Zwarte bergen

Het is niet voor het eerst dat Montenegro zichzelf onafhankelijk verklaart of de status van onafhankelijkheid verkrijgt. Gisteren stemde - naar het zich nu laat aanzien - iets meer dan 55 procent van de kiezers per referendum voor losmaking van Servië, waarmee Montenegro tot vandaag een unie vormt. De Montenegrijnen zijn lang door de Bulgaren overheerst; maakten deel uit van het Groot-Servische Rijk en stichtten eind vijftiende eeuw hun eigen staat. Die werd vervolgens overlopen door de Turken, waarna het bergrijkje een lange geschiedenis doormaakte van onderwerping en vrijheidsstrijd. In 1878 werd Montenegro weer eens onafhankelijk verklaard en verkreeg het gebiedsuitbreiding. Het roerde zich als koninkrijk stevig in de Balkanoorlogen van 1912-1913. Tegen deze achtergrond verbaast het niet dat oud-president en huidig premier Djukanovic zich wil losmaken van het grotere Servië. Historisch knelt die band. Los daarvan: de unie met Belgrado, in 1993 gesticht, heeft nooit echt gewerkt.

De wil van de Montenegrijnen valt slechts te respecteren. Maar dat betekent niet dat een onafhankelijk Montenegro per definitie een goede zaak is. Voor Europa, en daarmee voor Nederland, is het belangrijk wat er in dit beladen deel van de Balkan gebeurt. De Europese Unie heeft een actieve rol gespeeld in de totstandkoming van de unie met Servië. De EU heeft nadrukkelijk laten weten dat ze Montenegro pas als staat erkent als meer dan 55 procent van de kiezers voor onafhankelijkheid stemt. Het lijkt erop dat dat gisteren is gebeurd. Brussel moet de reddingboei voor de Montenegrijnen worden, die zich door de oorlogen van de jaren negentig en vooral door de Servische rol daarin ongewild in een isolement voelen geplaatst.

Maar niemand in Brussel of de Europese hoofdsteden zit te wachten op een zelfstandig ministaatje in de Balkan van dubieuze reputatie. Montenegro is een van de armste en minst dichtbevolkte gebieden van voormalig Joegoslavië. Banen en goede vooruitzichten daarop zijn er nauwelijks. Veel meer dan het toerisme en een roemrucht verleden heeft Montenegro (Crna Gora, of zwart gebergte) niet te bieden. De jeugd trekt weg, op zoek naar werk in Belgrado of West-Europa. Hoe Montenegro met zijn 620.000 inwoners zich dadelijk moet opstellen tegenover Servië met zijn bevolking van acht miljoen is vooralsnog een raadsel. Wat de gevolgen van de onafhankelijkheid zijn voor de Montenegrijnen die in Servië wonen, is eveneens lastig te voorspellen. De moeilijkste opgave voor premier Djukanovic is om de grote minderheid te apaiseren die tegen onafhankelijkheid stemde.

De zuidelijke Balkan blijft Europa's probleemgebied nummer één. Het is een broddellap waarvan de verschillende onderdelen door veel internationale bemoeienis worden weerhouden van nieuwe, onderlinge animositeit. Omdat ze nu eenmaal historisch en geografisch bij Europa horen, zal Brussel zich moeten blijven bezighouden met al die regio's, republieken en would-be rijkjes. Fijn is anders, maar het biedt tenminste iets van een waarborg voor rust; een Europees belang van de eerste orde.