Een 'ongeloofwaardige' voorzitter

Rusland is voorzitter van de Raad van Europa. Niet tot ieders tevredenheid: geen lidstaat is zo vaak gehekeld om zijn schendingen van de mensenrechten als juist Rusland.

'Maison de la democratie', staat in grote letters op het gebouw van de Raad van Europa in Straatsburg, de organisatie waarin 46 Europese landen samenwerken. Sinds gisteren mag Rusland zich voor een half jaar voorzitter noemen van die raad. Het heeft al tot het nodige gefrons geleid. Rusland, en zeker het Rusland zoals zich dat de laatste jaren onder president Poetin heeft ontwikkeld, wordt niet direct geassocieerd met bevordering van democratie en bescherming van mensenrechten; onderwerpen die de in 1949 opgerichte Raad als zijn kernactiviteit beschouwt.

Integendeel. Het grootste aantal klachten dat het aan de Raad gelieerde Hof voor de Mensenrechten te behandelen krijgt betreft Rusland. Ze variëren van excessief politiegeweld tot gebrek aan persvrijheid. Dat de Russen nu voorzitter van de Raad zijn geworden, is dan ook geen gevolg van een verkiezing, maar eenvoudigweg omdat ze aan de beurt zijn. De landen van de Raad bekleden het voorzitterschap op alfabetische volgorde.

Tegenover zijn collega's van de overige lidstaten presenteerde de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov gisteren in Straatsburg een breed samengestelde agenda waarbij mensenrechten slechts één van de onderwerpen vormt. Als het aan de Russen ligt is er de komende tijd ook veel ruimte voor cultuur, sport en onderwijs. 'Het moet in hun ogen vooral geen politieke organisatie worden', zegt een diplomaat.

Het uit 1996 daterende Russische lidmaatschap was van het begin af aan omstreden. Voor het trotse Rusland zelf was opname in de Raad van Europa een kwestie van internationale erkenning. 'Ze klopten niet op de deur, maar sloegen de ramen in om binnen te komen', zo werd indertijd opgemerkt. Maar dat waren nog de dagen van Jeltsin en Gorbatsjov. Ook in financieel opzicht willen de Russen hun betrokkenheid tonen. Ze nemen ruim 12 procent van de contributie voor hun rekening, veel meer dan volgens de verdeelsleutel noodzakelijk is.

Alle tien jaar dat Rusland nu lid is van de Raad is de kwestie van de mensenrechten het land blijven achtervolgen. Een rapport van een parlementaire commissie van de Raad van Europa produceerde vorig jaar een lijst met 439 aanbevelingen om de situatie te verbeteren. Kort daarvoor was de Commissaris voor de mensenrechten van de Raad ook al met een lange lijst tekortkomingen gekomen. Nog steeds is bijvoorbeeld de doodstraf niet uit de wet geschrapt hoewel dat wel was toegezegd.

De Russische minister Lavrov pareerde gisteren tijdens een persconferentie kritiek op zijn land met de mededeling dat de nog jonge democratie niet allerlei maatregelen kan invoeren als niet direct alle consequenties - bijvoorbeeld de financiële - duidelijk zijn.

Het is het bekende diplomatieke dilemma: proberen te incorporeren of isoleren. De Nederlandse voorzitter van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa, de CDA'er René van der Linden, is voorstander van het eerste: 'We hameren veel te veel op de tekortkomingen van Rusland. Maar het werkt niet als je alleen maar kritiek hebt en negatief bent.'

Daartegenover staat de opvatting van Toomas Hendrik Ilves, voormalig minister van Buitenlandse Zaken van Estland en tegenwoordig europarlementariër. Gedesillusioneerd kwam hij deze week uit een vergadering met Lavrov. Hij had geen enkele wil bij de Rus bespeurd om de verplichtingen die voortvloeien uit het lidmaatschap van de Raad van Europa volledig na te komen. Ilves: 'Omdat Rusland een land is dat iedereen te vriend wil houden mag het blijkbaar in gebreke blijven. Dat is politiek, maar er wordt wel een prijs voor betaald. En die is dat de Raad van Europa zijn geloofwaardigheid heeft verloren.'