Dit is nu typisch Hollands polder-entertainment

‘Reneetje en Geer & Goor’ scoren geen solo-hits maar vullen wel drie keer de Arena.

De afgelopen weken volgden de kijkers van Talpa ook al de voorbereidingen.

Toegangskaarten zijn niet meer te koop, althans niet via de officiële kanalen. Alle concerten die de zangers René Froger, Gordon en Gerard Joling de komende drie avonden in de Arena in Amsterdam Zuidoost zullen geven, zijn uitverkocht. Met andere woorden: drie keer zullen circa 52.000 landgenoten zich laten vermaken door drie artiesten die er geen probleem mee hebben zich als Toppers te presenteren. ‘Toppers in Concert’ heet hun show, die het voetbalstadion moet transformeren tot „’s werelds grootste meezingtheater”.

Gemiddeld 250.000 kijkers hebben de afgelopen weken op Talpa al gezien hoe het drietal zich op het evenement voorbereidt, vanaf de persconferentie – waar ook werd aangekondigd dat ex-Boney M-danser Bobby Farrell, enkele Idols-finalisten en het in een andere real life soap herenigde dameszangtrio Luv’ een gastoptreden zullen verzorgen – tot en met de promotietournee langs de MediaMarkt-filialen waar de heren hun als WK-hit bedoelde lied Wir sind die Holländer lanceerden.

„Reneetje en de diva’s Geer & Goor”, zoals Talpa hen liefkozend aanduidt, waren dit voorjaar niet bij de camera’s weg te slaan. „De sfeer onderling is super en af en toe zijn we net een stel jonge honden die aan het spelen zijn”, noteerde de voormalige marktkoopman Gordon op zijn weblog.

Maar wat kan toch de verklaring zijn voor het succes van deze fusie? Solohits hebben de heren al geruime tijd niet meer gescoord, hoewel Froger deze week in een interview in Metro ietwat gekwetst reageerde op de suggestie dat de samenwerking slechts wordt ingegeven door de gedachte dat ze solistisch geen cd-succes meer zouden boeken. „Dat is absoluut niet waar”, zei hij. „Ik verkocht vorig jaar nog 30.000 albums.”

De twee anderen blijken het stadium van de schaamte echter ruimschoots voorbij te zijn. „Nou, dat geldt wel voor mij, hoor”, antwoordde Gordon. „En voor Gerard ook.” Ook in hun tv-serie ‘Gordon en Joling over de vloer’ – een van de weinige Talpa-programma’s met ruim een half miljoen kijkers – hebben de beide G’s van dit soort flapuit-opmerkingen hun handelsmerk gemaakt. En van hun voorliefde voor een dubbelzinnig soort grappenmakerij, waarmee ze intussen de troetelnichten van de huidige Nederlandse televisie zijn geworden. In hun samenwerking met de volkse Froger, zoon van een eveneens zingende kroegbaas, is de rolverdeling dan ook duidelijk: zij hangen de lellebel uit, en hij lacht mee, maar roept hen, als verpersoonlijking van de gemiddelde hetero, tot de orde als hij vindt dat het nu wel mooi genoeg is geweest.

„Froger is een enorme publieksmagneet”, zegt Jan Vollaard, poprecensent van deze krant. „Mij verbaast dat, want hij maakt geen geweldige platen. Op mijn rock-’n-roll-radar scoort Froger niet hoog, niet verder dan de middelmaat. Maar hij weet een groot publiek te trekken. En die andere twee zijn de gimmick; zij zijn bekend van de televisie en dat is altijd de beste manier om populair te worden. Met z’n drieën spreken ze de allerplatste gemene deler aan, qua humor en qua repertoire. Melkweg- of Paradiso-publiek zul je bij hen dan ook niet zien. Het is vooral de massa van tv-kijkers die naar de Arena komt, en daar komt nog bij dat heel veel bedrijven in zulke gevallen kaartjes kopen voor personeel en relaties. Dat gaat echt met honderden kaartjes tegelijk. De muziek is niet zo belangrijk, dat soort publiek komt voor de gezelligheid.”

„Het is typisch Nederlands polder-entertainment”, beaamt radiomaker Frits Spits. „Ze maken geen muziek die vaak ontroert, maar wel muziek die vaak vermaakt. Ze zijn een tikje ordinair, maar ik vind hen niet onsympathiek. Het is me iets te makkelijk om hen zomaar neer te sabelen. Met z’n drieën vormen ze een bijzonder team met een bijzondere onderlinge chemie – misschien is dat wel het geheim. Ze kunnen trouwens ook wel zingen, vergeet dat niet. Als een van de eersten heb ik de grootste hit van Gordon, Kon ik maar even bij je zijn, regelmatig gedraaid. Dat nummer raakte me. Daarna is hij, net als Froger en Joling, vooral in het Engels gaan zingen, wat mij veel minder aanspreekt. Maar vakmensen zijn het wel.”

Spits is het echter niet eens met de gedachte, dat Froger, Gordon en Joling hun succes mede ontlenen aan het feit dat ze „zo gewoon zijn gebleven”, zoals in dit land vaak waarderend over artiesten wordt gezegd. Terwijl het buitenland zijn coryfeeën bij voorkeur op een voetstuk zet, wil het Nederlandse publiek immers niets liever dan sterren die zich ogenschijnlijk niet anders gedragen dan hun bewonderaars. Wie zichzelf op onaanraakbare afstand plaatst, krijgt al gauw het verwijt arrogant te zijn. Boven het maaiveld uitsteken wordt, ook in andere sectoren van de samenleving, niet gewaardeerd. Maar de voormalige discjockey denkt dat deze theorie bij dit trio niet opgaat: „Zo gewoon zijn ze niet. Wat je er ook verder van vindt: het zijn echt professionele entertainers geworden.”

Het concert van morgen is vanaf 21.00 uur live te volgen via www.talpa.tv

    • Henk van Gelder