Vastgelopen in Uruzgan

Frank L. Holt: Into the Land of Bones. Alexander the Great in Afghanistan. University of California Press, 241 blz.

Hoe pacificeer je Afghanistan? Drie wereldrijken (van de Macedoniërs, Britten en Russen) hebben er een poging toe gedaan en de vierde grootmacht (de VS) is er nu al weer een paar jaar mee bezig. Alexander de Grote slaagde er in de jaren 329-323 v. Chr. nog het beste in om Bactrië (zoals Afghanistan toen heette) te pacificeren, zo beschrijft de historicus en Alexander-kenner Frank L. Holt in zijn meeslepende en huiveringwekkende boek Into the Land of Bones. En dat succes dankte Alexander vooral aan de enorme hoeveelheid troepen die hij in het gebied legerde. ‘Afghanistan kan niet overwonnen worden met halve maatregelen’, aldus Holt. Maar wat een bloedige slachtingen heeft het Alexander niet gekost! De enorme inspanning was nodig om Alexanders gezag in de rest van zijn rijk te handhaven. Maar waar leidde al het bloedvergieten toe? Na de dood van Alexander valt zijn rijk uiteen en verdwijnt ook het Macedonische oppergezag in Afghanistan.

Meestal zijn historische parallellen zwak en weinig overtuigend, maar bij het geval Afghanistan lijken het onherbergzame landschap en de krachtige onafhankelijkheidsdrang van de vele stammen aldaar iedere keer opnieuw tot dezelfde problemen te leiden – met onbetrouwbaarheid van de bondgenootschappen als belangrijkste. ‘Er zijn geen vaststaande loyaliteiten of allianties in Afghanistan, onder welke religieuze of etnische paraplu ze ook gesloten mogen zijn en hoe vurig de eden van trouw ook mogen zijn geweest’, schrijft Holt, naar aanleiding van het verraad van de Perzische koning Darius door de Afghaan Bessus, die op zijn beurt weer door andere Afghanen werd verraden aan Alexander. En zo verder.

Alexander creëerde in Afghanistan een sterk gedecentraliseerd leger van vele tienduizenden soldaten waarvan de onderdelen grote zelfstandigheid kregen om snel op te treden tegen opstandige figuren. Na de campagne bleef bijna de helft van Alexanders totale infanterie achter in Afghanistan, samen met vrijwel zijn complete ruiterij. Tienduizenden Macedonische kolonisten (meestal militaire veteranen) moesten het landschap verder onder controle brengen. De Britten trokken rond 1840 gewoon met een groot leger het land binnen, verloren al snel tienduizend soldaten (tweederde van het leger) en gingen toen weer snel weg. In 1880 volgde een nieuwe poging met een nog veel groter leger, maar ook toen was de Britse conclusie dat ze maar beter konden wegblijven uit het land. De Russen verging het na de invasie van 1980 niet veel beter. Wegtrekken of enorme investeringen in bezettingstroepen: dat zijn de twee strategische alternatieven die de geschiedenis van Afghanistan biedt aan iedere veroveraar. De Amerikanen zijn gewaarschuwd, de Nederlandse soldaten in Uruzgan trouwens ook.

    • Hendrik Spiering