Oefenen in Duitsland voor Uruzgan ’t Mag wat kosten

Op het grootste oefenterrein van Europa doen Nederlandse militairen of ze al in de Afghaanse provincie Uruzgan zijn. In de pantserwagen heerst een oorlogsstemming. „Ik wil niets aan het toeval overlaten.”

Op de Lüneburger Heide, even ten zuiden van Hamburg, bereiden Nederlandse militairen zich voor op de aanstaande missie in Uruzgan. Foto Merlin Daleman Ned. militairen laatste oefening voor vertrek Uruzgan. Oefening met scherp schieten. Bergen, Duitsland, 17-05-06 © Foto Merlin Daleman Daleman, Merlin

Het is niet echt. Maar achter in de benauwde pantserwagen, ingeklemd tussen zwetende infanteristen, is het ineens heel wel voorstelbaar: dit is niet een oefenterrein in Duitsland, dit is Uruzgan, de gevaarlijke provincie in het zuiden van Afghanistan.

Buiten klinkt een doffe dreun. „Contact”, meldt iemand over de radio. „Mobility kill!” Langs de weg is een bom ontploft. Een voertuig is beschadigd en kan niet verder. Luitenant Peter laat zijn pantserwagens positie kiezen. „Stelling nemen”, roept hij over de intercom. Achterin zetten de soldaten zich schrap: als het luik van de YPR-panserwagen open gaat, zullen ze naar buiten stormen en met scherpe munitie schieten op de doelen in het terrein. De score wordt bijgehouden. „Oké, nu”, roept Peter. „Kom op, ópen die klep!”

Het is een warme middag op schietbaan 9 van Truppenübungsplatz Bergen-Hohne op de Lüneburger Heide, even ten zuiden van Hamburg. Terwijl vijfduizend kilometer verderop Nederlandse kwartiermakers al bezig zijn met de voorbereidingen, wordt hier, op het grootste oefenterrein van Europa, nog volop getraind voor de missie in Afghanistan.

De YPR-pantservoertuigen van luitenant Peter leveren straks extra vuurkracht aan de toch al zwaarbewapende Task Force Uruzgan (TFU), die op 1 augustus de provinciezal overnemen van de Amerikanen. De gevaren tijdens de missie zijn groot, zo weten de militairen in Bergen-Hohne. In de YPR heerst na afloop van de ‘run’ een oorlogsstemming. Een soldaat balt zijn vuistin een overwinningsgebaar: yes! Zijn buurman steekt met trillende vingers een sigaret op.

De mannen in de YPR zijn van het 44ste bataljon pantserinfanterie uit Havelte. Enkele weken geleden zorgde een soldaat van die eenheid voor nieuws. De militair vertelde aan het weekblad Vrij Nederland dat hij weigerde naar Uruzgan te gaan, omdat de mannen van zijn eenheid te onervaren en slecht getraind zouden zijn. Het ministerie van Defensie weersprak de beschuldigingen. De meerderheid van de collega’s van de militair zou al eerder zijn uitgezonden, aldus het department.

Overste Piet van der Sar staat druk te bellen op de parkeerplaats. De commandant van het twaalfde bataljon van de Luchtmobiele Brigade zal in Uruzgan het commando voeren over de gevechtstroepen van de TFU. „De meeste jongens hebben twee tours in Afghanistan gedraaid, en één in Irak”, zegt hij. Het afgelopen jaar heeft het twaalfde bataljon klaargestaan voor de snelle reactiemacht van de NAVO, die binnen vijf dagen overal ter wereld moet kunnen worden ingezet. Het twaalfde wás dus al bijzonder goed getraind, zegt Van der Sar. „Daarom zijn wij aangewezen.”

Maar Van der Sar weet ook dat Uruzgan anders wordt dan eerdere missies. De afgelopen maanden heeft de overste zijn opdracht zorgvuldig voorbereid. Al in november vorig jaar was hij drie weken in Afghanistan. Van der Sar verkende de routes over de weg. Met de Amerikanen ging hij op patrouille. Zijn bevindingen heeft hij verwerkt in het ‘opwerkingsprogramma’ voor zijn mannen.

Tijdens ‘scenariotrainingen’ is er met acteurs geoefend op situaties die zich veel zullen voordoen in Uruzgan: de dorpsoudste die zich van de domme houdt, lokale bevolking die komt klagen over de Nederlanders. Alle militairen zullen een bezoek brengen aan een Turkse moskee in Arnhem. Daarmee wil Van der Sar eventuele negatieve gevoelens over de islam bij zijn soldaten wegnemen. „Ik wil niets aan het toeval overlaten. Als we de hearts and minds van de bevolking willen veroveren, moeten we respectvol kunnen optreden.”

[Vervolg URUZGAN: pagina 2]

URUZGAN

't Mag wat kosten

[vervolg van pagina 1]

Defensie heeft niet moeilijk gedaan over de kosten die met de extra trainingen zijn gemoeid. En ook de andere verzoeken op het ‘verlanglijstje’ van Van der Sar zijn zonder problemen ingewilligd, zo vertelt de overste – extra uitrusting en bewapening, die de kansen tijdens een gevecht moeten vergroten. Van der Sar doet er een beetje geheimzinnig over. „De bedoeling is dat eenheden de tijd totdat de luchtsteun er is, zelf kunnen overbruggen.” Eenmaal op de schietbaan wordt er meer duidelijk. Zo oefenen de mannen met een nieuw wapen: een klein mortier (60 millimeter) dat zittend moet worden gericht. Overste Van der Sar heeft gezien hoe de Amerikanen het wapen gebruiken. „Ze kiezen hun posities goed”, zegt hij over de Talibaanstrijders in Uruzgan. „Ze schieten vaak van hoog naar laag. Met kleinkaliberwapens (geweren en mitrailleurs, red.) zijn ze niet gemakkelijk uit hun positie te krijgen. Hiermee wel.”

Niet alles loopt soepel, deze dag op Bergen-Hohne. Sergeant Tijmen heeft even een „knakmoment”. Soldaat Niels en korporaal Mark zijn net overeengekomen dat op misschieten met de Gill antitankraket een krat bier staat – „Bavaria”, volgens Brabander Mark. Maar Tijmen heeft er nog nooit mee geschoten. Nu krijgt hij te horen dat dat vandaag niet meer zal gebeuren. „Kutzooi”, vat Tijmen samen. Even later rukt de brandweer uit. De Nederlanders hebben met hun munitie de hei in brand gezet. Daarmee komt het schema van de laatste oefendag onder druk te staan. Morgen is er nog een reservedag, maar niet voor de pantserwagens, want die moeten volgens de planning op transport naar Nederland. Overste Van der Sar blijft kalm. De schietserie wordt afgemaakt, ook als dat extra geld gaat kosten.

Luitenant Marc (27) heeft net zijn run op baan 9 geëvalueerd met zijn mannen en met de instructeur. De luitenant is al twee keer eerder op missie geweest, waaronder ook in Afghanistan. „Als ik de voorbereidingen met de vorige missies vergelijk, is deze echt veel beter”, zegt hij. Daar is ook reden toe. „In Uruzgan is het nog nét geen…”, zegt Marc. Hij maakt zijn zin niet af. „Het is daar gewoon veel gevaarlijker.”

Sommige achternamen zijn op verzoek van de militairen weggelaten.

    • Steven Derix