Boycot stelt arts in Gaza voor moeilijke keuzes

In het Shifa-ziekenhuis in Gazastad is aan alles tekort.

Door de internationale boycot van de Palestijnse Autoriteit is er geen geld meer voor medicijnen en salarissen.

De apothekerspost van het Shifa-ziekenhuis in Gazastad kampt met ernstige tekorten als gevolg van de blokkade van buitenlandse hulp . Foto AP A Palestinian waits at the pharmacy at the Shifa Hospital in Gaza, Sunday, April 30, 2006. The economic boycott of the Hamas-led Palestinian government has brought the perpetually strained Palestinian health care system to the brink of a health disaster, with health officials warning of an epidemic of preventable deaths if funds are not found soon. (AP Photo/Khalil Hamra) Associated Press

Ghadi Abu Safar maakt, half liggend op haar bed in het Shifaziekenhuis van Gazastad, klievende, kappende handbewegingen over de plaats waar haar rechterborst zat en vervolgens over haar keel. Erg lang zal de 68-jarige in Egypte geboren Palestijnse hier niet meer zijn, de borstamputatie bood tijdelijk respijt, maar de kankercellen zijn uitgezaaid naar haar longen.

„Dan zie ik mijn man tenminste weer. Hij is al op vakantie gegaan in de hemel. Hopelijk heeft hij het daar beter naar zijn zin dan wij hier en is hij in een goed humeur.” Haar dochter en schoondochter, die om de beurt een etmaal bij haar slapen, giechelen om haar grapjes.

Het tumult van de straat dringt door tot de verstilde afdeling oncologie. Er wordt buiten geschoten en geschreeuwd. Eerder op de dag is een zwaar gewonde Fatahgeneraal binnengebracht, nu gaat het om een leider van Islamitische Jihad die is geliquideerd door de Israëlische luchtmacht. Een toevallig passerende familie, waarvan de grootmoeder, de moeder en een jongen van vijf werd gedood door de rondvliegende granaatscherven.

Het nieuws dat alleen een meisje de militaire actie heeft overleefd en zwaar gewond met een gebroken ruggengraat is aangekomen in het Shifa bereikt ook Ghadi en andere patiënten in het vuilgroene zaaltje razendsnel. „Of je gaat dood door een raket van een Apachehelikopter of door gebrek aan Atropine”, allitereert hoofdverpleger Farrad Jabbar.

De staf van de afdeling oncologie geeft Ghadi alleen nog pijnstillende medicijnen: de schaarse chemokuren zijn uitsluitend voor patiënten met met meer kans op genezing. Radiotherapie is onmogelijk, want het Shifa-ziekenhuis noch de 60 kleinere klinieken in de Gazastrook mogen de noodzakelijke bestralingsapparatuur in hun bezit hebben van de Israëlische regering.

De patiënten, het verplegend personeel en de medische staf weten zich het slachtoffer van de internationale boycot tegen de door Hamas gedomineerde Palestijnse Autoriteit. Het grootste staatsziekenhuis (700 bedden, 1.200 verplegers, artsen en technische medewerkers) verkeert al maanden in een crisis. Dr. Ibrahim al-Habbash, algemeen directeur: „De situatie is geleidelijk aan zeer kritiek geworden. Zeventig procent van onze problemen is financieel van aard, dertig procent komt door de voortdurende afsluitingen van de grenzen, waardoor we geen geneesmiddelen kunnen invoeren.”

De Palestijnse Autoriteit ontvangt geen Europese en Amerikaanse hulp meer. Habbash krijgt geen geld van de minister van Gezondheidszorg om in Israël geneesmiddelen aan te schaffen, omdat zijn minister geen geld krijgt van de minister van Financiën. „En de geneesmiddelen die we verplicht moeten en nog kunnen kopen via een Israëlische agent, krijgen we zelden meer op tijd. Wij zijn afhankelijk van de vraag of de grens open is of niet. De Israëliërs behandelen aan de grens bij Karni medicijnen alsof het bananen zijn of Coca-Cola.”

„We moeten uiterst zuinig omgaan met de beschikbare geneesmiddelen en we moeten moeilijke keuzes maken”, vertelt Farad Jabbar, hoofdverpleger op de kankerafdeling. Ghadi komt niet in aanmerking voor behandeling in Israël, want ze beschikt niet over de juiste politieke connecties en zij kan ook niet meer naar Egypte. Er is geen geld voor de busreis en de behandeling in Kairo. Het pensioentje dat haar man, een agent, heeft achtergelaten, is als gevolg van de financiële crisis van de Palestijnse Autoriteit al drie maanden niet uitbetaald.

De tekorten betreffen niet alleen geneesmiddelen, maar ook medisch materiaal: slangen en filters voor de dialyseapparatuur, laboratoriumkits, injectienaalden, verband, pleisters, schroeven en gips. Op instructie van Habbash zijn alle behandelingsprotocollen aangepast en teruggebracht tot de hoogstnoodzakelijke zorg. Geen van de artsen en verplegers heeft salaris ontvangen.

„We glijden in de Gazastrook onmiskenbaar en onstuitbaar af op een humanitaire crisis”, zegt ook John Ging, de nieuwe directeur van de VN-organisatie voor de hulp aan Palestijnse vluchtelingen (UNRWA). De Israëlische regering ontkent dat, maar volgens de Ierse diplomaat spreken de feiten voor zich.

„Het is moeilijk de ernst van de situatie over te brengen, omdat er sprake is van een langzame verslechtering van een toch al tamelijk desperate situatie. En daarbij verbaas ik mij iedere dag over de veerkracht en het optimisme van de mensen hier. Maar niettemin, we zijn alarmerend dicht bij een grote, humanitaire crisis. Israël begint dat ook in te zien”, aldus Ging. Met de Europese Unie zoeken de VN naar mogelijkheden om via omwegen de gezondheidszorgsector in het bijzonder overeind te houden. „Iedereen is zich ervan bewust dat de situatie kritiek is en dat er voor het openen van de grensovergang Karni heel snel een oplossing gevonden moet worden.” Voor Ghadi Abu Safar is het al te laat.