De echte sterren zitten in de jury

De storm over The Da Vinci Code is voorbij. In Cannes zijn de ogen alweer gericht op de overige films, zoals die van Ken Loach en Lou Ye.

De jury van het filmfestival van Cannes 2006, met op de voorste rij v.l.n.r: juryvoorzitter Wong Kar-Wai, Monica Bellucci, Tim Roth, Helena Bonham Carter. Achterste rij v.l.n.r: Samuel L. Jackson, Zhang Ziyi, Patrice Leconte, Lucrecia Martel en Elia Suleiman. (Foto AP) The Cannes Film Festival jury sits on stage inside the Festival Palace theater prior to the screening of "The Da Vinci Code," at the 59th International film festival in Cannes, southern France, on Wednesday, May 17, 2006. Front row from left are Chinese director and jury President Kar Wai Wong, Italian actress Monica Bellucci, English director and actor Tim Roth, and British actress Helena Bonham Carter. Back row from left are American actor Samuel L. Jackson, Chinese actress Ziyi Zhang, French director Patrice Leconte, Argentinian director Lucrecia Martel, and Palestinian director Elia Suleiman. (AP Photo/Kirsty Wigglesworth) Associated Press

Bas Blokker

Natuurlijk waren er kreten en gilletjes toen Tom Hanks, Ian McKellen, Paul Bettany en vooral toen de Fransen Audrey Tautou en Jean Reno („bravo Jean!”) de rode loper betraden, gisteravond bij de opening van het filmfestival van Cannes. Maar als aandacht van fotografen een betrouwbare indicatie is voor beroemdheid, dan zitten de echte sterren dit jaar in de jury. Er werd langer geflitst bij de persconferentie van de jury voor de Gouden Palm dan bij die van de langverwachte blockbuster The Da Vinci Code.

Er zaten – ook een beroemdheidssymptoom – drie juryleden met zonnebrillen achter de tafel, terwijl de sterren van The Da Vinci Code allemaal met open ogen de zaal in keken. Bij de jury zagen we de acteurs Samuel L. Jackson (zonnebril), Monica Bellucci (platgestreken haar en droeve blik), Helena Bonham Carter, Tim Roth (zo van straat geplukt in een zwart T-shirtje en spijkerbroek) en Zhang Ziyi. Ze werden geflankeerd door de regisseurs Lucrecia Martel (zonnebril, Argentinië), Patrice Leconte (Frankrijk), Elia Suleiman (Palestina) en de Chinese voorzitter Wong Kar-Wai (zonnebril) – veelvuldig in competitie in Cannes, onder meer met In the Mood for Love, maar nooit bekroond.

Het Franse dagblad Le Figaro onderstreepte vanochtend de verhoudingen nog even door een levensgrote foto van Monica Bellucci op de voorpagina te zetten en in het bijschrift terloops de première van The Da Vinci Code te melden.

Het helpt natuurlijk niet dat de blockbuster van regisseur Ron Howard – als openingsfilm hors competition – door de internationale pers is neergesabeld en de hype al na een dag lijkt te zijn overgewaaid.

Alle ogen zijn alweer gericht op de overige films, vooral op de competitie om de gouden palm. Vandaag zijn The Wind That Shakes the Barley van de Brit Ken Loach en Summer Palace van de Chinees Lou Ye.

Loach zet uiterst bedreven een drama tussen twee Ierse broers neer die eerst zij aan zij tegen de Britten vechten, maar na de wapenstilstand van 1921 tegenover elkaar komen te staan. Alles zit in de film, liefde, sociaal drama, haat en geweld, het werkt ook zeker, maar alles ligt ook wel heel erg netjes op zijn plek.

Summer Palace roept het beste van de Franse Nouvelle Vague in herinnering. Lou Ye zet een amour fou tegen de achtergrond van de maatschappelijke omwentelingen in China van eind jaren tachtig. Met een uiterst alerte camera vangt hij de dynamiek van een groepje studenten op de universiteit van Peking, dat uiteenvalt na de opstand rond het Plein van de Hemelse vrede in 1989. Bij hun latere ontmoetingen is van hun enthousiasme weinig over. Lou Ye toont zeer subtiel m de interactie tussen de stormen in hun persoonlijk leven en die in de grote wereld. Summer Palace is, tot verdriet van de Aziatische journalisten, na jaren van overvloed dit keer de enige Oosterse film in de competitie. Maar hij zal niet onopgemerkt blijven.

Voor meer Cannes-foto’s: zie www.nrc.nl/foto

    • Bas Blokker