Vlaams Belang blijft taboe

Sinds de recente racistische moorden in Antwerpen zit het Vlaams Belang in de beklaagdenbank. Maar het cordon sanitaire rond die partij is steeds moeilijker in stand te houden.

Filip Dewinter is er niet vandaag. De kopstukken van het Vlaams Belang hebben aangekondigd niet mee te zullen doen aan de mars tegen racisme, vanmiddag in Antwerpen.

Aanleiding voor de mars is de dubbele moord in het centrum van Antwerpen, ruim twee weken geleden. Een 18-jarige schutter doodde een Malinese vrouw en een kind van twee. Sindsdien zit het Vlaams Belang in de beklaagdenbank. Een eindeloze stroom columns, opinieartikelen en beschouwingen is gewijd aan de vraag in hoeverre de extreemrechtse partij verantwoordelijkheid draagt voor de moorden.

Het felst was Karel de Gucht, de minister van Buitenlandse Zaken. Racisme is mest, zei hij. En het Vlaams Belang is een gietertje met water. De partij giet water op die mest, steeds weer. Op een dag staat er geen plant, maar een bóóm. En de kiezers van het Vlaams Belang, zei De Gucht, moeten dat weten. „Als je daarvoor stemt, ben je eigenlijk ook verantwoordelijk voor wat die partij aanricht in de maatschappij.” Vanuit de politiek is een procedure begonnen om de overheidssubsidie van de partij stop te zetten.

Maar de afgelopen dagen lijkt het Vlaams Belang zijn zelfvertrouwen te herwinnen. In het Vlaamse parlement gaf Filip Dewinter woensdag een verkorte cursus retoriek. Hij was geschokt, zei hij, zoals alle Vlamingen. Maar, ging hij verder: „Laten we vooral niet proberen om politieke munt te slaan uit de feiten.” Vervolgens begon hij een vertoog over racisme. „Bestaat er racisme in Vlaanderen? Ja. Is racisme verwerpelijk? Ja.” Maar: „De betekenis van racisme wordt almaar meer gebanaliseerd. Een vreemdeling die niet snel genoeg een sociale woning krijgt: racisme! Een agent die een chauffeur van vreemde origine een bekeuring geeft: racisme!”

Er wordt vandaag veel gepraat over wij-en-zij, besloot Dewinter. Misschien, opperde hij, kan het parlement eens een einde maken aan het wij-en-zij-discours ten aanzien van het Vlaams Belang en het cordon sanitaire afschaffen.

Maar beëindiging van het cordon sanitaire is onbespreekbaar. Al wordt het steeds moeilijker het in stand te houden. Het Vlaams Belang is nu al de grootste partij, goed voor rond een kwart van de stemmen.

Dit najaar zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Dewinter heeft partijprominenten naar voren geschoven in enkele kleinere gemeenten, om daar zo groot te worden dat de andere partijen niet meer om het Vlaams Belang heen kunnen.

Peter Boeckx dacht ook dat het tijd was om het cordon sanitaire te doorbreken. Hij maakte vorig jaar een film over het Vlaams Belang, Vlaamse Choc, waarvoor hij Filip Dewinter zes maanden volgde. „Een partij met één miljoen kiezers moet de kans krijgen mee te beslissen”, zegt hij. „Dat leek me één van de basisregels van de democratie.” Tijdens het filmen veranderde Boeckx van mening. De leiders van de partij zijn charmant, zegt hij. Ze lopen er verzorgd bij, dragen een pak en hebben altijd een glimlach op hun gezicht. Maar hun achterban, merkte hij, zit vol agressie. „Als je probeert met hen in discussie te gaan, krijg je dingen te horen als: wacht maar, straks komen we met ons leger op straat.”

De felheid waarmee politici en publicisten het Vlaams Belang nu tegemoet treden, komt voort uit frustratie en onmacht, denkt Boeckx. „De afgelopen jaren is alles geprobeerd met de partij. Stigmatiseren. Het debat aangaan. Het is allemaal mislukt. Het enige dat nog niet is geprobeerd, is een coalitie aan gaan.”

Maar het cordon sanitaire kán niet worden opgegeven, zegt sociologe Hilde Coffé die een boek schreef over extreemrechts in België. „Politici hebben zich een beetje klemgereden. Niemand kan als eerste zeggen: wij geven het op.”

Er is één politicus die openlijk pleit voor het opheffen van het cordon: Jean-Marie Dedecker, Vlaams parlementslid en senator voor de liberale VLD. Dedecker bespeelt in z’n eentje de rechtervleugel van die partij. Dat wordt hem door de partijleiding niet altijd in dank afgenomen „Ik ben judoka geweest”, zegt hij. „Als ik verloor probeerde ik de volgende keer een andere strategie. Het Vlaams Belang heeft twaalf verkiezingen op rij gewonnen. Het is tijd om iets nieuws te proberen.”

Wie de Nederlandse politiek kent, kijkt wat verwonderd naar het integratiedebat van deze week in het Vlaamse parlement. Hier geen discussies over het spreiden van kansarme allochtonen of het terugsturen van criminele migranten. Als Filip Dewinter klaar is, praten de andere partijen verder over onderwijs en werkgelegenheid. En over de vraag of positieve discriminatie gewenst is, of dat dat migranten juist stigmatiseert. De multiculturele samenleving staat niet ter discussie.

Alle partijen, behalve het Vlaams Belang, zoeken hun kiezers nu in het centrum, of links daarvan, zegt Dedecker. Dat is niet vol te houden, net als het cordon sanitaire, denkt hij. Hij voorspelt een herverkaveling in de Vlaamse politiek. „Er is een enorm electoraal gat. Tussen extreemrechts en de rest ligt een boulevard open.”

    • Jeroen van der Kris