Aanval op Afghaans dorp: 17 of 26 doden

Er bestaat nog steeds onduidelijkheid over het aantal burgerslachtoffers dat gisterochtend vroeg is gevallen bij een Amerikaanse luchtaanval op een dorpje in de Zuid-Afghaanse provincie Kandahar. Volgens de lokale autoriteiten zijn zeventien dorpelingen gedood, en dat aantal is ook door een arts bevestigd. Maar andere ooggetuigen zeggen dat mogelijk wel 26 burgers om het leven zijn gekomen, onder wie kinderen.

De Amerikaanse strijdkrachten hebben inmiddels verklaard dat bij de aanval op het dorpje Azizi vermoedelijke tachtig strijders van de Talibaan zijn gedood. In een verklaring staat dat de dood van twintig rebellen is bevestigd, en dat er „onbevestigde” berichten zijn van nog eens zestig slachtoffers onder de Talibaan. Met helikopters werd in de nacht van zondag op maandag een madrassa (koranschool) in het dorp onder vuur genomen waar de Talibaan-strijders overnachtten. Talibaan-strijders vluchtten daarop omliggende huizen binnen.

Met het incident in Azizi is het aantal gedode Talibaan-strijders sinds vorige woensdag gestegen tot boven de driehonderd. Op die dag brak in de zuidwestelijke provincie Helman hevige strijd uit met Afghaanse eenheden en militairen van de internationale troepenmacht. Vanochtend werden in Helmand drie Afghaanse politieagenten gedood in een hinderlaag, maar volgens de Afghaanse politie werden ook twaalf Talibaan-strijders gedood.

Gistermiddag kwamen op een drukke weg op veertig kilometer ten westen van de hoofdstad Kabul een arts, twee verplegers en hun chauffeur om het leven toen een landmijn ontplofte terwijl ze in hun auto passeerden. De slachtoffers werkten voor een Afghaanse medische hulporganisatie. Medisch personeel, onderwijzers en andere hulpverleners zijn vaker het doelwit van de Talibaan omdat ze zouden bijdragen aan de Amerikaanse bezetting van Afghanistan. (AP, Reuters)