Niet alle scholen willen kind opvangen

Vanaf 2007 moeten scholen kinderen voor en na de lessen opvangen. Maar veel scholen willen dat liever niet. “Ons gebouw is er niet op berekend.“

Voor- en naschoolse opvang? Voor veel directeuren van basisscholen blijkt het een hoofdpijndossier. Toch moeten zij het vanaf augustus 2007 gaan regelen. Vanaf die datum moeten alle rond de 7.000 basisscholen in het land opvang verzorgen na en vóór schooltijd voor hun leerlingen, als ouders daarom vragen. Dat komt door de motie Van Aartsen/Bos (zie kader). Ook als er op een school maar één ouder(paar) is dat opvang wil, dan moeten scholen daarvoor zorgen.

Hoe ver zijn scholen er inmiddels mee?

Nog niet zo héél ver, zo blijkt uit een telefonische rondgang. Een aantal schooldirecteuren maakt zich zorgen of ze augustus 2007 wel gaat halen, zo zegt bijvoorbeeld Hans Waalkens, directeur van openbare basisschool De Doefmat in Groningen. Anderen zeggen te wachten op “initiatieven van het schoolbestuur“.

“De schoolleiders met wie wij contact hebben gehad over de buitenschoolse opvang, zeggen massaal: niet doen“, zegt Siem Huisman, van de Protestantse Christelijke Schoolleiders en tevens lid van de werkgroep onderwijs en kinderopvang. Daarin zijn 21 organisaties uit onderwijs en kinderopvang verenigd. “Er zijn ook directeuren die zeggen: hiermee kunnen we ons profileren“, zegt Huisman. “Maar de meesten hebben nog niets gedaan.“

Sommige scholen hebben het al wél geregeld. Die hadden al afspraken over kinderopvang, voordat de motie van kracht werd. Zoals bijvoorbeeld basisschool Over de Slinge in het Rotterdamse Pendrecht. De drie basisscholen in de wijk onderhouden al jaren contacten met de kinderopvang aldaar. “Als ik het allemaal zelf van de grond had moeten krijgen, was het wel problematisch geworden“, zegt directeur Ruud van Orsouw. “Dit kan niet in elke wijk zo makkelijk.“

Veel directeuren willen ouders straks doorverwijzen naar de plaatselijke kinderopvang. Dick Bouwman bijvoorbeeld, directeur van de Berg en Bosschool in Apeldoorn. Hij weet al dat vijf van de 260 leerlingen voor BSO in aanmerking willen komen. “We zeggen eerlijk dat wíj het niet kunnen organiseren. Ons gebouw is er niet op berekend. Daarmee valt onze verantwoordelijkheid weg.“

Maar neemt de rechter daar straks genoegen mee als een ouder bezwaar maakt? “Ik heb geen idee“, zegt Bouwman. En: wat als er geen plek is bij de kinderopvang? Soms zijn er wachtlijsten. “We hebben plek tot 30 kinderen in de buurt“, zegt Ton Scheltens van openbare basisschool De Noordlinde in Enschede. “Als er meer vraag is, weet ik niet hoe we daarmee omgaan.“ Kunnen ouders een school dwingen iets te regelen? “Ouders worden steeds mondiger“, zegt Siem Huisman van de werkgroep Onderwijs- en Kinderopvang. “Als ze niet tevreden zijn gaan ze wellicht juridiseren.“

De scholen móeten van “Den Haag' al zoveel, zeggen de directeuren. En daar komt deze motie weer bij. Chris Lindhout, directeur van basisschool de Schaapskooi in Nijverdal, stuurt een lijst met 15 onderwerpen waar scholen zich over moeten buigen, zonder extra geld. Zoals invoering van het vak Techniek, het inspelen op sociale problemen bij kinderen, de invoering van de nieuwe spelling, arboplan, communicatieplan, schorsings- en verwijderingsplan (voor leerlingen), dyslectieprotocol. “Het lijkt wel of alle maatschappelijke problemen worden afgewenteld op het onderwijs“, zegt Diane van der Schoot, directeur van basisschool De Homeie in Leeuwarderadeel.

Maar de directeuren hebben ook ideële bezwaren: is buitenschoolse opvang (BSO) eigenlijk wel goed voor kinderen? Het merendeel van de ondervraagde directeuren vindt drie dagen BSO per week eigenlijk het maximum. “Ik vind een schooldag al lang genoeg“, verwoordt Henk Bouwman van de openbare Berg en Bosschool de mening van velen. “Voor oudere kinderen is het prima, ook voor de rust en ontwikkeling, om na schooltijd opgevangen te worden en wat structuur bijgebracht te krijgen“, zegt Gerard Ranzijn van de openbare Jules Verne school in Alkmaar. “Zeker als er allerlei activiteiten geboden worden. Maar jonge kinderen hebben alle energie vaak al verspeeld op school. Voor hen is het belangrijk dat ze thuis zijn.“

Natuurlijk is het voor veel kinderen, vooral in de stad, beter onder begeleiding te worden opgevangen, dan dat ze op straat zwerven, zegt Ronald van der Vliet van de Amsterdamse Rosa Boekdrukker school. “Maar over het algemeen is het voor kinderen niet gezond elke dag van half acht “s ochtends tot half zeven “s avonds in een werksituatie te blijven“, zegt Rita Dijkstra, directeur van de Utrechtse Schoolvereniging. Ze wil stimuleren dat ouders regelen dat kinderen met elkaar naar huis gaan.

Zijn de scholen ouderwets? In het buitenland blijven kinderen al jaren een hele dag op school. Daar gaat veel goed, zegt directeur Wilco van der Maas van de Van Veldhuizen school in Rotterdam die graag naschoolse opvang zou willen aanbieden in zijn eigen schoolgebouw zodat kinderen niet “heen en weer gesleept hoeven worden“. Van der Maas: “Maar in het buitenland realiseren ouders zich ook dat ze de ontwikkeling van hun kinderen voor een deel uit handen geven.“