De oosterse keuken thuis

Vanaf mijn twaalfde kookte ik regelmatig voor mijn familie. Vrijwel zonder uitzondering koos ik Chinese en Indonesische gerechten uit.

Een tijdlang was ku lo yuk favoriet, balletjes van varkensvlees die ik door een beslagje haalde en frituurde. Vervolgens gingen ze in een zoetzure saus met ananas uit een blikje. Foe yong hai was ook zo'n toppertje. Gebakken groenten - ik geloof dat er prei en taugé in ging en misschien ook wel witte kool, met een omelet en opnieuw een zoetzure saus. Die maakte ik van tomatenpuree, olie, water, zout, suiker en aardappelzetmeel. Nasi: nasivlees, ui, prei, zakje gedroogde mix voor nasi, rijst, ketjap. Bami: idem, maar dan met mie-nestjes. Gebakken eitje erbij, zoetzure augurkjes en zilveruitjes, kroepoek.

Op twee ooms na die bij het KNIL hadden gezeten, hadden wij thuis geen enkele connectie met Azië. We wisten dus ook niet beter dan dat je met Conimex de oosterse keuken in huis haalde. Ketjap manis, sambal oelek, ketoembar, djintan, laos, ve-tsin, ze stonden in het keukenkastje als soldaten in 't gelid. Daarmee waren we voor een Hollands gezin begin jaren tachtig best avantgardistisch. Alleen had niemand van ons ooit echte tjap tjoy geproefd, of babi pangang, of sajoer, of al die andere gerechten die ik maakte met behulp van poeder uit potjes en pakjes.

De Oosterse Keuken Thuis, als pay off houdt hij al decennia stand. Deze week gebruik ik hem als thema voor Koken etc. Niet dat we met kant- en klare Conimex-bouwpakketten gaan werken. Ik wil juist bewijzen dat je ook zonder kunt. Als ik iets heb geleerd in de 25 jaar dat ik kook, is het wel dat je de lekkerste dingen met verse producten maakt.

Vandaag koken we authentiek Indonesisch. Het recept voor rawon, donkere rundvleessoep, is van vriend Bouke die van zijn ouders een Friese naam en een Indische opvoeding kreeg. Djeruk perut, laos en keluwek-noten vind je in de toko.

Voor 4 personen:

750 g runderpoelet

2 uien, grof gehakt

3-5 tenen knoflook

2 theelepels ketoembar

1 theelepel koenjit

1 grote theelepel trassi

3 keluwek-noten

3 eetlepels olie

1 serehstengel, gekneusd

3-4 djeruk perut

2 cm laoswortel, in plakjes

voor erbij: gekookte rijst, geblancheerde kool, prei, taugé en bladselderij

Zet de poelet op met ruim een liter koud water. Doe de uien, knoflook, ketoembar, koenjit, trassi en keluwek in een vijzel en stamp en wrijf tot een pasta. Verhit de olie in een wadjan en fruit het kruidenmengsel. Voeg deze boemboe, samen met sereh, djeruk perut, laos en zout toe aan de bouillon en laat alles een paar uur trekken op heel laag vuur. Doe een handje rijst in een soepbord, met wat kool, prei, taugé en bladselderij en giet er soep over. Lekker met sambal trassi.

Heb jij roots in Azië? Deel je familieverhalen en -recepten op www.nrc.nl/kokenetc

    • Janneke Vreugdenhil