Waarom toch niet gamen in de bios

Silent Hill. Regie: Christophe Gans. Met: Radha Mitchell, Jodelle Ferland, Deborah Kara, Sean Bean. In: 35 bioscopen.

Als de survival horror-videogame Silent Hill zo goed en beroemd wordt gevonden dat hij schreeuwt om een filmversie, dan kun je je tegelijkertijd afvragen waarom filmmakers zo ouderwets zijn dat ze niet verder kunnen denken dan een medium waarbij zij alleen de touwtjes in handen hebben.

Gaat het bij gamen niet om de schijn van interactiviteit? Gaat het niet om trial and error ? En is de suspense die dat teweeg brengt niet wezenlijk anders dan in je bioscoopstoel geconfronteerd worden met de interacties en de pogingen van anderen? Kortom: waarom toch heeft niemand een prachtige bioscoopgameversie van Silent Hill bedacht?

Nu is het in de gewone filmversie van Silent Hill kijken naar de visuele krachtpatserij van regisseur Christophe Gans en hij gaat daar zo in op als een kind dat weigert de controler van zijn PlayStation uit handen te geven aan zijn vriendje. Met Gans, die eerder de overbarokke horrorfilm Brotherhood of the Wolf regisseerde, dalen we af in een Dantiaans vagevuur waarin verschillende realiteiten en tijden door elkaar lopen.

Plaats van handeling is het uiterst fotogeniek neergezette stadje Silent Hill, geteisterd door onderaardse branden en gehuld in mist en apocalyptische asregens. Een bulderend sounddesign van sirenes, blaasbalggedreun, sijpelend water en vurig gekraak schakelt de zinnen uit. Bovendien is er al vanaf het begin af aan weinig reden om hoofdpersoon Rose te vertrouwen.

Welke moeder is er nou helemaal jofel als zij met haar dochtertje midden in de nacht op een racen zet naar een spookdorp? Het maakt je interesse in dat adoptiefkind from hell miniem, zelfs als zij wordt gespeeld door Jodelle Ferland, het in fantasie verloren meisje uit Terry Gilliams Tideland. Game over.