‘Europa hoeft niet aan Polen te twijfelen’

In Polen regeert sinds kort een coalitie waarvan populisten en fundamentalistische katholieken deel uitmaken. Geen mensen die in het buitenland vertrouwen wekken. Zijn twijfels gerechtvaardigd?

Julia Pitera ergert zich mateloos aan de Poolse politiek, helemaal na de recente toetreding van radicale boeren en extreme nationalisten tot de regering. Maar de parallel die nu veelvuldig wordt getrokken met de opkomst van Jörg Haider in Oostenrijk ergert haar nog veel meer. „Polen is absoluut geen Oostenrijk”, zegt ze. „Europa hoeft zich geen zorgen te maken.”

Pitera is bepaald geen vriend van de huidige regering in Warschau. Zij is lid van het Burgerplatform (PO), de grootste oppositiepartij. Haar partij was vorig jaar bij de parlements- en presidentsverkiezingen de gedoodverfde winnaar, maar werd tweemaal afgetroefd door Recht en Rechtvaardigheid (PiS).

PiS en PO hebben veel gemeen. Beide partijen richten hun pijlen op de oud-communistische elite, die na 1989 een systeem van nepotisme en corruptie in stand zou hebben gehouden. Pitera heeft jarenlang tegen dat systeem gevochten, als hoofd van de Poolse tak van Transparency International. En ook de regering vecht, met een nieuw anticorruptiebureau, dat verdachten mag afluisteren. Er zijn al spectaculaire arrestaties verricht.

Toch er is een wezenlijk verschil, zegt Pitera. „Zij schieten eerst en denken dan pas na. Voordat je massale arrestaties laat uitvoeren, moet je ook weten wie je in de boeien slaat. Ik vrees dat veel onschuldige mensen slachtoffer zullen worden.”

Vóór de verkiezingen trokken PiS en PO eendrachtig op als toekomstige coalitiepartners. Pas daarna kwamen de verschillen in alle hevigheid aan het licht. PiS leidde vervolgens een half jaar lang een minderheidsregering, maar verwierf twee weken geleden alsnog een meerderheid, met de steun van de populistische boerenleider Andrzej Lepper en van Roman Giertych, leider van de ultrakatholieke Liga van Poolse Families (LPR). Die coalitie van anti-Europese, xenofobe partijen leidde tot bezorgde reacties in het buitenland.

Glijdt Polen af naar extremisme?

„Je zou denken van wel, maar tussen deze regering en de samenleving gaapt een kloof. Uit peilingen blijkt dat 85 procent van de Polen blij is met de toetreding tot de EU. Zo’n anderhalf miljoen Polen werken in het buitenland en gebruiken volop de mogelijkheden van de EU. Polen houden niet van extremen. Bij de laatste verkiezingen ging iedereen ervan uit dat er een coalitie van PO en PiS zou komen. Als men toen had geweten dat PiS met populisten in zee zou gaan zou er anders zijn gestemd. Gelukkig kunnen Polen prima uit de voeten met een niet-representatieve regering. Dat is, achteraf gezien, een positief effect geweest van het communisme.”

Wat is het verschil tussen Haider en Lepper?

„Haider is een slimme man. Hij is níet tot de regering toegetreden. Ik mag hem niet, maar hij is wel iemand die, op zijn eigen manier, aan het landsbelang van Oostenrijk denkt. Poolse politici zijn vooral met zichzelf bezig. De beslissing van Lepper om minister te worden was heel persoonlijk. Hij is altijd belachelijk gemaakt als iemand uit een klein dorp, met een slechte opleiding. En nu kan hij zeggen: ik ben minister en vicepremier. Lepper is trots op zijn titels. Hij heeft zijn anti-Europese retoriek al heel erg afgezwakt. Iets soortgelijks doet Roman Giertych. Hij wil zijn imago graag veranderen. De reacties op het antisemitisme binnen zijn partij zijn buitenproportioneel. Dat antisemitisme is heel verbaal. Er worden hier geen synagogen in brand gestoken.”

Was het dan juist niet heel slim om ze op te nemen in de coalitie?

„Ja, politiek gezien was het dat wel. Maar het imago van Polen ligt natuurlijk aan duigen. Het populistische gevaar is ook nog niet geneutraliseerd, want achter Lepper en Giertych staan ook weer mensen die posities en titels opeisen. Het leiderschap van Giertych binnen de Liga van Poolse Families is al niet meer onbetwist. PiS speelt daarop in. Het wil Lepper en Giertych kiezers afvangen. De partij is opeens heel katholiek en voert een haast links economisch beleid, met nadruk op sociale uitgaven. Op het platteland valt dat goed.”

Corruptiebestrijding, uw paradepaardje, is een topprioriteit van deze regering. Toch bent u niet tevreden.

„Corruptiebestrijding begint met sterke instituties. Als de gezondheidszorg rammelt zoeken burgers naar manieren om toch goede zorg te krijgen. Deze regering laat het systeem intact. Sterker nog: deze regering het wil het systeem bemannen met eigen mensen. Niet voor niets wordt het verplichte examen voor ambtenaren binnenkort afgeschaft. PiS houdt niet van examens, want daarvoor moet je namelijk slagen.”

    • Stéphane Alonso