Schimmige cafés in Amsterdam

Vier schietpartijen in acht dagen. Het Amsterdamse stadsdeel De Baarsjes wil af van 'foute' horecatenten. De komende tijd worden alle horecabedrijven gecontroleerd.

Omstreden horecagelegenheid in Amsterdam Foto NRC Handelsblad, Maurice Boyer Cafe Teasers Damrak Foto NRC H'Blad Maurice Boyer 060525 Horeca Boyer, Maurice

Hoe de stadsdeelvoorzitter van stadsdeel De Baarsjes in Amsterdam schimmige horecazaken omschrijft? Dikke gordijnen voor de ramen die altijd dicht zitten en auto's die kort stilstaan voor de zaak. En hoe meer horecazaken er in zijn stadsdeel zijn, hoe groter de kans op foute tenten. En die kans is groot in De Baarsjes. Op anderhalf vierkante kilometer zitten 131 horecagelegenheden, waaronder vijftien coffeeshops.

Stadsdeelvoorzitter Arco Verburg zucht. In sommige stadsdelen hebben ze geen enkele coffeeshop, zegt hij. Hij is bang dat er over zijn stadsdeel het idee bestaat dat je daar terecht kan om drugstransacties af te wikkelen. Vorige maand vonden er in acht dagen tijd vier schietpartijen plaats in De Baarsjes. Incidenten zonder onderling verband, maar de sfeer die er omheen hangt is hetzelfde, zegt Verburg. De ingrediënten zijn vaak dezelfde: drugs, ruzie, wapens en horeca.

Wat kun je als gemeente doen om incidenten te voorkomen? Wat kunnen de ondernemers zelf doen om hun branche op te schonen?

De foute tenten gaan dicht, dat in ieder geval. Zoals in het Turkse koffiehuis Sirin waar op 19 april een schietpartij plaatsvond. Bij een controle daarna werden er een geladen pistool en munitie aangetroffen. De zaak ging dicht, de vergunning werd ingetrokken. Twee weken geleden controleerde de politie onverwachts achttien andere horecagelegenheden in het stadsdeel. Er werden geen wapens of drugs gevonden. Wel werd er op twee plekken illegaal gegokt en werden er negentien illegalen aangehouden. De ondernemer krijgt een boete van 8.000 euro per illegale werknemer. De komende tijd moeten er meer controles volgen, totdat alle horecazaken in De Baarsjes onderzocht zijn. Opschudden, noemt Verburg dit.

Dan heb je nog de horecazaken waar geen schietpartij heeft plaatsgevonden, maar waarvan het stadsdeel vermoedt dat ze niet deugen. Dan wordt de wet Bibob (zie inzet) ingezet, zoals tegen een discotheek in stadsdeel De Baarsjes. Een eerdere vergunning van de discotheek werd ingetrokken, maar een nieuwe ondernemer probeert het daarna opnieuw. Het stadsdeel heeft nu advies gevraagd aan het landelijk bureau Bibob. Die manier van werken moet normaal worden. Niet alleen de nieuwe horecavergunningen zullen voortaan 'door de Bibob gaan', om de drie jaar wordt een exploitant in de toekomst opnieuw getoetst.

Heb je je vergunning, dan moet je vooral kritisch zijn, zegt Verburg. Kijken wie je toelaat in je zaak. Want, denkt hij, door de moordende concurrentie in zijn stadsdeel zijn uitbaters makkelijker geworden. Kijken ze vaker even de andere kant op, de zaak moet tenslotte draaien. Dat moet anders, vindt het stadsdeel. Ondernemers moeten hun verantwoording nemen. Daarom riep Verburg deze week alle horecaondernemers bij elkaar.

Er kwamen er ongeveer veertig. Vraag naar hun problemen en het gaat over drugshandel. Vraag wat ze er tegen doen en wat ze kunnen doen en je hebt het over symptoombestrijding.

Volgens de exploitanten ligt het allemaal niet zo zwart wit. Drugs in een zaak? Dan gaat de tent dicht. Wapens? Dan ook. Lijkt logisch. Maar wie zegt dat wij er iets aan kunnen doen, laat staan dat we er iets mee te maken hebben, hielden de ondernemers de gemeente voor.

Verburg: 'De ondernemer is verantwoordelijk voor goed beheer van de eigen zaak.'

Een Turkse restauranteigenaar zegt: 'Ik weet heus wel wie wat doet, maar ik mag niemand weigeren. Ik kan hooguit vragen of ze misschien ergens anders heen willen gaan.'

Een café-eigenaresse: 'Je kan toch niet van iedereen zien of hij deugt?'

Frieda Awad van snackbar Raphaël ondervond in de jaren negentig al hoe verantwoordelijk je bent als ondernemer. Een dealer werd op straat opgepakt, nadat de politie hem geobserveerd had. Hij had zijn handel niet meer bij zich. Omdat de dealer vaak in de snackbar zat, werd die bezocht. Daar vond de politie vervolgens zijn handel. De dealer stond na twee dagen weer op straat, maar de snackbar was zes weken gesloten. Sindsdien heeft ze camera's in de zaak. Dat helpt. Al weet ze ook welk ander effect dat heeft. De dealers gaan ergens anders weer verder.

Niet in Club 8 van Etienne Verheem. Die heeft ook camera's in zijn club. Als iedereen die dingen ophangt, zegt hij, dan 'concentreert het schuim zich op de zaken die geen camera's hebben'. Een andere oplossing is volgens hem vrijwillige controle van de politie. 'Gewoon even de politie bellen als je verdachte personen ziet en vragen of er twee agenten komen controleren. Wordt er dan iets gevonden, dan ligt het zeker niet aan jou, want je hebt zelf om controle gevraagd.'

Zo proberen de ondernemers te zorgen dat de problemen 'op de straat' blijven. Daar mag de politie vervolgens preventief gaan fouilleren als het aan hen ligt. Want als de veiligheid op straat niet verbetert, krijg je de cafés ook niet schoon, stellen ze. Maar preventief fouilleren wijst Verburg af. 'Daar gaat de burgemeester over samen met het openbaar ministerie. Die vragen advies aan de politie en die vindt het in De Baarsjes niet nodig.'

In de politie hebben de meeste ondernemers weinig vertrouwen. Gabriël Meulstee, van café Meulstee, zegt dat hij 's avonds zo kan zien wie de politie moet hebben. Dan hangen de dealers rond in de portieken. Hij pikt ze er zo uit. 'Daar hoef je echt geen rechercheur voor te zijn.' Toch ziet hij de dealers nog iedere avond.

    • Tom Kreling