‘Angstaanjagende salarissen’

Topmannen zoeken de luwte. Ze werken nu liever voor een niet-beursgenoteerd bedrijf. Dat zegt Daniel Mailand van Egon Zehnder, headhuntersfirma voor topmanagers. Het betaalt beter dan ooit.

Topman Daniel Mailand van headhuntersfirma Egon Zehnder. (Foto Roger Cremers) Nederland, Amsterdam, 25-04-2006 Daniel Meiland, CEO van Egon Zehnder. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Daniel Mailand zegt het niet expliciet. Maar de schandalen rond Enron, Parmalat en Ahold hebben Egon Zehnder, een headhuntersfirma voor topfuncties, de wind in de zeilen gegeven. „Wij doen nu wel zes keer zoveel zoektochten voor raden van commissarissen als daarvoor. Ze moeten onafhankelijker zijn. Er moet een betere mix van mensen komen zodat ze niet allemaal uit de kring van vrienden en bekenden komen. En dat allemaal dankzij de overregulering die ontstaan is na de boekhoudschandalen.”

Mailand is de topman van Egon Zehnder, een van oorsprong Zwitserse firma met 60 kantoren in 38 landen en circa 300 adviseurs. Tot oktober is de 62-jarige Deen de hoogste man bij het bedrijf dat zijn hoofdkantoor in New York heeft. De Brit John Grumbar neemt dan na veertien jaar leiderschap van Mailand het roer over.

Egon Zehnder is niet zomaar een headhuntersfirma, of, zoals de firma zelf zegt: geen high-speed headhunter. Het bedrijf bemiddelt uitsluitend bij de hoogste functies in het internationale bedrijfsleven. Zo haalde het in 2002 voormalig minister Hans Wijers naar Akzo Nobel en een jaar later de volstrekt onbekende Zweed Anders Moberg naar Ahold. Dit jaar volgde de Brit John Rishton als nieuwe financieel directeur van het supermarktconcern. Maar ook de benoeming van Jorma Ollila tot voorzitter van Shell, die daarvoor op 1 juni zijn hoogste baan bij Nokia inruilt, is het werk van Egon Zehnder.

Op zijn afscheidstournee doet de 62-jarige Mailand Nederland aan. Een diner met Nederlandse vennoten van de firma, een paar afspraken met Nederlandse topmanagers („nee, ik vertel niet met wie”) en dan snel het vliegtuig weer in. Zo reist de in New York wonende Deen naar eigen zeggen 280 dagen per jaar de wereld rond.

Dertig jaar geleden stapte Mailand in de headhunting. „In die tijd waren executive searchers mensen die ook iets te doen moesten hebben. Ik was zakenbankier. Misschien is het mijn geluk dat het bij de banken toen even niet zo goed ging. Ben je ooit een zakenbankier tegengekomen die gelukkig is? Ze kennen altijd wel iemand die nog meer verdient.” In 1992 nam Mailand de leiding over van oprichter Egon Zehnder, de Zwitser die in 1964 de firma in Zürich had opgericht.

Een paar jaar later werd het feest. Halverwege de jaren negentig brak in het mondiale bedrijfsleven een overnamewoede los en de jaren daarop begon de internet-boom. Bedrijven wilden sindsdien een bestuursvoorzitter met sterstatus – niet meer de saneerders van de recessiejaren daarvoor.

Het waren gouden tijden voor een bedrijf als Egon Zehnder, al heeft Mailand terugkijkend zijn bedenkingen. „In de ‘nieuwe economie’ werden bedrijven zó gedreven door de beurskoers, dat ze vroegen om mensen met charisma en fantastische communicatieve gaven. Het concept van aandeelhouderswaarde werd totaal gemanipuleerd. Je zag topmensen te veel speeches houden, te veel interviews afgeven, in te veel panels zitten. Maar ze vergaten hun bedrijf te managen.”

Een enkeling zag in dat een podiumdier niet tegelijkertijd een bedrijf kan leiden. „Michael Dell [van Dell Computers] is een goede operationele manager, maar zag dat hij er te weinig aan toe kwam”, vertelt Mailand. „Hij benoemde Kevin Rollins om de dagelijkse gang van zaken te leiden. Ik hield in die periode een toespraak waarin ik voorspelde dat als Carly Fiorina niet hetzelfde zou doen bij HP, zij binnen zes maanden weg zou zijn. Ik wist niet dat ze er een maand later al uitgegooid zou worden.”

