Spotje

Albert Verlinde wordt verrast door de Belastingdienst

RECLAMEDUIVEL: Mulder en Bodar in Postbank-reclame Antoine Bodar en Jan Mulder in Postbank reclame

Ik voelde me de afgelopen week een beetje als de voetballer Kalou. Niet omdat ik zakte voor mijn inburgeringsexamen omdat Nederlands toch een moeilijker taal blijft dan iedereen denkt, maar omdat mijn naam en stem ineens ongevraagd opdoken in een reclamespotje.

Mijn moeder was de eerste die het opviel. 'Je kunt lekker met vakantie', sprak ze blij, 'wat een leuk spotje voor de belastingdienst. Wat schuift dat nou nog?' Ik had geen idee waar ze het over had en hing beleefd lachend op. Pas toen ik in Hilversum kwam en collega's enthousiast hun duim omhoog staken en winkeliers met dollartekens in hun ogen de deuren van hun zaak openhielden toen ik aan kwam lopen, ging ik me wat meer in de zaak verdiepen.

De collega's en winkeliers dachten dat ik de nieuwe Jan Mulder was en een vette reclamedeal gesloten had met een Blauwe Instantie. Geen leeuw, maar een envelop dit keer. Ze dachten dat ik Martine Bijl was die een Pot Hak met geld ving voor een megacampagne of een Antoine Bodar die zijn ziel aan de reclameduivel heeft verkocht om drie nieuwe stenen voor de Sint Jan in 's-Hertogenbosch aan te kunnen schaffen.

Iedereen was in de overtuiging dat ik binnenliep, omdat er sinds een paar dagen er een spotje op de radio uitgezonden bleek te worden waarin 'Geer' (een liefdevolle verbastering van Gerard Joling) belde met 'Albert' om een lekkere tip door te geven. De stem in de commercial leek zo op de mijne dat ik oprecht dacht dat de heren van de Belastingen fragmenten uit RTL Boulevard gebruikt hadden.

Eerst voelde ik me vereerd. Want dat is altijd de eerste reactie van een BN-er op een imitatie. In eerste instantie roep je altijd dat je het enig vindt, een groot compliment, want blijkbaar ben je heel herkenbaar voor een groot publiek - anders gaan cabaretiers je niet nadoen. Dat soort politiek correct gebabbel. Maar van binnen begon het te borrelen. Het was toch eigenlijk schandalig dat de Belastingdienst, de dienst die ik de afgelopen jaren zo genereus bedeeld had met een groot percentage van door mij verworven inkomsten, mooie sier maakte met mijn zorgvuldig opgebouwde imago zonder daarvoor toestemming te vragen en zonder daarvoor ook maar een cent te betalen.

Ik overwoog aangifte te doen. Niet op een door hen voorgedrukt blauw formulier maar op een door mij en mijn manager ondertekende brief. En dat geld hoefde ik niet eens zelf te hebben. Ik ben ambassadeur van het Vicky Brownhuis, een inloophuis voor kankerpatiënten en hun familieleden, die kunnen altijd wel een extra centje gebruiken. In mijn hoofd borrelde het beeld al op van krantenartikelen, kamervragen en staatssecretaris Joop Wijn die met een rugzak vol excuses en een kruiwagen vol smartengeld aangehold kwam om de brand te blussen.

Zover is het niet gekomen. Afgelopen dinsdag belde de RTL Boulevard redactie met de Belastingdienst voor een reactie. 's Avonds om half acht werd Joop Wijn voor het eerst met het spotje geconfronteerd. Om half negen belde hij mij op met excuses. Hij wist er niets van, de pr-mensen waren iets te voortvarend geweest. Bekende Nederlanders mogen natuurlijk nooit ongevraagd figureren in een spot voor de belastingdienst en hij had al opdracht gegeven de spot met onmiddellijke ingang van de zender te halen.

Daar ging mijn mooie scenario. Is er een daadkrachtig bewindspersoon in Nederland, gaat die net over mijn zaak. Er komt dus geen extra geld voor het Vicky Brownhuis en de spot is met een pennenstreek uit het zendschema gehaald. Was de Belastingdienst maar altijd zo snel.