Tweede Kamer schiet tekort

Veel mensen hebben zich via e-mails en brieven gemengd in het debat over Ayaan Hirsi Ali. Hieronder een aantal reacties. Een selectie uit de overige mails staat op www.nrc.nl/opinie.

Waar gaat het in het veelbesproken arrest om?

Het debat in de Tweede Kamer over Ayaan Hirsi Ali had bedroevend weinig juridische kwaliteit. Aan de ene kant staat een minister die bij hoog en bij laag volhoudt dat de Rijkswet op het Nederlanderschap geen andere conclusie toelaat dan dat Hirsi Ali nooit Nederlandse is geweest. Deze minister is vervolgens zo dom om te zeggen Hirsi Ali de komende zes weken „nog gewoon Nederlandse is”, wat natuurlijk onmogelijk met haar eerste stelling te rijmen valt. Daartegenover staat de Kamer, die zonder kennis van zaken over hoe een en ander juridisch nu eigenlijk zit, de minister een interpretatie van de Rijkswet op wil dringen die niet verenigbaar lijkt met de rechtspraak van de Hoge Raad.

Want waar gaat het nu eigenlijk om in het veelbesproken arrest van dit rechtscollege? Een naturalisatiebesluit waarin valse of fictieve persoonsgegevens zijn opgenomen, identificeert – behoudens bijzondere omstandigheden – betrokkene niet, en heeft daarom geen rechtsgevolg. Een goede lezing van deze door de Hoge Raad geformuleerde regel, laat zien dat de minister niet op grond van ‘bijzondere omstandigheden’ met de hand over het hart kan strijken of iets dergelijks. De minister heeft daartoe geen vrijheid. De enige uitzondering die de ‘bijzondere omstandigheden’ mogelijk maken, is dat persoonsgegevens óndanks dat die vals of fictief zijn, de betrokkene tóch identificeren. Dat is dan ook het enige relevante verweer tegen het oordeel van de minister dat Ayaan Hirsi Ali op basis van deze jurisprudentie kan voeren. De Kamer lijkt zich niet te realiseren dat dit een feitelijke vraag betreft, die de minister geen beleidsruimte biedt. Nog gekker is het dat de minister vervolgens, dol van overlevingsdrift, een motie zegt uit te zullen voeren die de strekking heeft dat zij meer moet ‘heroverwegen’ dan zij zelf meent dat mogelijk is. Het lijkt mij overigens niet uitgesloten dat de minister afwijkt van het oordeel van de Hoge Raad, maar zij heeft met deze motie nu juist de opdracht gekregen én aanvaard om de ruimte die de Hoge Raad biedt te gebruiken, en díe ruimte is zoals gezegd uiterst beperkt. Het probleem bij een debat als dit, is dat de Kamer en de minister zich niet van tevoren een duidelijk beeld hebben gevormd over de juridisch-technische kant van de zaak. Antwoorden op juridische vragen (gaat het om een constatering of een besluit? welke interpretatieruimte laat de jurisprudentie van de Hoge Raad?) zouden niet gaandeweg het debat moeten worden gezocht, maar dienen uitgangspunt bij het begin van het debat te zijn. Dan pas zou de Kamer op niveau kunnen discussiëren met de minister over de vraag of zij bestuurlijk juist heeft gehandeld in deze tragische affaire.

Jan van der Grinten

Advocaat te Amsterdam en docent staats- en bestuursrecht Universiteit Leiden

Kamerdiscussie ging niet over de inhoud

De discussie in de Tweede Kamer ging niet over de inhoud maar met name over hoe het kabinet een hak te zetten voor eigen electoraal gewin. De oppositie toont zich hierin bijzonder hypocriet, de pot verwijt de ketel! De Kamer is als wetgevende instantie verantwoordelijk voor de asielwetgeving. De discussie zou dan ook moeten gaan over of het handelen van Verdonk klopt volgens deze wet of dat er coulance mogelijk is. Ook opmerkingen over een coulante wetgeving komen nu gratuit over, zeker gezien de reacties van partijen op voorstellen van Pim Fortuyn over een generaal pardon voor asielzoekers die al geruime tijd in Nederland zijn. Electoraal gewin blijkt belangrijker dan een inhoudelijke discussie.Vluchtelingen met goede capaciteiten en een sterke drijfveer zijn een zegen voor het gastland, hetgeen Nederland in de Gouden Eeuw heeft kunnen ervaren. Helaas, zoals The Wall Street Journal pijnlijk blootlegt, is deze rol als trekpleister van internationaal talent Nederland niet meer vergeven.

Ir. L.A. Westerling MBA

Bilthoven

Uit liever waardering dan muffe reacties

Van Doorn verbaast zich over het optreden van Hirsi Ali en de VVD (Opiniepagina, 17 mei). Hij vindt het roekeloos dat Hirsi Ali openhartig was over de onjuistheden in haar vluchtverhaal; hij vindt het risicovol dat de VVD zich daar in 2002 geen rekenschap van lijkt te hebben gegeven. Ten slotte vindt hij dat het allemaal al misging toen Hirsi Ali, gekozen met dertigduizend (voorkeurs)stemmen, duidelijk maakte dat ze een serieuze rol wilde gaan spelen op het gebied dat haar aansprak.

Kennelijk is Van Doorn van mening dat Hirsi Ali zich gedeisd had moeten houden, niet openhartig had moeten zijn, en al zeker niet ambitieus had moeten zijn. En de VVD had natuurlijk nooit met zo’n lastpak in zee moeten gaan. En hoe haalde ze het in haar hoofd om risicovolle, ja zelfs levensgevaarlijke dingen te zeggen en doen? Rustig aan, dan breekt het lijntje niet – dat lijkt de onderliggende visie van Van Doorn. Nu is politieke zelfmoord het gevolg, vindt hij. Ik verbaas mij over de benarde en benepen houding die hieruit spreekt. Wat als Galilei, Luther, Darwin zich zo hadden opgesteld? Don’t rock the boat?

Hirsi Ali heeft gedurfde meningen en spreekt ze luid en duidelijk uit. Ze komt openlijk uit voor gemaakte fouten, liever dan in hypocrisie te hopen dat niemand er ooit achter zal komen. Ze is zeer ambitieus en laat dat merken. De VVD nam ondanks een risico een briljante, dappere aankomend politica op in haar gelederen. Ze verdienen op al deze punten de grootste lof en waardering, in plaats van de muffe reacties van Van Doorn.

Was het overigens enige jaren geleden niet de PvdA die er voor terugschrok om met Hirsi Ali in zee te gaan?

Drs. D. A. den Bakker

Zeist

Met modder gooien is lelijk en beschamend

Ilja Leonard Pfeijffer is behalve columnist, dichter en schrijver ook classicus. Als classica schaam ik mij ervoor dat het verkeren met de klassieken op Ilja kennelijk geen beschavende of anderszins positieve invloed heeft (NRC Handelsblad, 17 mei). Immers, de kern van de zaak, Rita Verdonk wil scoren, lijkt hem helemaal te zijn ontgaan. Waarom nam Rita anders nú overhaast actie in een zaak die al jaren bekend was? Ik vind het niet mooi dat Ayaan op deze wijze vertrekt, maar lelijk en beschamend dat iemand die geacht wordt te kunnen nadenken op deze manier met modder gooit.

Dr. Minke W. Hazewindus

Leiden