Liever een plaatje erbij dan je relatie redden

Journalist Robert Haagsma heeft een verzameling van 15.000 platen.

Hij schreef een boek over mensen die een nog grotere verzameling hebben.

Robert Haagsma Foto Lex van Rossen Rottterdam, 22-5-2006. ROBERT HAAGSMA t.a.v. fotredaktie next FOTO LEX VAN ROSSEN ROSSEN, LEX VAN

Een partner heeft de aan vinyl verknochte bankmedewerker Emiel Buis (1965) niet. Zijn manier van leven is, zo vertelt hij in het boek Vinylfanaten, niet te combineren met ‘zoiets als een relatie’. „Als ik een bepaalde plaat wil hebben, zal die er hoe dan ook komen. Ook al moet ik wekenlang leven op pannenkoeken en Brinta. Mijn gas, licht en huur zal ik altijd betalen. De rest, zoals eten, is onderhandelbaar. ‘Schat, we eten voorlopig niets, want ik heb zojuist een hele zwik platen gekocht!’ Vroeg of laat gaat dat wringen.”

Het solistische fanatisme van Buis, de eerste van 22 verwoede vinylverzamelaars die journalist Robert Haagsma (Algemeen Dagblad, Aardschok) in zijn boek presenteert, is uitzonderlijk maar zet direct de toon van het boek, waarin de logica van het dagelijkse leven rücksichtslos plaats moet maken voor dat van de hardcore verzamelaar.

Hilarisch zijn de door Willem Venema, concertorganisator, zelf getypte velletjes waarin hij laat zien hoe onmogelijk het voor hem is om uit zijn 55 vierkante meter vinyl een toptien te destilleren. Of de anekdote van Mark Kneppers (Wipneus en Pim, Kraak & Smaak) die ooit sliep op een matras die hij op dozen vinyl had gelegd vanwege ruimtegebrek (hij heeft zo’n 40.000 platen).

Haagsma (42) is zelf een verzamelaar, hij heeft 15.000 platen, en vond de verhalen van de vinylfanaten die hij tegenkwam op platenbeurzen en in platenwinkels zo inspirerend dat hij er een boek over schreef.

Maar zijn boek is tegelijk een pleidooi voor het door de opkomst van digitale media sterk verdrongen medium vinyl.

In Vinylfanaten schrijft Haagsma: „Ik heb sowieso gemerkt dat iemand die zich verlustigt aan analoge klanken vaak net een iets persoonlijker band met muziek heeft dan degenen die al lang geleden overgestapt zijn op cd. Of erger, die de liedjes downloaden en afspelen op hun iPod.”

Denk je echt dat het medium bepaalt wat voor band je met de muziek hebt?

„Het ligt er aan hoe je er mee omgaat, maar ik heb wel die indruk. Voor de generatie die is opgegroeid met cd’s en downloads is muziek alleen nog maar klank; het fysieke is verdwenen. Een nummer staat een paar weken op de harde schijf en wordt weer gewist, terwijl een plaat aanschaffen echt een gebeurtenis is. Een LP afspelen vergt betrokkenheid. Je moet er voorzichtig mee omgaan en na twintig minuten moet je hem omdraaien.”

Maar daar gaat de muziek toch niet anders van klinken?

„Nou, muziek uit de jaren zestig en zeventig klinkt naar mijn idee wel het beste op LP; het is daarvoor gemaakt en klinkt op geen enkel ander medium zo mooi. Tegenwoordig produceren muzikanten hun muziek voor cd’s, dus bij muziek van nu is het klankmatige verschil verwaarloosbaar.”

Het zijn in het boek soms net postzegelverzamelaars. Het gaat meer om hoesdetails dan om de muziek.

„Het is ook leuk om uit te pluizen in wat voor varianten een plaat allemaal is uitgekomen. Dat The Beatles in Frankrijk als ‘Les Beatles’ werden uitgebracht, of dat een plaat die je al kent ook met een klaphoes bestaat. Sommige platen heb ik zelfs meer voor de hoes gekocht dan voor de muziek, puur om de esthetiek.”

Je hebt hippe dj’s geportretteerd en neurotische hobbyisten. Wat hebben al die verzamelaars met elkaar gemeen?

„De meesten zijn behept met een enorme nieuwsgierigheid en nemen geen genoegen met middelmatigheid. En het zijn vaak eenzelvige personen, die meer op hun gemak zijn met spullen dan met mensen.”

    • Saul van Stapele