Eiwit uit macrofagen helpt beschadigde oogzenuwen herstellen

Het eiwit oncomoduline, dat gewoonlijk in de placenta en in tumoren wordt aangetroffen, blijkt ook een groeistof te zijn die beschadigde oogzenuwen kan herstellen. De oogzenuwen overbruggen de korte afstand tussen het netvlies en de grote hersenen. Zij bestaan uit de lange uitlopers (axonen) van de ganglioncellen van het netvlies. Kapotte oogzenuwen leiden tot blindheid.

Oogzenuwherstel is zichtbaar gemaakt met een kleurreactie. Boven de dwarsdoorsnede van een onbehandelde zenuw. Onder de zenuw waarin door oncomoduline de neuronen weer zijn uitgegroeid. Foto Nature

Bij ratten die drie dagen na het stukknijpen van de oogzenuw oncomoduline in de ogen ingespoten kregen, groeiden de uitlopers in de oogzenuw tot voorbij de plek van de kwetsuur. Dit resultaat is bijzonder omdat de oogzenuw deel uitmaakt van het centrale zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg), waarvan werd aangenomen dat verwondingen eraan niet kunnen genezen. Mogelijk betekent dit dat oncomoduline ook een rol kan spelen bij de behandeling van dwarslaesiepatiënten, maar dat moet eerst worden aangetoond (Nature Neuroscience, online 14 mei).

Enkele jaren geleden ontdekten de onderzoekers die dit werk deden - de meeste zijn verbonden aan Harvard University - al dat de uitlopers van de ganglioncellen na beschadiging konden regenereren als de ogen ontstoken waren. Het was echter een raadsel wat dit effect teweeg bracht. Mogelijk zou het gaan om eiwitten die worden afgescheiden door macrofagen, cellen van het immuunsysteem die in grote hoeveelheden actief worden bij ontstekingen. Om daar een beeld van te krijgen, gingen de onderzoekers na om welke eiwitten het precies gaat. Daarbij stuitten zij onder meer op oncomoduline. Een opvallende ontdekking, omdat dit eiwit tot dan toe binnen het zenuwstelsel alleen in het gehoorszintuig was aangetroffen. Daarop kweekten zij ganglioncellen en macrofagen afzonderlijk op. Toen zij oncomoduline uit het medium waarin de macrofagen waren gekweekt toevoegden aan de gekweekte ganglioncellen bleek dat de laatste nieuwe uitlopers vormden, maar vooral ook dat de langste uitlopers een opvallende groei vertoonden. Als oncomoduline toevoegden, trad dit effect niet op. Klaarblijkelijk is oncomoduline een krachtige groeifactor voor ganglioncellen.

De proof of the pudding was natuurlijk of oncomoduline ook in levende dieren beschadigde uitlopers van de ganglioncellen van het netvlies kan laten uitgroeien. Om dat na te gaan spoten de onderzoekers het eiwit in de oogbollen van ratten waarvan de oogzenuwen met een pincet afgeknepen waren. Daarbij bleek dat de uitlopers in twee weken vijf tot zeven maal zo ver gegroeid waren als die van de ganglioncellen van controledieren. Deze dieren kregen geen eiwit ingespoten, maar vertoonden wel een licht herstel, mogelijk als gevolg van een ontsteking.

Huup Dassen