De magie van de City

In de City van Londen zijn de vette bonussen terug. Ferrari's rijden er ostentatief door de straten, peperdure restaurants doen er goede zaken, wolkenkrabbers schieten uit de dure grond. Wat maakt de City zo aantrekkelijk?

Aan bankiers en dikke bonussen ontbreekt het niet in South Kensington. De city bloeit als nooit tevoren. Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold london the city foto rien zilvold Zilvold, Rien

Uitdagend staan de glanzende, fel rode Ferrari's in de showroom van H.R. Owen in South Kensington, de elegante Londense wijk waar veel bankiers uit de City wonen. Het duurste model in de zaak, die vanouds luxe-auto's levert aan Londens rijken, draagt een prijskaartje van 203.804 pond (297.176 euro). Een medewerker wil uit overwegingen van discretie niet onthullen hoeveel exemplaren de afgelopen maanden zijn verkocht. Maar dat de zaken gesmeerd lopen is duidelijk. Er is een wachtlijst van drie jaar voor het nieuwste Ferrarimodel. 'Veel bankiers kopen graag een lekker speeltje, wanneer ze een dikke bonus ontvangen', zegt de verkoper met een brede grijns.

Aan bankiers én dikke bonussen ontbreekt het niet in South Kensington. De City, het financiële hart van Londen waar al sinds eeuwen grote banken en financiële instellingen zijn gevestigd, bloeit als nooit tevoren. Na het topjaar 2005 meldden kranten dat driedruizend bankiers elk een bonus hadden ontvangen van een miljoen pond of meer, bovenop hun salaris. Het duurde niet lang of de onroerendgoedprijzen in South Kensington, het 'getto' van de bankiers, gingen steil omhoog. Een nietig flatje kost er nu ten minste een half miljoen pond. Wie groter wil wonen, moet miljoenen ponden op tafel leggen.

Veel deskundigen uit de financiële wereld menen dat Londen de afgelopen jaren New York naar de kroon steekt als 's werelds belangrijkste financiële centrum. 'Ik geloof dat Londen op het ogenblik niet alleen het meest internationale financiële centrum is, maar ook het meest toonaangevende', zegt Jonathan Taylor, directeur-generaal van het Londense Verbond van Investeringsbanken (Liba). De Londense effectenbeurs is de grootste van Europa. In de termijnhandel in olie en metalen vervult Londen een leidende rol in de wereld. In de lucratieve sector van de fusies en overnames van grote bedrijven in de wereld speelt de City een hoofdrol.

Wie wil weten waar al het geld wordt verdiend, neme een kijkje in de kolossale trading room van investeringsbank Dresdner Kleinwort Wasserstein (DrKW) in het hart van de City. Honderden veelal jonge mensen zitten er aan lange rijen tafels. Elk heeft drie uitklapbare schermen voor zich als een 21ste eeuwse variant op de middeleeuwse triptiek. Hier wordt echter niet zozeer de Lieve Heer als wel Mammon aanbeden.

De schermen bieden de laatste stand van de financiële markten in de wereld. Via koptelefoons spreken de handelaren, elk met een eigen specialisatie, met klanten of tussenpersonen. Hoewel het een turbulente periode op de markten is, vertonen ze geen spoor van paniek. Rustig wandelen ze even de zaal af voor een kop Costa Coffee, want deze verdieping beschikt over haar eigen café.

DrKW, dat met zijn 2.500 werknemers net in een nieuw pand op een steenworp van de Bank of England is getrokken, heeft een verdieping hoger nóg zo'n reusachtige trading room. De bank, een dochter van Dresdner Bank, is niet eens een van de grootste investeringsbanken in Londen. Goldman Sachs, UBS en JP Morgan zijn nog weer aanzienlijk groter.

Maar net als vrijwel de hele City gaat het DrKW zeer voor de wind. In het eerste kwartaal van dit jaar verdubbelde de winst van de bank ruimschoots vergeleken met een jaar eerder. De operaties in Londen zijn zo profijtelijk dat 60 procent van het personeel van de investeringsbank inmiddels in Londen werkt en nog maar 40 procent op het eigenlijke hoofdkwartier in Frankfurt.

