Houd even op over de Europese ‘Grondwet’

Uit de eerste reacties op het Europa-project ‘We the people’ van deze krant blijkt dat een ruime meerderheid de bestuursstructuur van de Europese Unie ontoereikend vindt. Maar men is geen voorstander van de oplossingen in de verworpen ongelukkige ‘Grondwet’, dat „gedrocht”. (Opiniepagina, 11 mei). Inmiddels dragen diverse deskundigen al oplossingen aan, zoals Alfred Pijpers op diezelfde dag. Hij en zijn medeauteurs menen met een enkel toverwoord, ‘statenverbond’, de sleutel tot de oplossing van de bestuursproblemen gevonden te hebben. Maar „zonder de bestaande Europese samenwerking terug te draaien”, begrijpt u?

Helderder is prof. Rinus van Schendelen (Opinie & Debat, 6 mei). Maar hij maakt het zich te gemakkelijk als hij denkt dat het Derde Deel van het grondwettelijk verdrag, waarin alle voorgaande verdragen onoverzichtelijk zijn samengevat, vergeten kan worden. Alleen het Eerste Deel, met de bestuurlijke vernieuwingen, is volgens hem van belang. Doch veel van juist die bestuurlijke vernieuwingen krijgen pas effect, doordat zij, overal verspreid, in dat Derde Deel zijn opgenomen voor wat concrete besluiten betreft.

Intussen gaat de wereld buiten Nederland verder. Tot nu toe hebben vijftien van de vijfentwintig lidstaten van de Europese Unie, al of niet na referenda, de ‘Grondwet’ geratificeerd en Finland staat op het punt dat ook te doen. Daarmee geven zij aan van mening te blijven dat er waardevolle dingen in staan voor het transparanter en democratischer besturen van de Unie, niet (meer) dat zij rekenen op algemene instemming.

Zo ook bondskanselier Merkel, die op 9 mei concludeerde dat het geen zin (meer) heeft tijdens haar voorzitterschap in de eerste helft van 2007 nog over die Grondwet te beraadslagen: dat eindigt al vlak na de verkiezingen in Frankrijk en in Nederland. Zij zoekt dus een andere benadering. Die uitspraak– toch balsem op de ziel van onze europolitici – heeft hier merkwaardig genoeg weinig publieke aandacht gekregen.

Het omgekeerde was echter het geval met de suggestie van de Europese Commissie – opmerkelijkerwijze na een voorzet uit .... Frankrijk! – om bij het bestrijden van zware criminaliteit en terrorisme afschaffing van het veto te overwegen. Grote delen van de Nederlandse politieke klasse, van de SP tot de VVD, reageerden als door een wesp gestoken: door een „achterdeurtje” zou een stuk van de verworpen Grondwet met „vals spel” toch worden ingevoerd, „ongelooflijk onverstandig”, enz.

Nu zit dat achterdeurtje gewoon in het Verdrag van Nice, dat door het verwerpen van de ‘Grondwet’ juist behouden is gebleven. En het gaat over een probleem, waarvan Wouter Bos in een van de laatste referendumdebatten verklaarde dat hij niet wilde dat een of andere kleine lidstaat versterking van de strijd tegen criminaliteit en terrorisme zou kunnen blijven tegenhouden. Kan dat stilletjes veranderd worden? Welnee, er is unanimiteit van de regeringsleiders voor nodig en precieze omschrijving van waar het om gaat. En daarná nog goedkeuring in iedere lidstaat, in volle openbaarheid en democratisch. Wij kunnen het dan alsnog verwerpen als het te ver gaat. Niks achterdeur.

Het is wel opvallend dat Nederland een ander idee dat in de verworpen Grondwet voorkomt nu al maanden omarmt en bijna als een panacee behandelt: de ‘subsidiariteitstoets’ door de nationale parlementen in het voorstadium van de Europese besluitvorming, om overijverige regelgeving te voorkomen (en evenzo om nodige regelgeving te bevorderen). Ook columnist Ronald Plasterk wees er in Buitenhof van 14 mei weer eens op dat nationale parlementen in de Europese besluitvorming vroegtijdig hun verantwoordelijkheid moeten waarmaken. Maar er wordt zelden bij gezegd dat dat altijd al mogelijk en wenselijk was, maar dat het jaar na jaar is verwaarloosd.

Het is dan ook onzin om te beweren dat alles wat in die vermaledijde ‘Grondwet’ stond door de Nederlandse kiezer massaal is afgewezen. Bijvoorbeeld zeker niet dat de kleine(re) landen daarin een sterkere positie zouden hebben gekregen tegenover de grote, wat niemand meer schijnt te weten.

Maar wij moeten het nu tot nader order zonder een of andere grondwet doen. Het wordt tijd, dat de Nederlandse politieke klasse het referendumtrauma achter zich laat en kijkt waaraan het Europa van de vijfentwintig nu behoefte heeft. Zelfs Frankrijk heeft een voorzet gegeven: veiligheid. Merkel heeft energievoorziening en werkgelegenheid genoemd. Meer dan haar voorganger wil zij naar de ‘kleine landen’ luisteren. Maar dan moet zij wel een partner vinden die niet alleen over een dode grondwet, over enquêtes en subsidiariteit praat.

Drs. E.P. Wellenstein is oud-directeur-generaal van de Europese Gemeenschappen.

www.nrc.nl/opinie:- Artikel Europees avontuur is in gevaar-Artikel Pijpers: Statenverbond is oplossing voor EU-Artikel Van Schendelen: Een korte tekst, maar iedereen moet kleur bekennen