De kleine boerderij verdwijnt uit 't landschap

Elke week sluiten tientallen boerderijen hun deuren, vooral de kleinere.

Villa's nemen hun plaats in. En daar lopen geen reeën meer langs, zoals vroeger.

Elke dag sluiten acht boerderijen hun deuren. Soms zeven. Maar ook wel eens tien.

Acht per dag is het gemiddelde van de afgelopen tien jaar. In die tijd verdwenen dertigduizend boerenbedrijven. Er zijn nu nog zo'n tachtigduizend over. Vijfentwintig jaar geleden waren er bijna twee keer zoveel, honderdvijfenveertigduizend.

Hoe komt dat? En: wat betekent het voor het aanzicht van het platteland?

'Animo om boerderij over te nemen daalt', stond deze maand boven een bericht van het CBS met de laatste cijfers. En dat klopt, zegt Jack Luiten van landbouworganisatie LTO Nederland. Immers: 'Als je weet wat er bij komt kijken om een boerderij over te nemen - dat is een proces van jaren. En je moet er stevig voor in je schoenen staan.'

Een boerenbedrijf is groot en duur. Of juist eigenlijk te klein. En in alle gevallen is er de druk: elke dag werken, de financiële risico's, de regelgeving. Daar komt bij: 'De emancipatie is niet aan de boerenstand voorbij gegaan. De gewoonte om de boerderij over te nemen die er vroeger was, is weg.' Ook dat is een reden. Minder traditie en meer ratio, heet dat in de landbouwwereld.

Maar voordat hij meer uitleg geeft, wil Jack Luiten 'eerst een misverstand uit de wereld helpen'. Ja, er verdwijnen elke dag acht boerderijen. Maar nee, 'economisch gezien is het beslist niet overal kommer en kwel: in de ene sector gaat het nu eenmaal beter dan in de andere'. Jack Luiten: 'Het aantal faillissementen is laag: tussen de honderd en de honderdvijftig per jaar. En dat op een totaal van tachtigduizend.'

Bovendien maakt van al die bedrijven niet meer dan eenderde gebruik van Europese subsidies: 'Rundveehouders en een deel van de akkerbouw, zoals bieten en graan.' Maar uien en aardappelen bijvoorbeeld, zijn niet gesubsidieerd. En er gaan ook geen subsidies naar de bollen, de glastuinbouw, de varkenshouderij, de champigonkwekerij, de fruitteelt of de boomteelt.

Wat er aan de hand is, is dit: de kleine boerderijen verdwijnen en hun grond (en quota) worden opgekocht door de grotere in hun omgeving. Uit het CBS-bericht: 'Het vraagstuk van de bedrijfsopvolging speelt vooral op ongeveer 40.000 boerenbedrijven met bedrijfshoofden die 55 jaar of ouder zijn.' Dat is de helft van het aantal boerderijen dat nog over is.

Met hun verdwijnen, verdwijnt de kleinschalige landbouw. De laatste vijfentwintig jaar kwamen er steeds minder boerderijen van vijf, tien, twintig, of zelfs veertig hectare. Tegelijk groeide het aantal megabedrijven. Telde Nederland in 1980 nog geen vierhonderd boerenbedrijven van meer dan honderd hectare, in 2005 waren het er bijna tweeduizend. Een megabedrijf heeft bijvoorbeeld tweehonderdvijftig koeien. Of zesduizend varkens. Zeven hectare kas.

Intussen doen de kleine boeren die het nog volhouden steeds meer aan verbreding, zoals dat wordt genoemd. Jack Luiten: 'Natuurbeheer natuurlijk, maar ook veel recreatie. Zorgboerderijen, campings, streekbedrijven met verkoop aan huis, poldersporten, paardrijden: je kunt het zo gek niet bedenken of het is er.'

Dat betekent niet metéén een verandering van het aanzicht van het platteland: 'Weilanden blijven weilanden en akkers blijven akkers - het buitengebied bedraagt nog altijd zeventig procent van het landschap.'

Maar sommige dingen zijn wel goed te zien. De 'verpaarding' bijvoorbeeld. Die gaat al even snel als de vermindering van het aantal boerderijen. Bedroeg de omzet van de paardenhouderij in 1991 nog 600 miljoen euro, in 2005 was het al 1,5 miljard. Nederland telt nu zo'n 400.000 paarden. De paardenhouderij is groter dan de bollenteelt en groter dan de pluimveesector.

En dan de boerderijen. Want nadat het land en de quota zijn verkocht, blijven die over. Wat daarmee gebeurt, weet Wim Boon, Agriteam-makelaar te Ede. 'Ruimte voor ruimte', 'rood voor rood' en 'functieverandering', zijn de woorden die hij gebruikt om te vertellen dat 'je bij ons in de buurt steeds meer nieuwe woningen en mooie villa's op het platteland ziet verschijnen'. Bij ons in de buurt is: Gelderse Vallei, Overijssel, Utrecht, Noord-Brabant.

Vaak blijft de originele eigenaar nog een tijd wonen in de oorspronkelijke boerderij, maar worden al wel de stallen gesloopt. Op die plek komen dan één of meerdere bouwkavels. Wim Boon: 'Tien boerderijen worden dertig kavels. En daar komen dan landhuizen van zeshonderd tot duizend kuub op te staan.'

De makelaardij van Wim Boon heet Agriteam MidNed. Er zitten ook Agriteam-makelaars in Vriezenveen. En in Zuidlaren. Agriteam-makelaars zitten in het hele land: het is een keten van agrarische makelaars.

En hoewel het zijn boterham is, vindt Boon het 'wel eens jammer dat je horizon zo vervuilt.' Want: 'Natuurlijk, je ziet steeds meer mooie, nieuwe huizen. Maar die stallen zijn weg. En daar liep wel eens een ree achter langs. Achter dat huis natuurlijk niet meer.'

    • Gretha Pama