Halfuur versus een kwartier

Lousewies van der Laan wil D66-lijsttrekker worden. Ze zal het moeten opnemen tegen Alexander Pechtold. Gisteren bleek al welke verschillen er zijn.

Lousewies van der Laan, fractievoorzitter van D66 in de Tweede Kamer en sinds gisteren kandidaat-lijsttrekker voor haar partij, vindt dat D66 moet veranderen. D66 moet geen elitaire partij meer zijn in een „niche”, voor kiezers die de PvdA te links vinden en de VVD te rechts, maar een „brede sociaal-liberale beweging”.

In een hoek van café Wildschut in Amsterdam maakte Lousewies van der Laan gisteravond bekend dat ze partijleider wil worden. Ze praatte ruim een half uur over de toekomst van D66 onder haar leiding. Alexander Pechtold, die zich twee weken geleden op een partijbijeenkomst in Hengelo kandidaat stelde en de belangrijkste concurrent voor van Van der Laan lijkt te worden, had voor hetzelfde onderwerp een kwartier nodig. Een verschil in stijl dat volgens D66-leden een bezwaar zou kunnen zijn als Van der Laan lijsttrekker wordt: ze heeft te veel woorden nodig om iets te zeggen. Daar houden kiezers niet van.

Pechtold, nu minister voor Bestuurlijke Vernieuwing, denkt niet dat kiezers verlangen naar een ander, vernieuwd D66. „Omo Power, weer vernieuwd. Ik ben dan zo’n consument die denkt: het zal wel.” Pechtold vindt „het redelijk alternatief”, een D66-slogan van lang geleden, nog heel mooi klinken.

Pechtold zei eerder dat hij de sympathie wil terugwinnen van kiezers die D66 als tweede keus hadden: mensen die op andere partijen stemmen, maar „geregeld” ook op D66. Van der Laan noemt dat ambitieniveau „niet passend bij een jonge ideeënpartij als D66”. „Ik denk dat ons verhaal iedereen zou moeten bereiken die zich niet wil laten regeren door angst of behoudzucht.”

En twijfel – volgens Pechtold de kracht van D66 – is niet „het hoogste goed”, vindt Van der Laan. „Je moet nadenken en dan een standpunt innemen. En natuurlijk: als er nieuwe inzichten komen, kun je een ander standpunt innemen.” Nee, vindt ze, dat is niet hetzelfde als twijfel toelaten.

Pechtold denkt dat het in de verkiezingscampagne voor het D66-lijsttrekkerschap om stijl zal gaan, en om „accentverschillen”. Er zijn volgens hem geen „vleugels” in de partij, zoals bij de VVD, waardoor de verkiezing van een nieuwe leider in de media beschreven zou gaan worden in oorlogsbeeldspraak – zoals bij de VVD. Mag D66 niet twijfelen van Van der Laan? „Daar kun je genuanceerd over denken”, zei Pechtold gisteravond vriendelijk.

Eén belangrijk inhoudelijk verschil tussen de twee kandidaten bleek gisteren al wel: Lousewies van der Laan zei in Amsterdam dat ze tegen het islamitisch onderwijs is. Ze vindt dat dat de integratie van minderheden belemmert. „Kinderen moeten bij elkaar gebracht worden.” Ze wilde niet meteen zeggen dat dan ook het protestants en katholiek onderwijs zou moeten worden afgeschaft. Dat was, zei ze, een onderwerp voor het verkiezingsprogramma. „Ik vind wel: gelijke monniken, gelijke kappen. De discussie over andere vormen van bijzonder onderwijs kun je niet uit de weg gaan.”

Alexander Pechtold is het daar niet mee eens. Je kunt niet vóór de vrijheid van het individu zijn, vindt hij, en tegelijkertijd ouders verhinderen dat ze zelf kiezen wat de basis is van het onderwijs voor hun kinderen.

Lousewies van der Laan wil met haar ideeën over het bijzonder onderwijs, waar ze gisteravond voor het eerst mee kwam, vooral laten zien dat D66 moeilijke discussies „aandurft”. Ze denkt, net als Pechtold, dat potiëntele kiezers van D66 graag willen dat de nieuwe leider lef en zelfvertrouwen heeft.

Bij haar kandidaatsstelling wilde ze graag meteen duidelijk maken waarin zij anders is en anders denkt dan Pechtold. Om dat te snappen moesten de D66-leden wel precies weten wat Pechtold had gezegd over twijfel als teken van kracht en over het verleden van D66 dat volgens hem zo slecht nog niet is.

Minder ingewikkeld was het voor de leden in café Wildschut om te begrijpen wat Lousewies van der Laan bedoelde toen ze zei: „Mijn campagne voor het partijleiderschap zal zich in ieder geval niet richten op het verwerven van steun van zoveel mogelijk partijprominenten. Daar zijn anderen veel beter in.”

Op het partijcongres in Zutphen, anderhalve week geleden, had oud-D66-leider Hans van Mierlo gezegd dat er weer hoop was voor de partij, omdat Pechtold zich kandidaat had gesteld voor het lijsttrekkerschap. Die zou de partij, als buitenstaander, weer uit „het gat” kunnen trekken.

Na haar toespraak in café Wildschut zei Van der Laan: „Mij gaat het om de inhoud en niet om de poppetjes. Ik vind het opvallend dat mensen hun keuze al hebben gemaakt voordat ik met mijn inhoud ben gekomen.”

Pechtold, gisteravond: „Ik vind niet dat ik mij in een hoekje hoef gaan zitten schamen omdat er mensen zijn die mij steunen.”

    • Petra de Koning