Maandelijkse trip in 3.700 stalen kisten

Straatsburg wil 'niets anders dan het Europees Parlement dienen'.

Maar 'de burgers begrijpen niets van deze geld-over-de- balk-smijterij'.

In het Europees Parlement in Straatsburg staan de verhuiskisten klaar. Foto Roel Rozenburg STRASBOURG:10.2.4 Europees Parlement. Verhuiskisten voor vervoer tussen Brussel en Straasburg. FOTO ROEL ROZENBURG Rozenburg, Roel

De prijzen van de hotelkamers lagen deze week weer hoger dan anders, de taxi kwam in verband met de extra klandizie weer vaker uit een andere Franse stad, en de restaurants zaten weer vol. Kortom, Straatsburg had het Europees Parlement weer over de vloer voor zijn maandelijkse, vier dagen durende plenaire vergadering.

De zes verhuiswagens voor het vervoer van de ongeveer 3.700 stalen kisten met vergaderstukken reden een week geleden al de 450 kilometer van Brussel naar Straatsburg. De bijbehorende mensen - 732 europarlementariërs, hun medewerkers en het ambtelijk apparaat van het Parlement - arriveren veelal maandag: per vliegtuig, trein of auto.

Een onmisbare economische impuls voor de hoofdstad van de Elzas? Daar gaat het helemaal niet om, aldus de boodschap van burgemeester Fabienne Keller van Straatsburg deze week in datzelfde Europees Parlement. Het gaat om het 'mogen ontvangen van deze fantastische democratische machine', zei zij. Daar heeft Straatsburg veel voor over. 'De stad wil niets anders dan het Europees Parlement dienen', aldus Keller.

En juist dat wagen veel europarlementariërs te betwijfelen. Laaiend waren ze, toen ze vorige maand vernamen dat Straatsburg jaarlijks miljoenen verdient aan het onderverhuren van het vergadergebouw dat eigendom is van het Nederlands pensioenfonds Erasmus. Ze voelden zich bedrogen.

En de europarlementariërs waren er al helemaal niet over te spreken dat de stad nu ook nog eens 29 miljoen euro compensatie voor zichzelf opeist als inkomstenderving nu het Parlement op het punt staat het gebouw zelf aan te kopen. De betaling van de huur werd onmiddellijk stopgezet en de burgemeester werd ontboden.

Fabienne Keller gaf deze week uitleg. Graag zelfs, want er waren veel onterechte beschuldigingen geuit. Niks geheime afspraken, alles was transparant en dat al 28 jaar lang. Demonstratief overhandigde zij een vuistdik dossier waarin alles was terug te vinden: van rekeningafschriften tot vergaderverslagen.

Eén ding diende men goed te beseffen: Straatsburg verdiende helemaal niets extra's aan het gebouw. Want de gemeente had vanaf de jaren tachtig ook aanzienlijke kosten gemaakt. Wist men bijvoorbeeld dat ten behoeve van de nieuwbouw van het Parlement het zwembad en de tennisvereniging verplaatst waren? Over de huurprijzen moest men trouwens niet zo moeilijk doen, want die waren nog altijd 20 procent lager dan die in Brussel en Luxemburg.

Het debat over Straatsburg als overbodige vergaderplaats is door de rel weer opgelaaid. Voorzitter Josep Borrell van het Europees Parlement heeft opdracht gekregen van de fractievoorzitters de zaak volgende maand aan de orde te stellen als de Europese regeringsleiders bijeenkomen voor hun voorjaarstop.

Ondertussen zijn europarlementariërs via een website (www.oneseat.eu) een handtekeningenactie begonnen om steun van de burgers te krijgen voor hun verzet tegen de maandelijkse verhuizing.

De afspraak hierover ligt sinds 1997 vast in het Verdrag van Amsterdam. Dit betekent dat wijziging alleen mogelijk is als alle lidstaten ermee instemmen. Dat Frankrijk dit zal doen, lijkt uitgesloten. Maar de tegenstanders van Straatsburg vestigen hun hoop op de nieuwe Europese doctrine, die zegt dat er beter naar de burgers geluisterd zal worden. 'Die burgers begrijpen niets van deze Europese geld-over-de-balk-smijterij en inefficiëntie', aldus europarlementariër Camiel Eurlings (CDA).

Het is maar hoe je het bekijkt, stelde de burgemeester. Ze was niet onder de indruk van het argument dat het Europees Parlement jaarlijks 200 miljoen euro aan kosten maakt om elke maand naar Straatsburg te gaan. Keller: 'Dan komt het Parlement toch permanent in Straatsburg zitten? Dan kost het u niets.'

    • Mark Kranenburg