Effect onbekend van helft van wat de overheid doet

De Belastingdienst en de ministeries van Defensie en Onderwijs kregen op Verantwoordingsdag de meeste kritiek van de Algemene Rekenkamer.

Den Haag, 18 mei. - De jaarverslagen van de ministeries bevatten steeds meer informatie over doelen, prestaties en middelen, maar het kan beter. Er is met name meer aandacht nodig voor de voorzieningen en beveiliging op het gebied van informatietechnologie.

Dit schrijft de Algemene Rekenkamer in het rapport Rijk Verantwoord 2005, dat gisteren is gepresenteerd. De Rekenkamer beoordeelt in dit rapport de rechtmatigheid van de uitgaven van de rijksoverheid en geeft aan in hoeverre de doelstellingen van het beleid helder zijn en overeenkomen met de behaalde resultaten. Dit proces staat in Den Haag bekend als ‘Van Begrotingsbeleid tot Beleidsverantwoording’ (VBTB).

Verantwoordingsdag, de derde woensdag in mei, is de jaarlijkse tegenhanger van prinsjesdag, de derde dinsdag in september. Het gaat niet over de plannen en begrotingen, maar over een terugblik op de geleverde prestaties en de financiële afrekening van het afgelopen jaar. Vandaar dat op dezelfde dag het rapport Rijk Verantwoord door de president van de Algemene Rekenkamer en het Financieel Jaarverslag (zie inzet) worden gepresenteerd.

VBTB heeft bij lange na niet de status van de Miljoenennota. Dat komt, aldus Saskia Stuiveling, president van de Rekenkamer, onder meer omdat verantwoording over doelstellingen, prestaties en gebruikte middelen „heel erg lastig is”. Ze stelde gisteren wel vast dat de kwaliteit van de verantwoording omhoog gaat en dat de ministeries enorme inspanningen leveren, maar ook dat dit een proces van lange adem is. „Ik heb liever dat het traag en goed gaat, dan snel en fout”, zei Stuiveling.

Volgens de Rekenkamer was in 2005 sprake van voortgaande verbetering van de bedrijfsvoering van de ministeries. Over de rechtmatigheid van de uitgaven is de Rekenkamer positief. Van de 25 jaarverslagen die de Rekenkamer heeft bestudeerd, voldoen er 21. Bij de ministeries van Defensie (niet naleven van Europese aanbestedingsrichtlijn, 90 miljoen), VROM (onrechtmatige verplichtingen, met name bij de huurtoeslag, 251 miljoen), VWS (ondeugdelijke verwerking van voorschotten zorgtoeslag, 196 miljoen) en bij het BTW-compensatiefonds (157 miljoen) constateerde de Rekenkamer onregelmatigheden van samen bijna 700 miljoen euro. Op de uitgaven van het Rijk is dat niet meer dan 0,3 procent „Er zijn onvolkomenheden bij vier leerlingen en die zijn ernstig, maar er is geen sprake van rotzooi in de klas. De klas scoort als geheel een voldoende”, zei Stuiveling. De Rekenkamer heeft de overheidsuitgaven voor 2005 goedgekeurd. Het „totaal aan fouten en onzekerheden” is binnen de „tolerantiegrenzen” gebleven.

Niettemin signaleert de Rekenkamer concrete risico’s bij de Belastingdienst, Defensie en Onderwijs, die samenhangen met automatisering en onduidelijk geformuleerd beleid. Bij de Belasting-dienst gaat het om de opeenstapeling van taken. Defensie heeft moeite om de administratieve vraagstukken die samenhangen met reorganisaties in goede banen te leiden. Het ministerie van Onderwijs heeft „geen idee” wat de doelen zijn bij de terugdringing van het aantal vroegtijdige schoolverlaters, waardoor niet valt vast te stellen wat de positieve effecten zijn van extra geld.

Hoewel er volgens de Rekenkamer steeds meer informatie beschikbaar is, bestaat er nog altijd veel onduidelijkheid over de doelstellingen van het beleid. Van bijna de helft van het beleid voor 2006 is onbekend wat het maatschappelijke effect is. Hoe abstracter doelstellingen geformuleerd zijn – ‘het Midden-Oostenbeleid’, ‘het gebruik van de ruimte’ – des te lastiger valt vast te stellen of aan gestelde doelen wordt voldaan. Stuiveling: „We weten vrij goed wat we uitgeven, maar we weten veel minder waaraan en nog minder waarom.”

Op 22 juni verdedigen de premier en beide vice-premiers de gang van zaken over het jaar 2005. De fractievoorzitters moeten dan laten zien of zij de verantwoording van beleid net zo serieus nemen als het maken van plannen.

    • Roel Janssen