Prijs voor u weet wel

Nog even en u weet wel - dochter van hoe heet 'ie, die de zoon is van dingetje, de zoon van huppeldepup, de zoon van kom, toe nou, die de zoon was van dinges, die de zoon was van zeg es even, van die ene, van die ander, van het geslacht van je weet wel, de zoon van het zal wel - kríjgt de Nobelprijs voor de Vrede. Voor de goede verstaander, ze is al een paar maanden geleden voorgedragen als kandidaat.

God behoede ons.

Hoe weinig er tegenwoordig toch voor nodig is om kandidaat voor zo'n prijs te worden. Nou ja goed, iedere gek kan iemand voordragen. Genomineerd worden is een tweede. Het wórden is al helemaal van een andere orde. Geen zorgen dus. Maar dat u weet wel dergelijke gevoelens óproept...

Het past waarschijnlijk goed bij de moderne compassie van het 'dit-pikken-we-niet-langer'-tijdperk waarin we leven. Het Diana-Tjoelker-Hazes-gevoel. Emotie op afroep. Allemaal een mening. Samen één. God, wat is dít erg. Wat gaan we doen? De straat op! Nee beter, de Nobelprijs!

Wat zouden echte dissidenten er van denken? Mensen die zelfs zonder provoceren hebben te vrezen voor hun leven. Mensen die offers hebben gebracht omdat ze tolerant zijn.

Iemand zoals Aung San Suu Kyi bijvoorbeeld. Ja die. Die heeft van de laatste zeventien jaar al tien jaar doorgebracht onder huisarrest. Haar medestanders zitten achter slot en grendel. Ze predikt democratie in haar land Birma. Maar dat wordt gesteund door ons nieuwe vriendje China. En dus horen we er weinig van. Birma heeft geen afzetmarkt.

Afgelopen week was de VN bij uitzondering even bij haar op bezoek. Zij heeft trouwens de Nobelprijs voor de Vrede al gehad. Terecht. Maar wat zou het. Wíj hebben u weet wel. Het is ook wel erg ver weg voor een land dat zelfs geen bescherming kan bieden aan mensen zoals u weet wel, die het gebrek aan bescherming van mensen zoals zijzelf in de hand heeft gewerkt.

Oud-correspondent in China en (beginnend) filmmaker