‘Brits rijk was bloedzuigend wreed’

De film waarmee Ken Loach de Gouden Palm heeft gewonnen, is een epos over de geboorte van het Ierse Republikeinse Leger. „Ik weet dat het haast ketters is in de cinema, maar ik vind verbale confrontatie óók dramatisch.”

Ken Loach vierde gisteren in Cannes het winnen van zijn eerste Gouden Palm. Foto AFP British director Ken Loach celebrates during a photocall after winning the Palme d'Or during the closing ceremony of the 58th edition of the Cannes International Film Festival on the French Riviera, 28 May 2006. British director Ken Loach won the Cannes film festival's top prize, the Palme d'Or, for his movie "The Wind That Shakes the Barley", which recounts Ireland's early struggle for independence. Loach, who turns 70 next month, has described the film as also being a critique of the US-led war on Iraq, with guerrillas seeking to oust an occupying military force. AFP PHOTO / JACQUES MUNCH AFP

Veel hoop had Ken Loach vooraf niet op een Gouden Palm. „Maar hij zou wel goed uitkomen”, zei hij in een interview dat hij vorige week in Cannes gaf. Zijn film The Wind That Shakes the Barley was, zei hij eerlijk, nog niet aan veel landen verkocht en een Gouden Palm betekent meer welwillende aandacht bij distributeurs en hogere prijzen voor de rechten. En als u hier niet wint, werd hem gevraagd. „Dan moeten we ons concentreren op het wereldkampioenschap voetbal.” Sinds gisteren kan het Engelse voetbalelftal ontspannen aan het WK beginnen: landgenoot Loach ontving gisteravond uit handen van actrice Emanuelle Béart de Gouden Palm, de belangrijkste prijs van het filmfestival van Cannes.

De 59-jarige Britse regisseur Loach, beige kleren en twinkelende bruine ogen achter een uilenbril, heeft een lange geschiedenis van politiek-geëngageerde films, zoals Ladybird Ladybird, Land and Freedom en Ae Fond Kiss. Zeven keer eerder deed hij mee in de hoofdcompetitie van Cannes. In alle opzichten past The Wind That Shakes the Barley in dat rijtje. Zijn epos over de geboorte van het Ierse Republikeinse Leger draagt een politieke boodschap uit en een gesprek met Loach en zijn scenarioschrijver Paul Laverty gaat dan ook meer over Irak, Nicaragua, Vietnam, Afrika, imperialisme, christendom en paternalisme, dan over vorm en techniek. De vraag of hij de lieflijkheid van het Ierse landschap in zijn film zo nadrukkelijk in beeld brengt om die te contrasteren met de wreedheid van de bezetting en de oorlog, wordt bijna met schouderophalen beantwoord: „Zo ziet het er daar uit. Dat is gewoon het land.” En dan gaat het alweer over het kolonialisme: „Met de bijbel in de ene hand en een geweer in de andere de rest van de wereld uitzuigen.”

De ontvangst van de film in Cannes, waar hij als eerste in de competitie werd vertoond, was beleefd waarderend. Men was het er in het algemeen over eens dat het een vakkundig werk was, maar dat de verbeelding ondergeschikt was gemaakt aan de inhoud. The Wind That Shakes the Barley gaat over de broers Damien (Cillian Muphy) en Teddy (Padraic Delaney) die strijden tegen de Britse overheersing van Ierland. Het Iers-Britse vredesverdrag van 1921 verdeelt hen hopeloos, zodat ze in de finale lijnrecht tegenover elkaar staan.

In deze film komen, net als in bijvoorbeeld Loach’ Land and Freedom, lange scènes voor waarin de hoofdpersonen discussiëren over de toekomst van Ierland en de voors en tegens van de voorgestelde vrede. Dat betekent dat de kijker daar in hoofdzaak meeluistert met gesprekken van acteurs over een bijna eeuwoude kwestie.

Daar toont u inhoudelijk zeer dramatische momenten in filmisch weinig dramatische setting.

„Ik weet dat het haast ketters is in de cinema, maar ik vind verbale confrontatie óók dramatisch. Dit conflict gaat nu eenmaal over ideeën. Dat is in beelden niet te tonen, die zijn daar te dubbelzinnig voor. Ik heb geprobeerd de personages niet te overladen met de geschiedenis.”

Het verdrag van 1921 splijt de Ierse gelederen: vechten ze door voor echte onafhankelijkheid, of kiezen ze voor vrede onder de Britse koning? Had u zelf getekend als u voor de keuze had gestaan?

„Ik denk van niet. Instinctief steun ik de treinmachinist die uitlegt dat de Ieren niet alleen voor hun vrijheid vochten, maar ook voor een bepaalde toekomst. Een socialistische toekomst. Aan de andere kant snap ik Teddy ook wel weer. Ze wilden zo graag dat er een eind kwam aan het bloedvergieten.”

Scenarioschrijver Paul Laverty valt in: „Dit vredesverdrag was de Britse elite op zijn meest cynisch. De latere held van de Tweede Wereldoorlog, generaal Montgomery, vocht in die jaren in Ierland. Hij zei: ‘We geven ze net genoeg onafhankelijkheid om elkaar te onderdrukken’.”

U schildert de Engelsen in de film wel heel zwart af.

„Meent u dat? Dat verwijt krijg ik vooral van Britse critici. Britten van een bepaalde maatschappelijke klasse willen maar niet inzien dat hun imperium bloedzuigend wreed was. Zij koesteren nog altijd de valse herinnering van een koloniale grootmacht die democratie, beschaving en welvaart over de wereld verspreidde.”

Laverty: „Labour-minister Gordon Brown heeft laatst in een toespraak gezegd dat het tijd is dat Groot-Brittannië ophoudt zich te excuseren voor zijn koloniale verleden. Het ligt in de aard van wereldrijken om de geschiedenis te herschrijven.”

Loach: „Als ik in een film over het verzet in Frankrijk had gemaakt en de nazi’s had voorgesteld als bad guys had niemand er wat van gezegd.”