Stroomsector onterecht bevoordeeld

Elektriciteitsproducenten in Nederland zijn jarenlang ten onrechte bevoordeeld bij de import van stroom. Gedupeerden dreigen met claims tegen de staat die kunnen oplopen tot honderden miljoenen euro’s.

Dat blijkt uit een uitspraak die het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) vanochtend heeft gedaan. „Bedrijven en burgers zijn jarenlang onnodig op kosten gejaagd”, zegt directeur Hans Grünfeld van de VEMW, een belangenorganisatie voor zakelijke energiegebruikers.

Door een in 2000 vastgelegde regeling kregen elektriciteitsproducenten in Nederland voorrang bij de import van stroom, voor bijvoorbeeld industriële grootverbruikers en handelaren. Deze partijen werden zo verhinderd goedkopere stroom uit onder meer Duitsland en Frankrijk te importeren. „De concurrentie is daarmee beperkt”, zegt Grünfeld.

VEMW bracht de zaak eerder voor het Europese Hof, samen met het Amsterdamse handelsbedrijf APX Group, en het Rotterdamse energiebedrijf Eneco, dat zelf geen stroom produceert, maar alleen verkoopt.

Het Hof bepaalde vorig jaar september dat de voorkeursbehandeling van de elektriciteitsproducenten in strijd is met regels uit Brussel, dat de concurrentie op de energiemarkt sinds 1996 juist probeert te vergroten. Volgens het Hof was er sprake van „verboden discriminatie”. In 2000 waren de elektriciteitsproducenten (Nuon, Essent, Eon, Electrabel en Delta) nog verenigd in één monopolistisch bedrijf, de SEP.

Na de uitspraak van het Hof is de Nederlandse netbeheerder Tennet, gemaand door het kabinet, gestopt met de voorkeursbehandeling. De stroomproducenten hebben daarop een claim tegen de staat ingediend van 60 miljoen euro, omdat ze door het opeens opzeggen van de regeling benadeeld zouden zijn. Deze zaak loopt nog.

De uitspraak van het CBb vanochtend is in lijn met het arrest van het Europese Hof. Ook het CBb noemt de voorkeursbehandeling „onrechtmatig”.

Een woordvoerder van Eneco zegt dat het bedrijf bij de overheid „genoegdoening” zal eisen voor de geleden schade. Een bedrag wil hij niet noemen. Volgens Grünfeld van VEMW zullen de claims in de „vele honderden miljoenen” lopen. Het ministerie van Economische Zaken laat weten niet op de zaak te willen vooruitlopen. „Als er schadevergoedingsprocedures komen, zien we verder”, zegt een woordvoerder.