Brontë kuiste 'Jane Eyre'

Charlotte Brontë heeft aangeboden om delen van haar beroemde roman Jane Eyre (1847) te herschrijven, nadat het hoofd van de school waar ze de beruchte kostschool Lowood op gebaseerd had, had gedreigd met juridische stappen.

Dat blijkt uit drie brieven van de kleinzoon van het schoolhoofd uit 1912, die onlangs per toeval werden ontdekt tussen de papieren van een boekverkoper. Volgende maand worden ze geveild bij veilinghuis Mullock Madeley.

De Lowood school uit Jane Eyre, geleid door de wrede Mr. Brocklehurst, is een vreselijk oord waar de leerlingen honger lijden. Uit de brieven blijkt dat schoolhoofd en dominee William Carus-Wilson zich zo gekrenkt voelde toen hij zichzelf en zijn school in Lowood herkende, dat hij zijn voormalige leerlinge een brief schreef waarin hij met een rechtszaak dreigde.

Brontë weerhield hem daarvan door hem een tekst van 1400 woorden te sturen, waar ze de beledigende passages had uitgehaald. Volgens Carus-Wilsons kleinzoon verwijderde ze 'een flink deel van wat ze eerder over de school had geschreven'. De brieven zullen naar verwachting zo'n tweehonderd euro per stuk opbrengen; het echte zoeken is nu naar het aangepaste manuscript.