Het mysterie van de wortelbroek

Wortelbroek

Modejournalistiek draait om het opmeten van de nieuwe roklengte, denken mensen vaak. Maar eigenlijk is roklengte helemaal niet het hete hangijzer in de mode. Waar veel meer mee kan (en veel meer mee kan misgaan), is de broek.

Sinds de met bleekmiddel bewerkte jeans en de MC Hammer-harembroek zijn er vrij weinig rampen gebeurd in de broekenwereld. Oké, die opgerolde spijkerbroeken waar tieners vorig jaar ineens massaal mee rondliepen, zagen er nogal knullig uit. Maar daarna rolden ze hun pijpen gelukkig weer naar beneden.

En nu ineens gaat het, onder leiding van beroemdheden Kate Moss en Sienna Miller, helemaal mis. De wortelbroek is terug. Of, zoals de Engelsen dat iets sympathieker noemen, de skinny jeans. Een spijkerbroek die heel strak om de benen zit, van kont tot enkel, waardoor je een ernstige gelijkenis met een wortel vertoont. Bij sommige mensen (Kate Moss en Sienna Miller), valt dit mee. Maar die hebben zoveel liefdesproblemen – Moss had wat met een beroemde junk, Miller met een beroemde vreemdganger – dat ze door alle zorgen heel dun zijn.

Dit alles wetende kocht ik toch een wortelbroek. Een donkerblauwe spijkerbroek van het merk Calvin Klein. Toen ik hem thuis aantrok, kwamen de woorden in mij op die een Russische vrouw een tijdje geleden over mijn te dikke kat uitsprak: ‘She’s like dinosaur. Small head, big body.’ Doordat de broek heel strak om mijn enkels zat (en mijn enkels hebben een omtrek van ongeveer 5 centimeter), leek mijn achterwerk ineens op, nou ja, het achterwerk van een dinosaurus.

In paniek belde ik styliste Esther Coppoolse van Elle. Zij was net iemand aan het styleren in, jawel, een wortelbroek. Waarom, vroeg ik haar, was zo’n onflatteuze broek nu plotseling in de mode? Door de beroemdheden die hem steeds dragen, dacht Esther, maar ook „omdat het rock & roll is”. Ze gaf wel toe dat je, als je er ook nog een rock & rollerig T-shirt op zou dragen (een vaal zwart T-shirt van een Aerosmith-concert uit 1987, bijvoorbeeld) eruit kon gaan zien als „iemand uit de Achterhoek”. Er was nog een risico, want als je er te veel ‘zuurstokkleuren’ bij droeg, ging je lijken op „iemand van de Albert Cuyp”. (Een Amsterdamse markt waar nogal ordinaire vrouwen werken.) Maar Esther was helemaal voor de wortel. Met bijvoorbeeld een „gouden spencer van je oudoom” erop, en dan wel „een beetje de seks erin gooien” door middel van een decolleté of blote armen. Of „met het grote T-shirt van je vriend”. Iets wijds erboven was sowieso een goed idee, want zo kreeg je „twee stokjes met volume”. En dat is de look, bij de wortelbroek.

Ik sputterde tegen dat ik geen oudoom en geen vriend heb om kledingstukken van te lenen, en dat mijn benen echt stokjes waren, maar door de wortelbroek ineens like dinosaur. Esther lachte een beetje. „Ja Aaf, hou jij maar gewoon je flares aan.”

Au. Dat deed pijn. Flares zijn broeken die wijd uitlopen, en ik geef toe, die draag ik weleens. Een modemisdaad, want flares zijn al sinds begin jaren negentig verboten door alle modetijdschriften.

Gelukkig zei Esther dat zij deze zomer ook een ándere broek gaat propageren. Natuurlijk trekt ze de wortelbroek vaak aan maar haar lievelingszomerbroek is „een krijtstreep opabroek, afgeknipt en opgerold”. Mijn problemen lost dit niet op. Ik heb ook al geen opa om een broek van te stelen.

    • Aaf Brandt Corstius