Fraude door anesthesist ‘aannemelijk’

Het is ‘aannemelijk’ dat de Amsterdamse anesthesist J. Vranken heeft gefraudeerd bij wetenschappelijk onderzoek met terminale kankerpatiënten in het VU Medisch Centrum (VUMC).

Dat stelt de commissie Wetenschappelijke Integriteit Gezondheidsonderzoek (WIG) in een vertrouwelijk rapport. Vranken, nu hoofd van de Pijnpolikliniek van het Academisch Medisch Centrum (AMC) in Amsterdam, ontkent desgevraagd fraude te hebben gepleegd en zegt dat de commissie-WIG zich baseert op ‘onvolledige informatie’.

Anesthesist Jan Vranken zou in september 2002 promoveren op een proefschrift over een nieuwe methode van pijnbestrijding bij kankerpatiënten. Vlak voor de promotie beschuldigde VUMC-hoogleraar dr. Jaap de Lange Vranken van het verzinnen van patiënten. Vrankens ex-promotor prof.dr. Wouter Zuurmond stelde dat ook andere cijfers in het proefschrift niet konden kloppen.

Het AMC blies de promotie af en liet de beschuldigingen onderzoeken door ombudsman dr. Chiel Janse. Deze concludeerde dat Vranken niet gefraudeerd had met patiëntengegevens van het AMC, maar wel erg slordig te werk was gegaan. Of Vranken wel had geknoeid met patiëntengegevens in het VUMC, kon Janse niet nagaan omdat het VUMC hem geen toegang gaf tot de dossiers.

Het bestuur van het AMC besloot dat de anesthesist later alsnog zou mogen promoveren op gegevens van uitsluitend AMC-patiënten, zo lang de beschuldigingen van de VU-hoogleraren onbewezen waren. Na lang aandringen van het AMC gaf het VUMC de Utrechtse anesthesioloog prof.dr. Hans Kerkkamp begin 2004 opdracht te bekijken of de gegevens in Vrankens proefschrift te herleiden waren tot patiëntendossiers. Volgens Vranken waren 25 van de 85 patiënten afkomstig uit het VUMC, maar Kerkkamp kon er maar 13 vinden die mogelijk hadden deelgenomen.

Hij kon bovendien geen documenten achterhalen die aantoonden dat deze 13 daadwerkelijk betrokken waren bij Vrankens onderzoek. Kerkkamp stelde ook vast dat gegevens uit de VUMC-apotheek afweken van in het proefschrift genoemde cijfers, zoals ex-promotor Zuurmond beweerd had.

Het bestuur van het VUMC stuurde de bevindingen van Kerkkamp door naar de commissie-WIG. Deze oordeelde onlangs, zonder Vranken te horen, dat het „ontbreken van zoveel gegevens die alleen al op basis van patiëntenbehandeling aanwezig hadden moeten zijn”, een „duidelijke aanwijzing” is voor het plegen van wetenschappelijke fraude.

Vranken is „verbijsterd” over de gang van zaken. Hij zegt te kunnen bewijzen dat de zoekmethode van Kerkkamp onvolledig is geweest. „Deze procedure deugt niet. Ik erken dat ik slordig ben geweest, maar gefraudeerd heb ik niet.”

Vranken heeft intussen een nieuwe versie van zijn proefschrift af en staat, bijna vier jaar later, opnieuw klaar om te promoveren.

    • Frank van Kolfschooten