Kabinet is klaar

Aan de politieke impopulariteit van het kabinet Balkenende-II valt niet af te lezen dat het weer uitstekend gaat met de economie. De hervormingsagenda is goeddeels afgewerkt, de sociale vrede met de vakbeweging is hersteld. Het doemscenario van de oppositie - de opeenstapeling van ingrepen in de zorg en sociale zekerheid ondermijnt het vertrouwen, waardoor het kabinetsbeleid de economische malaise nodeloos verlengt - is niet uitgekomen. Integendeel. Na vijf jaar pas op de plaats maakt de economie een ware groeispurt en vertoont de arbeidsmarkt al de eerste knelpunten.

Het kabinet, dat in 2003 is begonnen met straffe lastenverzwaringen om de overheidsfinanciën te redresseren, laat de teugels weer vieren. Dit jaar is de koopkracht van vier op de vijf Nederlanders bescheiden verbeterd en voor het verkiezingsjaar 2007 ligt verdere lastenverlichting in het verschiet. Belangrijker dan het gesleutel aan premies en toeslagen is dat de crisis bij de pensioenfondsen voorbij is. De verhoging van de pensioenpremies om de dekkingsgraad te herstellen, heeft de afgelopen twee jaar grotere bressen in de koopkracht geslagen dan de lastenverzwaringen door het kabinet.

'Eerst het zuur, dan het zoet', beloofde premier Balkenende aan het begin van de kabinetsperiode. Maar dat deze calvinistische variant op het Indische gerecht atjar tjampoer op tafel staat, valt niet direct aan het kabinetsbeleid toe te schrijven. Dank zij de loonmatiging die werkgevers en werknemers in 2003 hebben ingezet, haakt Nederland met vertraging aan bij de uitbundige groei van de wereldeconomie.

Maar het kabinetsbeleid is niet betekenisloos. Doordat de arbeidsmarkt flexibeler is gemaakt, vertaalt de economische opgang zich sneller in een stijging van de werkgelegenheid. De verschillen in werkloosheidspercentages tussen Nederland en Europese landen met inflexibele arbeidsmarkten zoals Frankrijk en Duitsland, spreken boekdelen. Nederland lijkt wat werkgelegenheid betreft op het 'Scandinavische model' dat Wouter Bos voor ogen staat.

Daarnaast doet dit kabinet veel moeite om een ondernemersvriendelijker klimaat te scheppen. Het resultaat van de inspanningen om de administratieve lastendruk voor ondernemers te verminderen is weliswaar nog beperkt, maar er zit beweging in. Verder wil het kabinet volgend jaar een radicale verlaging van de vennootschapsbelasting, waarmee Nederland binnen de Europese Unie tot de top van de lagebelastinglanden gaat behoren. Ook voor zelfstandige ondernemers daalt het belastingtarief.

Eén doelstelling heeft het kabinet-Balkenende in ieder geval bereikt: de overheidsfinanciën zijn weer op orde en waarschijnlijk zal er dit jaar zelfs een overschot zijn. Dat is niet alleen het resultaat van het gevoerde begrotingsbeleid, het is ook te danken aan de sterke stijging van de olieprijzen.