Schokkend nieuws uit Iran - maar niet heus

De Canadese National Post schokte westerse leiders met het bericht dat Iran joden zou gaan verplichten onderscheidende tekens op hun kleren te dragen. Het verhaal was niet waar.

Schokkend nieuws op de voorpagina van de Canadese krant National Post vrijdag. Joden en christenen in Iran zouden verplicht worden om onderscheidende tekens op hun kleding te dragen, respectievelijk geel en rood, zo meldde de krant. Om het verhaal kracht bij te zetten werd er een grote foto bij geplaatst van twee joden in de Tweede wereldoorlog in Duitsland met Davidsterren op hun kleding.

Het Simon Wiesenthal centrum reageerde al vóór publicatie met een woedende brief aan Kofi Annan, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, waarin een onmiddellijk onderzoek werd geëist. Verscheidene serieuze media namen het sensationele bericht over.

Maar al snel bleek dat het verhaal niet klopte.

Op 15 mei nam het Iraanse parlement een wet aan die de regering verplicht te onderzoeken wat een goed kledingadvies voor het Iraanse volk zou zijn. Daarnaast beoogt de wet lokale fabrikanten te beschermen tegen de invasie van Chinees textiel. In Iran zijn hoofddoek en lange mantel verplicht voor vrouwen. Mannen mogen geen korte broeken dragen. In grote steden worden de hoofddoeken steeds kleiner en de mantels jakjes. Dit tot afschuw van Iraanse conservatieven die echter wel beseffen dat de manier van kleden niet is af te dwingen.

Over dwang wordt in de wet dan ook niet gesproken, en over onderscheidende kleding voor minderheden al helemaal niet. Vorige maand deelde president Mahmoud Ahmadinejad nog mee dat niemand Iraanse vrouwen kan dwingen tot het op juiste wijze dragen van de hoofddoek en verdere islamitische kleding. Maurice Mothammed, een joods lid van het Iraanse parlement, sprak het verhaal uit de National Post meteen tegen en noemde het een “belediging voor Irans minderheden“.

Desondanks reageerden diverse internationale politici op het verhaal over de kledinglijn voor Iraanse minderheden. Stephen Harper, de premier van Canada, gaf toe niet in te staan voor de juistheid van het verhaal, maar achtte Iran in staat tot dergelijke besluiten. “We hebben genoeg van dat land gezien dat suggereert dat het in staat is tot dit soort maatregelen. Het is verbijsterend dat enig regime ter wereld maatregelen wil nemen die doen herinneren aan het nazitijdperk“, zei hij. De Australische premier John Howard zei dat “alles wat hiermee te maken heeft totaal onverenigbaar is met geciviliseerde landen“. Het Amerikaanse State Department, reageerde ongeveer hetzelfde.

De bron van de affaire was een gevluchte Iraniër met sterke banden met de Amerikaanse neocons, Amir Taheri. Hij was van 1972 tot 1979 hoofdredacteur van de belangrijkste pro-sjah krant, en verliet Iran toen de sjah in 1979 tijdens de islamitische revolutie werd verdreven. Taheri heeft nu onderdak gevonden bij het Amerikaanse pr-bedrijf Benador Associates, dat vrijwel exclusief neoconservatieve sprekers en auteurs levert. Hoewel Taheri zich introduceert als onafhankelijke expert heeft hij altijd een politieke agenda. Hij maakt deel uit van een kleine, maar invloedrijke Amerikaanse groep van critici van Iran.

De National Post, die bekend staat als pro-Israël, plaatste zaterdag de ontkennende reactie van de Iraanse ambassade in Canada, maar trok de eerdere verhalen niet terug.

Rabbijn Marvin Hier van het Simon Wiesenthal centrum, schrijver van de brief aan Kofi Annan, gaf later toe geen andere bronnen te hebben geraadpleegd dan het krantenstuk. Desondanks gelooft hij nog steeds dat de Iraanse wet voor speciale minderhedenkleding bestaat.

    • Thomas Erdbrink