Raketvleermuizen

De Natuur is een geweldig goede uitvinder. Vogels gingen bijvoorbeeld vliegtuigen voor. Walvissen konden allang zo diep duiken als de modernste onderzeeboten.

Een grote bruine vleermuis met een kever in zijn mond foto AP A big brown bat flies with a beetle in its mouth in this undated photo. The most common species of bat in the United States, the brown can be rabid but has rarely been linked with human cases of rabies. (AP Photo/Merlin D. Tuttle, Bat Conservation International) Associated Press

En dinosaurussen bestonden ook al een paar honderd miljoen jaar toen Steven Spielberg nog eens met die film Jurassic Park aan kwam kakken.

Hoe reclame werkt, had de Natuur ook allang bedacht. Goed opletten. Er is een heel kleine parasiet – dat is een dier of plant die ten koste van andere planten of dieren overleeft, zoals een lintworm of hoofdluizen, of iemand die je speelgoed nooit teruggeeft – die in schapendarmen woont. De eitjes van die parasiet poept het schaap uit. Die eitjes worden opgegeten door slakken. De parasieteneitjes komen in die slakken uit. Die slakken poepen die jonkies uit en die worden dan weer opgegeten door mieren. Vies, maar waar.

En nu komt het: die parasietjes nestelen zich in de kopjes, de hersenen van de mieren en daar bevelen ze de mieren naar de toppen van grassprietjes te kruipen. Daar is de kans het grootst dat ze door schapen worden opgegeten – je moet wel een gemenerd zijn om dit uit te vinden.

En zo zit het ook met reclame: aanlokkelijke tv-spotjes en advertenties nestelen zich in de hersens van de mensen, waardoor ze snel naar de dichtstbijzijnde winkelstraat willen. Daar worden ze dan opgeslokt door warenhuizen en supermarkten die de arme klanten vervolgens soepel van hun geld ontdoen.

Oké, zul je zeggen, maar zoiets als een luchtdoelraket die vliegtuigen kan raken, heeft de Natuur toch zeker nog niet uitgevonden. Goed, misschien niet de raket. Maar, zoals Amerikaanse dierenonderzoekers net hebben gevonden, het geleidingsmechanisme – de “hersens” van de raket die vertellen waar het doel is – bestond wel al.

En dat zit dan weer zo. Als iemand een bal naar je gooit, dan bereken je meteen waar hij ongeveer neerkomt. Naar die plek hol je dan om hem te vangen.

Het zou veel moeilijker zijn als de bal een eigen willetje had en bochtjes kon draaien. Dan wist je niet waar hij zou neerkomen.

Luchtdoelraketten hebben met dat probleem te maken, want piloten van vijandelijke gevechtsvliegtuigen vliegen meestal niet rechtuit maar draaien bochtjes. De raketmakers hebben dat probleem opgelost door de raket de opdracht te geven om het doel altijd recht voor zich te houden.

Wat blijkt nu uit dat Amerikaanse onderzoek? Vleermuizen doen precies hetzelfde. Vleermuizen volgen hun prooi, zoals een vette mot, door schrille kreetjes uit te stoten. De echo – ja, zoals die van een echoput – vertelt dan waar de mot is. De vleermuizen gillen en gillen, tot ze de mot in hun bek hebben.

De Natuur is de meester van de kunst, zeggen ze soms. Maar eigenlijk is de Natuur ons in alles de baas.

    • Menno Steketee