Moeder van de Afro-Amerikaanse dans

Katherine Dunham in 1941 in ‘Cabin in the Sky’ (Foto AP) ** FILE ** Katherine Dunham is shown in character for the Broadway musical "Cabin in the Sky" in a 1941 file photo. Dunham, a pioneering dancer and choreographer, author and civil rights activist who left Broadway to teach culture in one of America's poorest cities, died Sunday, May 21, 2006. She was 96. (AP Photo) Associated Press

Katherine Dunham, pionier van de Afro- Amerikaanse dans, is zondag op 96-jarige leeftijd in New York overleden. Dunham integreerde volksdansen uit de Afrikaanse diaspora in de westerse dans. Verder deed ze antropologische studies naar de Afrikaanse wortels van de dans in de Amerika’s. Dunham was een fel strijder tegen de apartheid in de VS.

Katherine Dunham werd op 22 juni 1909 geboren in Glen Ellyn (Illinois). Als eerste zwarte studente aan de universiteit van Chicago richtte zij in de jaren dertig de Ballets Nègre op, de eerste Afro-Amerikaanse dansgroep, en deed ze onderzoek naar de Afrikaanse dansculturen in de Amerika’s. In 1936 maakte ze hiervoor een reis door Jamaica, Trinidad, Cuba, Haïti en Martinique. Lange leefde zij een deel van het jaar op Haïti en werkte daar als voodoo-priesteres. Zij schreef antropologische studies als Journey to Accompong (1946) en Island Possessed (1969).

Terug in Chicago vormde ze in 1937 haar Dunham Negro Dance Group. De ‘tropische’ dansen die ze op haar reis geleerd had mengde zij met Afro-Amerikaanse volksdansen en mainstream showdans waardoor een gehele nieuwe stijl ontstond. In 1938 kwam die stijl tot wasdom in het ballet L'Ag'Ya. In 1940 namen Dunham en haar groep deel aan Balanchine’s zwarte Broadwaymusical Cabin in the Sky. Haar eigen ‘revue’ Le Jazz Hot-From Haiti to Harlem maakte van Dunham in 1940 een geliefd choreografe. Amerikaanse critici beschouwen Bal Nègre (1946) als haar beste werk. In de jaren veertig en vijftig toerde de glamoureuze schoonheid met haar groep over de hele wereld. Om aan geld te komen voor haar serieuze werk danste zij met haar groep ook in nachtclubs of zij speelde in films, als in Carnival of Rhythm (1939), Star-spangled Rhythm (1942), Stormey Weather (1943), Casbah (1948), Mambo (1954) en Pardon my Sarong.

In 1967 zei ze de danswereld vaarwel en stichtte zij in het arme, door misdaad geteisterde East St. Louis (Illinois) een volksschool voor de kunsten, de Katherine Dunham Centers for the Arts and Humanities, waar arme kinderen en volwassenen gratis les konden krijgen in dans, Afrikaans haarvlechten, houtsnijden en converseren in het Creools, Swahili, Spaans en Frans. Ook gaf Dunham Oosterse vechtsporten, om „de straatjeugd iets meer opbouwends bij te brengen dan genocide.”

In 1992 haalde zij nog de kranten door als 82-jarige in hongerstaking te gaan tegen de uitzetting van Haïtiaanse bootvluchtelingen. De afgezette Haïtiaanse premier Aristide kwam haar persoonlijk smeken weer te gaan eten. In haar laatste jaren leefde ze in armoede van de giften van vrienden als zanger Harry Belafonte en filmacteur en rapper Will Smith.