Doen wat je juist moet laten

Mensen denken het vaak beter te weten, een eigenschap die vervelende gevolgen kan hebben bij het het beleggen. Tip: kijk 25 jaar niet naar je aandelenportefeuille.

Precies doen wat je niet moet doen. Beleggers lijken er patent op te hebben.

Het werd deze week weer eens pijnlijk duidelijk: beleggers lopen elkaar achterna en denken vaak dat ze het beter weten.

Investeerders likken hun wonden. De afgelopen week kelderden de beurzen wereldwijd. De diepe val van de indices werd vooral veroorzaakt door een hoger dan verwacht inflatiecijfer in de Verenigde Staten. Beleggers reageerden door massaal te verkopen omdat zij vreesden dat de hogere inflatie zal leiden tot verdere renteverhogingen in de VS. Het resultaat: veel indices leverden de jaarwinst in.

Beleggers reageerden dus grotendeels eender en volgden elkaar. Dit gedrag, door de Amerikanen 'chasing behaviour' genoemd, is schadelijk voor investeerders, zegt Ernest Ankrim, hoofd beleggingsstrategie bij Russell Investment, een Amerikaanse beleggingsmaatschappij met een beheerd vermogen van 138 miljard euro.

'Dit gedrag kost aandeelhouders 2 tot 5 procent van hun rendement, dat is ongeveer de risicopremie die aandelen hebben tegenover obligaties', aldus Ankrim onlangs tijdens een bezoek aan Nederland. 'Dan kan je net zo goed volledig beleggen in obligaties en geen risico lopen.'

Maar beleggers lopen achter elkaar aan, zo leert de geschiedenis keer op keer. Niet alleen bij verkopen, ook als het gaat om het moment van aandelen kopen en in de markt stappen. Beleggers beginnen vaak te kopen als de aandelenmarkt een goede periode heeft meegemaakt, een verkeerde beslissing volgens Ankrim. 'Beleggers raken altijd enthousiast ná een goede periode. Na twee jaar van stijgende koersen zeggen ze dat ze risico kunnen accepteren en vergeten ze wat de keerzijde is van risico.' Beleggers wijken dan af van hun strategie en gaan zwaarder beleggen in aandelen, de belegging die veel risico met zich meebrengt, verblind als ze zijn door de koersstijgingen.

Volgens Ankrim moet je als belegger niet kopen op basis van recente gebeurtenissen, en verkopen al helemaal niet. 'Op de lange termijn zijn aandelen een goede belegging. Als je 25 jaar niet naar je portefeuille kijkt, is er ook geen probleem, maar je ligt niet 25 jaar in een coma. Stel dat de markt in een periode 65 procent zakt. Je leest toch kranten, ziet televisie. Op een gegeven moment begeven de zenuwen het.'

De belegger kan weten dat dit gaat gebeuren. Hij kan van te voren een inschatting maken van de hoeveelheid risico die hij wil lopen, een strategie uitstippelen en zich daaraan houden. In principe dus net proberen te doen alsof hij 25 jaar in een coma ligt.

Maar volgens de Amerikaan denkt de belegger dat hij meer risico kan lopen als de koersen stijgen. 'Dit leidt vaak tot grote schade bij investeerders wereldwijd en adviseurs moeten daarvoor waarschuwen. Na een periode van stijging gaan de markten vaak weer naar beneden', stelt Ankrim. 'Investeerders hebben wel zo'n langetermijngeheugen, maar negeren het omdat de perceptie van de korte termijn vaak dominant is.'

Blijf bij de strategie dus. Als je bedacht hebt dat je voor 40 procent in aandelen wil zitten, wijk daar dan niet van af, is de boodschap. Dat investeerders dit vaak wel doen, komt volgens hem doordat mensen denken dat je patronen op de beurs kunt voorspellen en daar vervolgens conclusies aan verbinden. 'De belegger geeft een bepaalde uitleg aan de situatie waardoor de verkeerde beleggingsbeslissing wordt genomen en het rendement daalt.'

Ankrim vertelt over een neurologisch onderzoek waaruit blijkt dat ratten een betere strategie kiezen dan mensen. Dit omdat de dieren altijd dezelfde optie namen, terwijl de mensen probeerden het onderzoek te slim af te zijn door patronen te ontdekken waar die niet waren. In het onderzoek kregen de mensen een serie groene en rode lichten te zien in volledige willekeurige volgorde, met die uitzondering dat de rode lichten vaker voorkwamen. Bij de ratten konden de dieren kiezen tussen twee knoppen. Bij de ene knop kreeg het dier bij tien keer drukken, acht keer eten en twee keer een elektrische schok. Bij de andere knop was de verhouding omgekeerd. De rat koos na een tijdje altijd voor knop één, accepteerde de schokken maar had zijn rendement gemaximaliseerd. 'Mensen denken altijd dat ze in een reeks een patroon kunnen vinden. Zelfs al is een volgorde compleet willekeurig dan nog zal de mens denken dat er een bepaalde volgorde is die ze kunnen oplossen. Misschien zijn dieren daarom wel betere beleggers, omdat ze altijd zullen kiezen voor de meest optimale strategie. Zij worden niet gehinderd door de neiging om altijd op zoek te gaan naar mogelijke hypotheses, zegt Ankrim. 'Mensen proberen hun langetermijnstrategie aan te passen op basis van kortetermijnpatronen, daardoor komen ze uit op een lager resultaat.'

Of de mens zijn gedrag zal aanpassen valt te bezien, zeker op de aandelenbeurs. Sinds er beurzen bestaan, zijn er hoge pieken en diepe dalen, vooral veroorzaakt omdat mensen elkaar volgen en denken dat ze het beter weten. Zo was het tijdens de tulpenmanie in de zeventiende eeuw (de eerste beleggingshausse waarbij er meer dan 2.268 euro werd betaald voor een tulpenbol), zo was het tijdens de internetbubbel en zo was het afgelopen week toen de koersen daalden.