Taylor van Liba haalt een recente studie aan van de City of London. Die constateert dat Londen goed is voor ruim een kwart van de omzet op alle Europese financiële markten. Ruim tweederde van de Europese valutahandel en de handel in derivaten (afgeleide financiële producten) verloopt via Londen. Londen is marktleider op het terrein van verzekeringsfondsen, pensioenfondsen en zogeheten hedge funds, agressieve investeringsfondsen die de laatste jaren sterk aan populariteit hebben gewonnen.

De City blaakt kortom van zelfvertrouwen. Dat blijkt niet alleen uit de ostentatieve wijze waarop bankiers met hun Ferrari's pronken en peperdure restaurants bezoeken, maar ook uit de manier waarop de sector steeds verder uitdijt over de stad. Bleven de banken en aanverwante instellingen eeuwenlang beperkt tot de historische City tussen de St Paul's Cathedral en de middeleeuwse Tower, inmiddels wemelt het ook van de banken in de westelijker gelegen wijk Mayfair. Bovendien is er in de Docklands ten oosten van de City rond Canary Wharf een financiële cluster verrezen met nog hogere wolkenkrabbers dan in de City. In de City zelf schiet eveneens de ene na de andere nieuwe kolos uit de kostbare grond en er liggen plannen voor meer spectaculaire bouwprojecten.

Het is op het eerste gezicht raadselachtig waarom uitgerekend Londen het zo goed doet. Grote concurrerende financiële centra elders in de wereld - New York, Tokio, Frankfurt - beschikken immers in eigen land over een groot industrieel achterland. Dat is in Groot-Brittannië al lang niet meer het geval. Zelfs de lancering van de euro, die het pond sterling tot een soort figurant op de valutamarkten degradeerde, heeft Londens positie niet aangetast. Londen bleef sneller groeien dan zijn Europese rivalen.

Waaraan ontleent Londen zijn kracht? 'Londen profiteert nog steeds van zijn historische positie', meent Taylor. 'Het is wat dat betreft te vergelijken met Nederland dat wegens zijn handelsverleden ook nog steeds disproportioneel veel grote banken heeft.' Een bijkomend voordeel voor Londen is dat Engels mede dank zij het Britse wereldrijk van weleer de taal van de internationale markten is. Er is bovendien enorm veel expertise beschikbaar op het terrein van financiële dienstverlening. Voor veel buitenlanders is ook van belang dat ze vertrouwen hebben in de rechtspraak. Zo blijven grote aantallen buitenlanders zich tot de City wenden. 'Juist die samenklontering van deskundigheid op verschillende terreinen en het feit dat alles haast op loopafstand van elkaar ligt is heel belangrijk voor Londens positie als financieel centrum', zegt Alan Yarrow, vice-chairman van DrKW en voorzitter van Liba.

'Heel belangrijk is ook dat het Britse belastingklimaat voor de banken gunstig is', zegt Martin Fraenkel, directeur van de grondstoffendesk van DrKW. 'De belastingtarieven zijn er laag vergeleken met andere Europese financiële centra.'

De meeste bankiers in de City prijzen zich gelukkig met de Britse regelgeving, die weinig belemmeringen oplegt. Ze zijn aan minder beperkingen onderhevig dan hun Amerikaanse collega's, die krachtens de zogeheten Sarbanes-Oxley-wet sinds kort aan veel strengere boekhoudeisen moeten voldoen. Wegens de vrees voor terrorisme is het voor sommige buitenlandse klanten tegenwoordig bovendien moeilijk de Verenigde Staten binnen te komen. Dat tast de positie van New York als financieel centrum aan. 'Wij moeten er voor oppassen dat we niet in dezelfde val lopen', waarschuwt Yarrow.

