo zijn er meer overeenkomsten. Beiden zitten in de herfst van hun topsportcarrière, hebben een imposante erelijst opgebouwd en willen van een afscheid nog niets weten. Ook al omdat ze de laatste jaren hebben bewezen, dat ze nog goed genoeg zijn om mee te strijden om de medailles.

    • Pieter de Vries