In Batmanpak achter het stuur van je Ferrari

Zelden zoveel bloed bij elkaar gezien als de afgelopen week in Cannes.

De bizarre films trekken stripliefhebbers; de sterren trekken dagjesmensen.

De Belgische acteur Benoit Poelvoorde springt over (vlnr) de Finse actrice Minna Haapkyla, de Franse filmregisseur Nicole Garcia, en de Franse acteur Vincent Lindon (uit de film ‘Selon Charlie’). Foto Francois Mori. Veel bloed in de bizarre films in Cannes Film pagina: 23 Belgium actor Benoit Poelvoorde jumps in the air over French actor Benoit Magimel, Finnish actress Minna Haapkyla, French Film Director Nicole Garcia, French actor Vincent Lindon, French actor Jean-Pierre Bacri, and guest, from left, during a photo call for their film "Selon Charlie," at the 59th International film festival in Cannes, southern France, on Saturday, May 20, 2006. (AP Photo/Francois Mori) Associated Press

Het weekend is spektakel in Cannes. Terwijl de verzamelde filmwereld op adem komt van de grote feesten van vrijdag en zaterdag, stromen dagjesmensen toe om een kijkje te nemen. Wie door zoveel mogelijk mensen bekeken wil worden, grijpt in het eerste weekend zijn kans. Dit zijn de dagen dat je er op uittrekt met je Rolls Royce, of dat je een Batmanpak aandoet en achter het stuur kruipt van een grijze Ferrari om urenlang rondjes te rijden over Boulevard de la Croisette en Rue d'Antibes. Dit is het moment om reclame voor een of ander te maken in je krokodillenpak. Dit is het moment om je hondje een zilveren zonneklep op te zetten bij het uitlaten. Dit zijn de dagen dat iedereen je ziet.

In het weekend trekt de ploeg van waanzinfilmfabriek Troma gewoontegetrouw luidkeels door de stad in hun monster- of superheldpakken, met hun opblaastieten en bloederige accessoires. Dan hangt er ineens een Japanner in Schotse kilt aan het kinderklimrek. Dan staan er drie Noren op de stoep te joelen met Vikinghelmen op hun hoofd en viltstift-tattoos op hun kolossale blote bierbuiken. En dan staat Penelope Cruz aan de arm van Pedro Almodóvar op de rode loper. Want al die kijkers en bekekenen zijn dit weekend alleen maar in Cannes omdat de films er zijn met hun sterren.

De films lijken dit jaar al even bizar als de carnavalstaferelen buiten. Zelden zoveel bloed bij elkaar gezien als de afgelopen week. Een man die zijn lippen liefst met een volle tampon stift - Shortbus. Leeglopende koeien in de 'crematoriumruimte' van het slachthuis - Fast Food Nation. Een man die zichzelf via de spiegel opereert - Taxidermia. Een man die met een nijptang tamelijk lang een kies uit zijn eigen kaak sleurt - Bug. Een dolverliefde jongen die zijn slagader doorsnijdt om een mooie vampierin te lokken - Paris, je t'aime. Ouderwets martelen: nagels uittrekken - The Wind That Shakes the Barley.

Naarmate het festival vordert, zie je meer journalisten in de zaal wegdommelen. Bij de vertoning van Taxidermia zat een vrouw die af en toe indutte en die, als ze weer wakker schoot, haar hand meteen voor haar mond sloeg om niet over te geven. Op sommige momenten lijkt film wel het exclusieve domein van jongetjes, of misschien moet je zeggen: stripliefhebbers, voor zover die categorieën elkaar niet overlappen.

Van alle bizarre films is Taxidermia van de Hongaarse regisseur György Pálfi met gemak de meest bizarre. Hij begint met een vlam en een mismaakte mond die eraan likt. De man kust de vlam met zijn hazenlip, laat hem over zijn borst dansen en zijn okselhaar schroeien. Hij neemt er een teug van. Hij grinnikt. Dan lacht hij hardop terwijl een steekvlam uit zijn stijve pik omhoog schiet. Het hele hutje licht op. De toon is gezet en waarom die vrouw in de zaal bijna moest overgeven, zullen we hier niet verklappen - hiernaast staat een kleine omschrijving. Het is genoeg te weten dat Pálfi zei dat hij Sin City van Robert Rodrigues gemaakt had willen hebben, en vooral Brazil van Terry Gilliam.

Even bizar, maar beslist minder bloedig - en minder goed - is de nieuwe film van de maker van Donnie Darko, Richard Kelly, die gisteren in première ging in de competitie om de gouden palm. Southland Tales speelt zich af in de zeer nabije toekomst, na een nucleaire aanval op Texas, waarna het 'een erg smerige geschiedenis' werd, zoals de voice-over vertelt.

Daarna volgen ruim tweeënhalf uur absurde verwikkelingen met politieagenten, pornosterren, politici, communistische cellen en Duitse geleerden in een overbekend decor, Los Angeles, en in overbekende scènes. Kelly heeft de vervreemding ten top willen drijven door al die angsten en toekomstvisioenen te projecteren op een decor dat de hele wereld kent van tv en film.

Het had geweldig kunnen zijn, maar het werkt niet. Zonde van alle moeite en talent.

    • Bas Blokker