Ed Balls, de nieuwe staatssecretaris op Financiën die is belast met de betrekkingen met de City, kondigde afgelopen dinsdag - tot opluchting van de bankiers - in een gesprek met de Financial Times aan dat hij niet van plan is de 'light touch' van zijn voorgangers op te geven. Een groot deel van de regelgeving heeft de Britse regering overigens uitbesteed aan de onafhankelijke Financial Services Authority (FSA), de toezichthouder. Daarmee heeft Londen een streepje voor op de concurrentie, die doorgaans meer dan één regelgevende instantie kent.

Beducht is de City voor de regelzucht van Brussel. Op een recent symposium van het Londense Securities & Investment Institute over de toekomst van de financiële dienstverlening gaf 38 procent ven de deelnemers aan dat ze bemoeizucht uit Brussel als de voornaamste bedreiging voor de City beschouwen. Ze maakten zich minder druk om de concurrentie van andere centra (20 procent) en Britse regelgeving (11 procent).

Een van de sterke punten van Londen is zijn toegankelijkheid voor buitenlandse bedrijven én werknemers. De overgrote meerderheid van de Liba-leden bestaat uit buitenlandse investeringsbanken. De tijd dat de City het exclusieve domein was van Britse mannen met bolhoeden, die zich te goed deden aan copieuze lunches met veel drank, is allang voorbij. Op hetzelfde symposium verklaarde Jenny Ireland, hoofd van de internationale operaties van Morgan Stanley dat er bij haar bank in Londen liefst 90 verschillende nationaliteiten werkzaam zijn. Bij DrKW zijn het er 67.

Vanuit de hele wereld vinden de slimste koppen hun weg naar Londen. Ze weten dat de grote banken openstaan voor mensen met talent en dat er zeer veel geld is te verdienen. 'Wij houden van immigratie in de City', aldus Yarrow. Toen hij enkele jaren geleden een afdeling voor derivaten opzette, liet hij de Engelsen links liggen omdat die niet zo goed waren in wiskunde. In plaats daarvan nam hij Fransen, Egyptenaren en Indiërs aan. 'In een eerdere baan in de City had ik te maken met een man die de Moskouse wiskunde-Olympiade had gewonnen', vertelt Fraenkel.

Tienduizenden buitenlanders werken inmiddels in de City. Volgens een recente schatting van de Financial Times werken er op het ogenblik in totaal zo'n 1,2 miljoen mensen in Londen bij banken, verzekeringsbedrijven en andere financiële dienstverleners.

Gunstig voor Londen is dat het met New York en Tokio de drie voornaamste tijdzones beslaat. Zo is er een taakverdeling tussen de drie wereldcentra ontstaan, die voor elk een sterkere positie oplevert ten opzichte van eventuele concurrenten in de buurt.

Alertheid blijft echter geboden. Wat gisteren goed leek, kan morgen achterhaald zijn. Londen probeert dan ook waar dat nuttig lijkt in te haken op nieuwe ontwikkelingen. Behalve hedge funds ook de private equity funds (investeringsfondsen met een iets langere adem dan hedge funds). Een nieuwe veel belovende sector is die van de zogeheten credit derivatives (beleggersverzekeringen tegen faillissementen). De Londense bankiers zijn er goed van doordrongen dat ze op hun tenen moeten blijven lopen om de concurrentie voor te blijven. De klanten hebben geen enkele verplichting aan Londen en kunnen elk moment naar elders trekken. 'Waak voor zelfgenoegzaamheid', waarschuwde Tony Watson, directeur van het Securities & Investments Institute, op het symposium. 'In China studeren er vier miljoen studenten per jaar af.'

Fraenkel, die ook jarenlang in New York werkte, acht het echter ondanks de opkomst van China en India onwaarschijnlijk dat deze landen Londen binnen afzienbare tijd kunnen overvleugelen. 'Behalve New York en tot op zekere hoogte Frankfurt is er nergens een plaats met dezelfde veelzijdigheid en specialistische deskundigheid als Londen.'