Mailand zegt er niet van overtuigd te zijn dat bedrijven die Wall Street weten te behagen, de beste bedrijven zijn. „Ik ben meer een liefhebber van grote familiebedrijven zoals het Deense AP Möller Maersk, dat vorig jaar Nedlloyd heeft overgenomen. Over een periode van twintig jaar scheppen zij meer aandeelhouderswaarde dan beursgenoteerde bedrijven. Zij hoeven niet zo snel te groeien. Hun topmannen hoeven zich niet waar te maken in de zeven jaar die hun bij beursgenoteerde bedrijven zijn gegeven. En die zeven jaren worden eerder vier jaar.”

Sinds de boekhoudschandalen uitbraken, zijn bedrijven genezen van het verlangen naar charismatische leiders. En topmannen zelf zoeken ook liever weer de luwte. Ze bellen zélf de headhunters, omdat ze de ‘overregulering’ door de Sarbanes-Oxleywet in de Verenigde Staten en de Code Tabaksblat in Nederland beu zijn en liever willen werken voor een bedrijf dat niet beursgenoteerd is.

Daarvoor bestaan tegenwoordig kansen genoeg. Investeringsmaatschappijen bulken van het geld om bedrijven van de beurs te halen, zegt Mailand. „Tien jaar geleden zorgden bedrijven waarin private equity funds belangen hebben niet eens voor 1 procent van onze klandizie, nu is dat ergens tussen de 10 en 20 procent van onze omzet. Topmanagers willen graag voor ze werken, ook omdat het beter betaalt. De basissalarissen zijn hoger en het is aantrekkelijk omdat ze kunnen participeren. Het is soms angstaanjagend wat zij kunnen krijgen.”

Veel groei haalt Egon Zehnder ook uit China en India. „We werken voor westerse bedrijven die daarheen gaan, maar ook voor Chinese en Indiase bedrijven. In India werkten we na één jaar al meer voor Indiase bedrijven dan voor buitenlandse bedrijven die zich daar vestigden. Die Indiase bedrijven zoeken naar slimme Indiërs die terugwillen naar hun land nu er meer geliberaliseerd is en ze er hoge salarissen kunnen krijgen. Ik ben erg onder de indruk van de kwaliteiten van die Indiase managers.”

Naast het zoeken naar geschikte topmanagers doet Egon Zehnder meer en meer ook het checken van managers in de hoogste echelons. „Bijvoorbeeld omdat een nieuwe bestuursvoorzitter wil weten hoe zijn team is samengesteld en tot welke hoogte mensen kunnen doorgroeien. Maar dat is [voor ons] niet eenvoudig, daar heb je veel intuïtie voor nodig”, zegt hij. Het gaat namelijk daarbij niet zozeer om wat het IQ van een topmanager is, hoe intelligent hij is, maar of hij emotionele intelligentie (EQ) bezit. „Hoe je daarachter komt? Niet door met mensen te praten, je kunt veel faken. Maar door veel referenties. Wij willen bij voordrachten minimaal vijftien referenties hebben of iemand kan motiveren en inspireren, een teambuilder is. Die zoeken we niet op het moment dat een benoeming speelt. We houden voortdurend een database bij, waarin we verwerken wat mensen over elkaar zeggen.”

Wat gaat Mailand na zijn pensionering doen? Niet thuiszitten. Hij denkt nog 30 procent van zijn tijd aan „de firma” te besteden. Daarnaast is hij begonnen commissariaten aan te nemen. „Ik vond dat ik dat nooit kon doen. Maar ik ben nu net commissaris geworden bij Danfoss, de grootste Deense industriële onderneming.” Bovendien kan hij meer tijd besteden aan de vele startende bedrijven, waar hij zelf al jaren in investeert. „Ik haat het om daarover op te scheppen en praat er dus liever niet over. Maar ik heb in de laatste veertig jaar in zeker honderd bedrijfjes geïnvesteerd. Gewoon omdat ik het leuk vind.”

Hij heeft een goed voorbeeld: zijn mentor en beste vriend Egon Zehnder. „Egon is nu 76. Hij werkt nog elke dag. Hij vindt het veel te leuk om al te stoppen.”

    • Daan van Lent
    • Mark Houben