Global village

Al in de derde minuut van de Champions League-finale kreeg Frankrijk een kans die hij normaal gesproken nooit mist. Frankrijk kennen we als een koele afmaker, een slimme en briljante jongen van wie wordt gezegd dat hij volgend jaar Engeland inruilt voor Spanje. Maar tot ieders verbazing schoot Frankrijk van dichtbij tegen Duitsland op.

Zeven minuten later maakte Noorwegen zichzelf belachelijk. In plaats van de voordeelregel toe te passen en Frankrijk te laten scoren, floot hij voor een overtreding van Duitsland op Kameroen, waarna Duitsland kon inrukken. Engeland moest met tien man verder. Na een onbesuisde trap van Ivoorkust tegen een Nederlands dijbeen hield Noorwegen gek genoeg de rode kaart op zak. Noorwegen zag ook niet dat Ivoorkust zich een kwartiertje later opzettelijk liet vallen: vrije trap voor Engeland. Frankrijk nam hem en Engeland kopte hem lekker hard binnen. 1-0 voor Engeland, en dat met Duitsland in de kleedkamer.

Hoewel mijn favoriet Brazilië zijn jaarinkomen van 23 miljoen euro niet helemaal waarmaakte – tegenstanders als Mexico en Wit-Rusland, maar ook Ivoorkust hielden hem ver van hun voorheen Duitse, inmiddels Spaanse doel – had hij mij met een paar waanzinnige passeeracties kostelijk vermaakt.

In de rust zei Johan Cruijff dat Noorwegen bezig was de wedstrijd te vermoorden. Snapte ik niet. Ik genoot tot het einde. Mede door Noorse blunders gingen de twaalf overige landen er lekker tegenaan.

Twaalf, jazeker. De wereld die in de Champions League al haast een dorp is geworden, biedt meer spektakel dan de kritikasters willen toegeven. De meest voorkomende uitslag van dit soort finales is 1-0, zei de tv-commentator. Achterhaalde mededeling. 1-0 is een uitslag uit het tijdperk van de Europa Cup (1955-1992). In de eindstrijd om de veel verguisde Champions League (sinds 1993), waar het Grote Geld en trouweloosheid ‘het spelletje’ om zeep zouden helpen, wordt opvallend veel gescoord.

Steeds meer, zelfs. De laatste vijf finales werden in totaal vijftien doelpunten gemaakt, een gemiddelde van drie. De vijf finales daarvoor vielen er in totaal dertien, de vijf dáárvoor negen. Interessant: in de vijf finales daar weer voor, de laatste van die goeie ouwe Europa Cup, werd in totaal maar zes keer gescoord. Zes, jazeker. In deze periode van zakelijke belangen en vreemdelingenlegioenen komt het publiek wat doelpunten betreft steeds beter aan zijn trekken. Leuke periode, die jaren tachtig? Niet echt: vijf keer 1-0.

De conclusie is onontkoombaar. We moeten naar een toekomst met nog hogere salarissen en nog meer verschillende nationaliteiten per team. Arsenal had er woensdag acht, Barcelona zeven. Daar zit dus nog rek in.