Dreigende scheuring VVD is niet nieuw

De VVD is verdeeld. Dat is geen nieuws. Afgelopen zaterdag schreven Cees Banning en Petra de Koning in deze krant dat de VVD door de kwestie-Hirsi Ali in een week tot op het bot verdeeld raakte. Niet juist. Dit proces gaat iets verder terug en werd de afgelopen week meer evident.

In wezen moeten we teruggaan naar het leiderschap van Hans Dijkstal ten tijde van Paars 2. Een fors deel van de VVD had niks met Dijkstal, vond hem te liberaal, te veel aan de linkervleugel opererend en weinig doortastend. Paars 2 had ook niet de bezieling en magie van Paars 1. Toch kwam de onenigheid binnen de VVD nog niet naar buiten. Het CDA was immers zwak en niet hersteld van de forse tik in ‘94. Bovendien kreeg deze partij ook nog eens te maken met het koningsdrama, waardoor De Hoop Scheffermoest aftreden.De strijd in 2002, was wel duidelijk, zou gaan tussen Melkert en Dijkstal. En de VVD had daarom geen trek in interne strijd.

Toen kwam het beruchte najaar van 2001. Pim Fortuyn kwam op en veegde de vloer aan met Den Haag, Paars en de ouderwetse voorlieden van PvdA en VVD. Melkert en Dijkstal bladderden verder af. En toen werd de VVD zenuwachtig. Partijvoorzitter Eenhoorn bepleitte de Jip-en-Janneke-taal, die Dijkstal moest gebruiken en de taal moest harder en steviger. Nederland kwam in een recessie, mensen werden onzeker en de pappen en nathouden integratie van Paars was faliekant mislukt. Fortuyn werd steeds populairder. Elf september speelde hem in de kaart. Eerst met Leefbaar Nederland en later met de LPF sprintte Fortuyn richting verkiezingszege en het CDA schoot eveneens omhoog. De oude politiek had het nakijken, de kritiek op Dijkstal groeide en zijn softe aanpak beviel de VVD-aanhang steeds minder. Na de verkiezingen van mei 2002 moest Dijkstal het veld ruimen, Zalm nam de leiding en de VVD wilde zich hergroeperen in de oppositie.

Met tegenzin nam de VVD uiteindelijk deel aan het kabinet-Balkenende 1, samen met het CDA en de LPF. De VVD vond voortdurend dat zij recht had op die LPF-zetels en toen de ruzies binnen en rond de LPF volledig uit de hand liepen, ‘werd de stekker er uit getrokken’. Door Zalm? Het kwam de VVD in ieder geval goed uit. Zalm voelde zich niet gelukkig als fractieleider en nu kwam de kans om de zetels terug te veroveren op de LPF. In januari 2003 gingen de verkiezingen tussen Balkenende en Bos. Zalm en de VVD kwamen er niet aan te pas.

Na enkele maanden formeren konden het CDA en de VVD doorgaan, maar met D66 erbij. Zalm ging terug naar Financiën en Van Aartsen werd fractieleider. En toen werd de verdeeldheid pas echt groot. Van Aartsen wilde de teugels laten vieren in de fractie. Laat duizend bloemen bloeien. Iedere richting moet zijn kansen hebben.

Van Aartsen gaf ruimte aan de drie richtingen die binnen de VVD steeds meer gingen opspelen. De links-liberalen die nog heimwee hadden naar Paars, niks van het CDA moeten hebben en bestuurlijk nog meer vernieuwend zijn dan D66. Deze groep kreeg veel invloed bij het opstellen van het Liberaal Manifest, waarin zelfs de premier gekozen mocht worden.

De tweede groep die Van Aartsen de ruimte gaf was de populistische rechtervleugel met mensen als Wilders, Hirsi Ali en Van Baalen. Deze groep moest de rechterflank afdekken om een ‘nieuwe LPF’ te voorkomen.

En de derde groep was de groep klassieke VVD’ers met mensen als Wiegel en Hoogervorst. Door op drie paarden te wedden, verloor Van Aartsen op alledrie de fronten. Hij had moeten weten dat de kiezer duidelijkheid wil. Geen gezweef. Natuurlijk, een grote partij heeft vleugels, maar uiteindelijk wel gegroepeerd rond één ideologie en dat was bij de VVD niet het geval. Wilders verliet de partij en probeerde alsnog het gat op rechts te vullen, waardoor de driepotige spagaat van de VVD nog lastiger werd. En misschien moet een liberale partij ook niet groot willen zijn. Na de raadsverkiezingen trad Van Aartsen af en toen kwam de lijsttrekkerverkiezing. Rutte lijkt de liberale en ook de meer klassieke lijn te kunnen afdekken. Verdonk, aanvankelijk geen lijsttrekker, is boegbeeld van de meer rechterkant van de VVD.

Hoe nu verder? Er zijn verschillende scenario’s. Wanneer Rutte de interne strijd wint, dan is er een gerede kans dat Verdonk haar eigen partij begint, waardoor de VVD een fors deel van de aanhang zal verliezen. Wanneer Verdonk de strijd wint is er een ander probleem, omdat nagenoeg de gehele partijtop voor Rutte gekozen heeft. De partij is dan als het ware gekaapt.

Beide scenario’s zijn niet gunstig voor de VVD. Neem daarbij dat intern verdeelde partijen het electoraal nooit goed doen en dat de strijd dan wel heel sterk gevoerd gaat worden tussen het CDA en de PvdA en er dreigt een forse klap voor de VVD.

Frank A.M. van den Heuvel is redactielid van Christen-Democratische Verkenningen.

    • Frank A.M. van den Heuvel